MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Klaus Schulze - La Vie Electronique 1 (2009)

mijn stem
4,00 (5)
5 stemmen

Duitsland
Electronic
Label: Revisited

  1. I Was Dreaming I Was Awake and Then I Woke Up and Found Myself Asleep (24:51)
  2. The Real McCoy (12:54)
  3. Tempus Fugit (26:24)
  4. Dynamo (14:19)
  5. Interview 1970 (0:24)
  6. Traumraum (31:36)
  7. Study for Brian Eno (7:20)
  8. Cyborgs Traum (39:15)
  9. Die Kunst, Hundert Jahre Alt zu Werden (1:04:09)
  10. Study for Terry Riley (5:08)
  11. Les Jockeys Camouflés (8:03)
totale tijdsduur: 3:54:23
zoeken in:
avatar van Gerards Dream
4,5
Dit album onlangs besteld. Ben erg benieuwd na wat ik te horen krijg bij de eerte track. Die is erg origineel en bovenal erg grappig.

avatar van Gerards Dream
4,5
Van Klaus Schulze zijn door de jaren heen diverse sets van cd's uitgekomen in een gelimiteerde uitgave. Een behoorlijke dosis muziek in eens die niet voor een ieder beschikbaar is dus. Om dit gat enigszins te dichten is daar de serie La Vie Electronique voor in de plaats gekomen. Wat gelijk opvalt is de verpakking van de cd’s, een fraai karton geval met mooie foto's en een informatief boekje geschreven door Klaus D. Müller de manager van Schulze laat maar zeggen. Kortom: op het oog ziet het er goed uit.

Door de jaren heen heeft de muziek van Klaus Schulze zich duidelijk ontwikkeld van erg zwaar tot zaken met een groove die mijn geest als het ware uit mijn lichaam deden komen, om vervolgens het hele universum voorbij te zien komen. En bij het luisteren na de serie La Vie Electronique lijkt het wel of er een geschiedenisboek open gaat van een legende uit de elektronische muziek.

Al bij het lezen van de naam van de eerste track kon ik een lach niet onderdrukken. Je moet er maar opkomen om een muziekstuk de naam te geven I Was Dreaming I Was Awake and Than I Woke Up and Found Myself Asleep. Wie met dezelfde lach dit nummer gaat beluisteren komt bedrogen uit. Het is muziek uit wellicht de zwaarste periodes van Klaus Schulze, de tijd van Irlicht. Wel is het hier zo dat ik hier meer muziek in hoor waardoor een migraine aanval uitblijft. In gedachte zie ik Klaus Schulze zitten bij een groot kerkorgel en bezig is voorzichtig de registers te verkennen. Gevoelmatig zit het voor mij in de buurt van het album Timewind, maar dan zonder de opzwepende drive die daar in zit. Een fraai uitgesponnen compositie in de jaren zeventig stijl van de vorige eeuw. De drie delen van dit stuk vliegen dan ook zo voorbij. The Real McCoy begint met geluiden die me een gevoel geven ver in het universum te zijn. Het is bijzonder te noemen met hoe weinig geluid Schulze me bij de les weet te houden. Als na de kosmische klanken het orgel in beeld komt krijg ik het gevoel of ik boven een altaar vlieg om vervolgens toch opnieuw in een bijzonder deel van het universum terecht te komen. Heel in de verte hoor nog iets wat me aan Ash Ra Tempel doet denken, niet vreemd, want Klaus Schulze was daar een van de leden van. De dikke 12 minuten vliegen dan ook voorbij alsof het een warme deken is. Wel gebied me de eerlijkheid te schrijven dat dit wellicht niet aan te raden is om met het werk van Schulze kennis te maken. Aan het eind van het stuk heb ik het gevoel of ik in ijle lucht ben terecht gekomen.

Het tweeluik Tempus Fugit begint met zware orgelklanken en doet wat droef aan. Voor mijn gevoel zit ik dan ook bij cerimonie waar voor altijd afscheid van iemand wordt genomen. Qua geluid doet het denken aan Irlicht, maar dan minder koud er is hier zelfs sprake van warmte in de compositie. Het eerste deel van dit tweeluik is dan ook te snel voorbij, ook al blijft de stemming droef. Het tweede deel van Tempus Fugit, The Age of Schopping, trekt die droeve sfeer door. Iets in mijn gevoel zegt dat hier nog mooi woorden worden vertelt over degene waar afscheid van wordt genomen. Plechtige muziek vol van symboliek en heerlijke klanken uit de oude elektronica winkel. Aan het eind van het stuk muziek zie ik dan ook droeve mensen naar buiten lopen, nog denkend aan wat er gezegd is, terwijl de organist gepaste muziek ten gehore brengt.

Dynamo begint een tikje experimenteel met het geluid of een band net door de bandrecorder is geweest en nog wat tegen het aparaat slaat. Even is daar een zware toon en wordt de zaak een tikje experimenteel, maar door het herhalende geluid van die band begin ik langzaam in een soort hypnose te raken. Het einde van deze track doet me wat denken of er losse stenen van een berghelling afkomen, waarna het lijkt of ik in een gebied terecht kom waar het leven nog moet beginnen. Mooie orgelklanken op een bijzonder ritme. Met een kort stukje uit een interview met Klaus Schulze komt de eerste cd uit deze set ten einde.

De tweede plaat uit deze set begint met het vierluik Traumraum. Het eerste deel Mit Jungen Augen begint een tikje duister totdat de ruimte even gevuld worden met heerlijke bassen, waarna er een verstilling in de muziek plaats vindt. Het geeft een gevoel van weg van de materie te zijn. Oude kosmisch tijden herleven als het ware. Muziek zoals ik die graag van Schulze hoor. De maatschappij lijkt niet meer te bestaan en rust vult de kamer. Heel langzaam lijkt het of er een tikje spanning is het stuk komt, maar dat is maar schijn. Het tweede deel, Es is Abend, begint met geluiden van ver uit de ruimte. Voor mijn gevoel ben ik dan ook lichtjaren van de aarde verwijdert en enkel het fonkelen van de sterren doet mij beseffen dat ik leef. Qua muziek hoor ik in eerste instantie veel laag, maar gaande weg worden de klanken steeds ijler waardoor het aanvoelt of de zwaartekracht ontbreekt. Af en toe zijn er daarna wat bassen te horen die bij mij een beeld oproepen van brokstukken die voorbij komen. Een mooie compositie dus in de jaren zeventig stijl van Klaus Schulze. Het deel Ob Es Regent begint met geuiden die aan dun glas doen denken. Hierna lijkt het wel hoe vreemd het ook klinkt of er een vredige onweersbui langs komt. Geen stress dus en genieten van hoe de bliksemschichten de aarde bereiken. Subtiele elektronische muziek in optimale vorm. Aan het einde keert de rust weder en lijkt het of de bui een stuk verder naar benenden valt. Het deel een Heißer Tag roept bij mij al snel een beeld op van spiegelingen boven gloeiend heet asfalt midden in een woestijn. Het verdere verloop van dit stuk versterkt dit beeld nog eens. Hiermee komt er een bijzonder mooi einde aan het vierluik Traumraum.

De titel Study for Brian Eno doet me denken of Schulze Eno naar huis stuurt met een portie huiswerk. Qua muziek doet het inderdaad wat denken aan ambient. Voor mijn gevoel zit ik op een groot plein waar de ruimte middels klanken wordt vormgegeven. Bijzonder dus, en daarnaast erg rustgevend. Muziek om te gebruiken om alle stress van je af te spoelen of om heerlijk op te zweven.

Het album met de titel Cyborg is een van de zwaarste albums van Schulze. Met andere woorden toen ik de titel Cyborgs Traum zag deed dit het ergste vermoeden. Maar niets is minder waar. Het eerste deel, Fuzzy Logic, begint erg rustgevend, hierdoor lijkt het wel of Schulze me in trance wil brengen. Rustgevende muziek vult subtiel de ruimte en als ik de ogen zou sluiten ben ik ver van hier. Gaande het stuk kom ik steeds losser van de materie. Het tweede deel, Hasten Slowly, begint een tikje zenuwachtig wat toe te schrijven valt aan een vreemd ritme, maar zodra dit achter de rug is gaat de bijzondere reis verder. Klanken die uit de jaren zeventig van de vorige eeuw hadden kunnen komen vullen aangenaam de kamer. Hier is de meester goed bezig. Het deel Feed Your Head had qua titel een hoofdstuk kunnen zijn in een boek over psychologie, hier is het aangenaam voer van rustgevende klanken die de oren bereiken en me een gevoel bezorgen op een luchtbed door het universum te zweven. Voer dus om het hoofd eens lekker leeg te maken en zodoende de dagelijkse beslommeringen te doen vergeten. Lekker wegdrijven op buitenaardse klanken. Electric Dreams sluit dit vierluik waardig af. Fraaie ruimtelijke klanken stromen uit de luidsprekers en geven daarmee een gevoel van ver van de bewoonde wereld te zijn. Daarmee komt de tweede cd van deze set op een mooie wijze ten einde. Heerlijk borrelde geluiden vloeien door de kamer.

Deze set begon al met een grappige titel, maar een titel als Die Kunst Hundert Jahre Alt zu Werden doet daar niet voor onder. Deze compositie van een zeer dik uur begint heerlijk kosmisch. Het eerste subdeel Frülicht is voorbij voordat ik er erg in heb. Het volgende subdeel Etude Pour Une Fin du Monde trekt die fraaie sfeer door, waardoor de eerste indruk van de derde cd een aangename kennismaking is. De overige zeven subdelen trekken de goede lijn verder door. Het is goed te horen hoe Klaus Schulze bezig is een bijzondere kosmische reis te vertalen in muziek de me aan de luidsprekers doet kleven. Wellicht is het nog wat zoekend maar gevoelsmatig heb ik het idee dat het met liefde is gemaakt. Het is dus goed dat het niet op een plank is blijven liggen, maar zijn weg heeft gevonden naar dit album.

En dan is er al het nodige moois voorbij gekomen het afgelopen dikke uur die het stuk Der Kunst Hundert Jahre Alt zu Werden duurt en dan zijn er nog twee toegiften te vinden op deze derde schijf uit deze set. Study for Terry Riley begint met heerlijk laag, even lijkt het of Klaus Schulze zoekende is, maar eenmaal opgang volgt iets wat aan de gouden tijden van de beste man doet denken. Wat blijft het toch lekker klinken die orgelklanken op een bed van geluiden uit de sequencer. Het mag dan erg met de jaren zeventig van de vorige eeuw verbonden zijn, maar het blijft wel staan als een huis. Wel is het tikje jammer van de valse noot die er is te horen. Met een aanstekelijk ritme begint Les Jockeys Camouflés een heerlijk stuk muziek waar het moeilijk is om op stil te zitten. Daarnaast zou het mooi de beelden kunnen versterken van een film die over het oerwoud gaat.

Ja, en dan kan ik slechts tot de conclusie komen dat La Vie Electronique 1 een bijzonder album is uit een reeks die laat horen dat Klaus Schulze wel dagelijks bezig moet zijn met het maken van muziek. De drie cd's vlogen voor mij voorbij alsof het er één was. En die valse noot neem ik op de koop toe.

avatar
tangmaster
Als ik het stuk van Gerard lees moet dit een meesterwerk zijn. Maar wie zijn oren open zet zal een lading oude tapes voorbij horen komen uit de eind jaren zestig en begen zeventig, komt nog bij dat alle titels op dit album verzonnen zijn door Klaus D. Mueller manager van Klaus (nu overigens niet meer.) Alle tracktitels komen uit de jaren negentig. En wie Cyborg kent zal de track Neuronengesang bij opening van CD 1 onmiddelijk herkennen. Verders krijg je een opeenhoping van veel van het zelfde over 3 cd's verdeeld. Improvisaties van hier tot Tokyo die zouden lijden tot uiteindelijk het verschijnen van Irrlicht en Cyborg. Interresante uitgave voor wie van de oude muziek van Schulze houdt, maar voor vele zal dit een zware kluif zijn.

avatar van Gerards Dream
4,5
En ook al is het her en der archiefmateriaal wat er te horen is, het is toch de Klaus Schulze zoals ik hem het liefst hoor. Ja, het is inderdaad niet de makelijkste muziek, maar dat geldt denk ik wel voor het hele oeuvre van de beste man. Niet muziek om vrolijk op te dansen, maar als een warme gloed over je heen te laten vloeien.

avatar
tangmaster
Tja voor ons is dit juist goed te behappen

avatar van CorvisChristi
4,5
CorvisChristi (crew)
Het begin van een lange, lange reis. Eentje door de wondere muzikale wereld van Klaus Schulze, één van de meest grensverleggende pioniers van de elektronische muziek.

De La Vie Electronique-serie is de spectaculaire her-uitgave van Klaus Schulze - Ultimate Edition (2000). Verspreidt over 16 volumes (volume 16 gaat eind mei 2015 verschijnen is de bedoeling), plus nog extra onuitgebracht materiaal, is dit dé kans voor iedere Schulze-fan om alsnog op deze manier deze geweldige en unieke muziek te ontdekken. Gezien The Ultimate Edition alweer jarenlang out-of-print is en alleen voor héél véél geld nog her en der te bemachtigen valt, is het La Vie Electronique-project hét ultieme (en betaalbare) alternatief voor iedere Schulze-fan.

De eerste CD van La Vie Electronique 1 begint met een iets andere versie van “Neuronengesang” die later op Cyborg terecht zou komen. Over Cyborg heb ik me al uitvoerig uitgelaten, dus ik sta niet opnieuw stil bij dit stuk muziek, behalve dat ie ook in deze vorm briljant is en voor de verandering een andere titel met zich mee heeft gekregen (een heel originele welteverstaan). Daarnaast is ie opgesplitst in drie delen, maar alle drie gaan ze ongemerkt in elkaar over.

“The Real McCoy” is zondermeer magnifiek. Het is een stokoude compositie die ergens tussen 1968 en 1971 gemaakt is. De combinatie van meeslepende orgelklanken in combinatie met bij vlagen spookachtige geluidseffecten werkt zeer effectief. Naar het einde toe, worden de orgelklanken wat kabbelender, veranderen de effecten in klanken die voor een soort percussie door moeten gaan en is er even zelfs wat gezang te horen! Wat dat betreft een briljant en inspirerend nummer die met 12 minuten eigenlijk veel te kort duurt.

Wederom is “Tempus Fugit” een hele oude compositie die zo maar eens uit eind jaren ’60 afkomstig zou kunnen zijn. De orgelklanken worden zwaar ingezet als het nummer opent. Maar wat een majestueuze, mooie opening is het. Niet veel later komt er een orgel-solo tot leven die de muziek, ondanks dat deze zwaarmoedig klinkt, een imposante kracht met zich mee geeft. Prachtige en tegelijkertijd zwaar aangezette akkoorden zorgen ervoor dat de muziek tot grootse proporties aanzwelt, ondanks dat het instrumentarium van Schulze hoogstwaarschijnlijk in die tijd zéér beperkt moet zijn geweest. Het is dan ook behoorlijk verbluffend te noemen wat Schulze hier letterlijk ten toon spreidt. Het klinkt zo allemachtig imposant en dan heb ik het ook nog niet eens gehad over de productie die werkelijk kristalhelder is! Concreet is “Tempus Fugit” een ware orgie aan orgelklanken, maar het is heerlijk om naar te luisteren.

“Dynamo” is materiaal wat zo rond 1970-71 aan het brein van Schulze moet zijn ontsproten. Het klinkt zeer minimalistisch en kosmisch, maar vooral heel impressionistisch en vooruitstrevend. Zodra de orgelklanken hun intrede doen, wordt het wat toegankelijker. Opvallend is het tweede helft van het nummer als een drumsectie zijn intrede doet, ondersteund door de kalme, kabbelende en ritmische begeleiding op wat zomaar eens een gitaar of basgitaar zou kunnen zijn. Het tweede deel zou daardoor zomaar door kunnen gaan voor een portie sfeervolle, redelijk subtiele, maar toch ook onvervalste krautrock.
“Dynamo” is in ieder geval ook weer een essentiële muzikale schets van waar Schulze allemaal toe in staat was in zijn beginperiode.

De eerste CD eindigt met een kort fragment van een Schulze-interview afgenomen ergens in 1970.

De tweede CD opent met “Traumraum”. Een mooi klanken-palet opent dit nummer en het duurt niet lang of vertrouwde orgel-klanken zorgen dat het nummer een structuur met zich mee krijgt. Het timide en dwalende karakter wat de muziek dan met zich mee krijgt in combinatie met de dragende orgelklanken, is heel mooi te noemen. Op een gegeven moment vind er een omslag plaats en zijn er veelzijdige, maar toch ook wel behoorlijk onrustbarende klanken te horen. Het is pure, experimentele elektronica wat de klok slaat, totdat een pulserende grondtoon in combinatie met lage, sombere orgelklanken weer wat vorm in de compositie brengt. Uiterst sfeervolle, op de achtergrond sluimerende, tinkelende klanken zorgen voor wat licht in deze vrij duistere en grimmige impressie van experimentele genialiteit. Als er langzamerhand vervorming in de muziek optreedt tezamen met de eenzame klanken van een, bij vlagen, eveneens vervormde gitaar, is het net alsof ik naar de soundtrack van een koortsdroom aan het luisteren ben. Dit mag met recht erg abstract, bij vlagen behoorlijk grimmig, maar tegelijkertijd uiterst boeiend en meeslepend materiaal genoemd worden!!

Qua tijdsduur mag “Study for Brian Eno” als tussendoortje beschouwd worden, maar qua muzikaal gehalte niet! Dit is zeven minuten lang Klaus Schulze op z’n best. Schitterende, sfeervolle geluiden uit de oude synths van weleer zorgen voor een impact die zondermeer doeltreffend genoemd mag worden. Dit is subliem materiaal uit een lang vervlogen tijd: magisch, futuristisch, inspirerend.

“Cyborgs Traum” is een vervolgzetting van de orgel-experimenten die Klaus Schulze gemaakt en opgenomen heeft in de vroege jaren ’70. In dit geval (volgens de info in het boekje) zo rond 1972, het jaar waarin het debuut Irrlicht verscheen. De orgel domineert, maar vreemde, bijna ritmisch aandoende synth-klanken (die wel een beetje lijken op degenen die voor een groot deel het album Picture Music overheersen), zorgen voor opvallende bijval. Geïmproviseerd, redelijk subtiel drumwerk zorgt voor bijval als de orgelklanken meer beginnen te domineren en kabbelend gitaarwerk de ritmesectie beginnen te ondersteunen. Langzamerhand begint de muziek ook wat meer aan kracht toe te nemen als de orgel levendiger en de ritmesectie nadrukkelijker gaat klinken. Rond de twintigste minuut vind er een omslag plaats als een zoemende, deinende grondtoon in combinatie met een mengelmoes aan bliepjes en piepjes zich aankondigt en eenzame orgelklanken proberen boven de vreemde brei aan klanken uit te komen. Het zorgt voor een vreemde, ongrijpbare en ergens toch ook wel beklemmende sfeer. Op een gegeven moment wordt het gezoem en de bliepjes die klinken als de geluiden van een zwerm buitenaardse insecten luider en lijkt de compositie in zichzelf te verdrinken als een pure, experimentele brei aan klanken het overneemt. Uiteindelijk valt er in deze krankzinnige kakofonie (hier overigens positief bedoeld!) een rustige orgelsectie te horen die langzaam maar zeker de bizarre aaneenschakeling aan vreemdsoortige geluidseffecten tot rust laat komen. Op een gegeven moment komt de grondtoon ook weer tot leven en verdwijnt de orgel weer naar de achtergrond om weer plaats te maken voor een excentrieke oersoep aan synth-klanken.
Zondermeer één van de meest abstracte schetsen die Schulze wellicht ooit opgenomen heeft, is “Cyborgs Traum” absoluut zware kost te noemen. Maar het is het degelijk waard, als je eenmaal een klik met deze vorm van muziek hebt gemaakt. Een klik die overigens absoluut nodig is, om dit te kunnen waarderen. Is die klik er niet, dan is dit gewoon niet te bevatten.

“Die Kunst, Hundert Jahre Alt zu Werden” is als het ware een ruim een uur durende, muzikale schets, ontsproten uit het brein van een man die, in de periode dat dit gemaakt werd, net op het punt stond, zijn ambitieuze debuut-album Irrlicht op de wereld los te laten. Het is behoorlijk imposant te noemen, dat Schulze rond die tijd uren en uren aan onuitgebracht werk had opgenomen, die heel persoonlijk en puur voor eigen belang bedoeld waren. Hoe geweldig is het dan ook, dat de beste man op een gegeven moment besloot, al dit materiaal uit te brengen.
Een uur lang laat Schulze datgene horen wat weliswaar eerder op deze box-set te horen is geweest, maar wel heel lekker klinkt: voornamelijk typerende orgelklanken en vreemdsoortige synth-effecten in combinatie met een kabbelende ritmesectie bestaande uit in het begin drums en gitaar en veel later weer gitaar. En hoe primitief en kleinschalig dit dan ook in verhouding mag klinken, het is van zeer grote invloed geweest voor de basis die uiteindelijk tot de eerste 2 platen van Schulze zou leiden. En zonder deze experimentele prologen, was het er misschien niet eens van gekomen.
De twee opvallendste stukken die de grootste aandacht opeisen zijn het extreem lange orgelstuk die op den duur steeds krachtiger en meer hypnotiserend gaat klinken en redelijk vlak aan het einde van het nummer in combinatie met een kabbelende (bas)gitaar weer terug komt. Maar ook het stuk waar een prachtige, rustig kabbelende gitaar voor een aangename achtergrondbegeleiding zorgt, terwijl zoemende en bubbelende geluidseffecten voor een onaards effect zorgen, is zeker het vermelden waard. Het is vooral dát stuk, waarin ik ook een Schulze hoor, zoals deze later op Blackdance te horen valt, gezien hij daar ook weer teruggrijpt op de gitaar.
Het slot van deze mammoet van een track bestaat uit een minutenlang aanhoudende, zoemende grondtoon, waaroverheen naargeestige effecten uitgestrooid worden. Een eenzame gitaarlijn zweeft op de achtergrond, maar verdrinkt uiteindelijk in de brei van geluidseffecten terwijl orgelklanken op de kille achtergrond nog even van zich laten horen, terwijl de grondtoon langzaam wegsterft.

“Study for Terry Riley” zet me meteen weet met beide voeten aan de grond en is een orgel-extravaganza van jewelste. Een zoemende orgel-sequencer knalt er in en even later is er een heerlijke orgel-solo te horen. Kort, maar krachtig en erg interessant om naar te luisteren.

Het eerste deel van LVE 1 eindigt uiteindelijk met “Les Jockeys Camouflés”, een compositie die toch erg als basis lijkt te hebben gediend voor “Waves of Changes” van Blackdance. Vanwege het exotisch klinkende percussiewerk ademt het nummer sowieso een compleet andere sfeer uit dan de rest van de muziek verspreidt over deze compilatie.

Dit eerste LVA-album, verspreidt over drie CD’s, bevat een indrukwekkend overzicht van de grondbeginselen van een pionier die later een compleet eigen stijl binnen het genre zou ontwikkelen. Het is misschien wat teveel van het goede, bijna vier uur lang veel van hetzelfde, maar toch is het een essentieel album die geen enkele liefhebber van Schulze links zou moeten laten liggen. En laten we niet vergeten dat in de tijd dat deze muziek gemaakt werd, Schulze over een zeer beperkt instrumentarium bezitte en de synths al helemáál beperkt waren (of er geheel niet waren). Want laten we eerlijk zijn: zonder deze muziek hadden Irrlicht en Cyborg wellicht lang niet zo imponerend en vooruitstrevend geklonken. Wat…? Wellicht waren ze er nooit geweest!

Kortom: LVE 1 is een heel erge aanrader en is de meest gemakkelijke (en tegenwoordig raadzame) manier om deze oude, exclusieve muziek van Schulze in huis te halen!!

avatar
Misterfool
Irrlicht en Cyborg zijn twee van mijn favoriete albums van Schulze. Het leek me dan ook geen slechte stap om deze collectie 'oude tapes' eens te beluisteren. Mijn mond viel open van verbazing. Menig nummer op dit album is gewoon even goed(en soms zelfs beter!) dan de nummers op zijn eerste twee albums! Tempus Fugit, Dynamo en Die Kunst, Hundert Jahre Alt zu Werden horen namelijk bij het beste werk van deze electronica-godfather!

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 08:40 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 08:40 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.