toch wel meer dan een tussendoortje. een krachtig, volwaardig album ( ondertitel: a collection of traditional & contemporary folk music) van Natalie Merchant, dat meer aandacht zou mogen krijgen. een album vol met liefdevolle, gloedvolle vertolkingen van veelal oude, soms obscure traditionals/folksongs grotendeels door haar gearrangeerd. de songs lijden niet onder overdadige arrangementen, zoals dat wel eens op haar latere albums het geval wil zijn. geen literaire teksten op dit album, maar simpele uit het leven gegrepen teksten, veelal over de strijd om het dagelijks bestaan, zoals die ooit in zware, verloren gegane tijden werden geschreven door gewone mensen. de schitterende ballad "Owensboro" is daar een goed voorbeeld van.
"Well, I lived in a town, way down south, by the name of Owensboro
and I worked in a mill, with the rest of the "trash"
as we're often called, as you know
well, we rise up early in the morning, and we work all day hard
to buy our little meat and bread, buy sugar, tea, and lard
well, our children grow up unlearned, with no time to go to school,
almost before they learn to walk, they learn to spin and spoon
well, the folks in town, they dress so fine, and spend their money free
but they would hardly look at a factory hand, who dresses like you and me"
"Crazy Man Michael" geschreven door Richard Thompson en Dave Swarbrick van Fairport Convention, krijgt hier een "kippenvel" uitvoering en doet wat mij betreft niet onder voor de versie met Sandy Denny. "Diver Boy" is een murder ballad met een huiveringwekkende tekst dat gevolgd wordt door het tedere "Weeping Pilgrim". "Bury Me Under The Weeping Willow", de 1e song die de befaamde Carter Familiy ooit opnam en terug dateert naar 1928, krijgt hier een schitterende folk/bluegrass uitvoering. "Down On Penny's Farm" gaat gepaard met een aanstekelijke melodie, waardoor je bijna vergeet dat het lied verhaalt over het uitbuiten van arbeiders. de welbekende hymne "Poor Wayfaring Stranger" is een waardige afsluiter van dit gevarieerde album. het album werd opgenomen in de Bearsville Studios, Woodstock, New York en door Natalie Merchant zelf geproduceerd. prominente muzikanten op dit album zijn Richie Stearns (banjo) en Judy Hyman (fiddle), die vroeger in een band zaten genaamd "The Horseflies", en ooit een bescheiden hitje scoorden met het nummer "Hush Little Baby". al met al een niet te onderschatten album dit "House Carpenter's Daughter".