Deze ;plaat zat in een leuk boxje 'Krautrock 3 Original Album set' met nog 4 andere groepen uit Duitsland begin jaren 70. Of het allemaal Krautrock valt nog te bezien. Popol Vuh zat er ook bij net 'Das Hohelied Salomos' , maar die heb ik al zowel op vinyl als cd. Maar eigenlijk heb ik het boxje (klein prijsje) voor deze plaat van Gina gekocht, want als ik kijk nar de personele bezetting is dat gewoon Popol Vuh (Conny Veit, Florian Fricke en Daniel Fichelser, enkel de zangeres Sabine Merbach heeft geen connectie met popol Vuh. Dus ik was razend benieuwd hoe dat klonk.
Gila heeft in 1971 hun debuut plaat gemaakt en in 1972 nog een live plaat. Conny Veit was misschien wel de leider van de groep en de muziek die ze maakte moet toch echt krautrock zijn geeest. Vernieuwend. Ik ken het niet, maar heb wel die twee platen besteld. Na de live plaat werd de groep opgeheven, maar in 1973 besloot Conny Veit de groep voor een bepaald project bij elkaar te roepen. Enkel ging het hier niet om deoude leden, maar Popol Vuh leden, waar hij zelf ook lid van was. En dan dus die zangeres. In hoeverre dit nog iets te maken heeft met Gila van 1971 en 1972 is nog maar de vraag. Toen zong met in het Duits, nu is het Engels en toen was het schte krautrock en nu is het meer folk achtig en lijkt soms erg veel op Popol Vuh. Iets wat ik helemaal niet vervelend vind.
Het is een concept album dat gaat over het lot van de inheemse Amerikanen toen de Europeanen Amerika 'ontdekte' en het continent innamen. Vandaar ook de titel 'bury my heart at wounded knee'. Voor alle duidelijkheid , het lijkt verder ook helemaal niet op Redbone.
Het is in het geheel geschreven door Conny Veit, enkel zijn zommige teksten geschreven door een zekere Dee Brown.
Het is vooral veel akoestisch en heeft veel overeenkomsten met de platen van Popol Vuh in de periode dat ze vooral christelijke thema's behandelden.
Gelukkig is het niet van die zogenaamde inheemse indianenmuziek die een aantal jaren geleden populair was. Als je de titels bekijkt was dat wel wat te verwachten. Enkel één nummer heeft wat indianengezang en trommles. Maar over het algemeen is het veel psychedelischer en sommige nummers of gedeelten zouden zo op een Popol Vuh album uit die tijd kunnen staan. Maar dat kan ook niet anders als er drie leden van Popol Vuh meespelen. Het gitaarspel van Conny Veit haal je er zo uit, natuurlijk het pianospel en de mellotron van Florian Fricke en ook het drumspel van Daniel Fichelsher.
Een verrassend album dat is het zonder meer en natuurlijk kun je je afvragen waarom een Duitse krautgroep hierover een plaat opneemt.
Maar al met al een verrassende plaat.