Met: Charles Brackeen (tenor saxofoon), Don Cherry (cornet), Charlie Haden (bas), Ed Blackwell (drums)
Ja dit is weer een Strata East, volledig naar mijn hart. Nummertje 4 in de geweldige Dolphy series en wat ben ik weer blij dat ik ook deze weer op nieuw glanzend vinyl heb. Freejazz binnen heldere kaders in de traditie van Ornette Coleman.
Oké, de band bestaat ook wel uit drie van mijn absolute favorieten... Ed Blackwell die met zijn multipolyfone superdrums zelfs de meest gestoorde freejazz nog van een heldere basis kan voorzien, Charlie Haden met zijn donkere en oosterse baslijnen en Don Cherry in zijn hoogtijdagen (voor mij dan) voordat hij de fusion en new age in dook. Afijn u had het zelf waarschijnlijk ook al gezien: het is eigenlijk gewoon 3/4 van de groep van Ornette Coleman. Is deze muziek dan heel veel anders? Ja en nee. Ja vanwege de band en daarmee diezelfde gave sound, nee omdat Charles Brackeen gelukkig een op zichzelf staand individu is.
Charles Brackeen dus... ik kende die gast niet maar spelen kan hij. En hoewel hij alle kanten op duikt is hij verre van onbeluisterbaar. Sterker nog: de keiharde overblows en piepen en knorren blijven grotendeels achterwege. Brackeen is van het type saxofonist die het binnen de kaders van zijn instrument zoekt. En over de baslijnen van Haden en Blackwell's geweldige drums kun je heel ver gaan. En over die ondergrond strooit Brackeen zijn solo's. De thema's zijn Colemanesk maar qua solo's heb je toch met een hele andere saxofonist te maken. Dit is echt wel freejazz maar voor een licht geoefend oor is dit best toegankelijk.
Nog even apart wil ik Don Cherry vermelden. Cherry in combinatie met Blackwell op drums is vrijwel altijd pure magie, zo ook hier. Wat een geweldige trompettist en wat jammer dat hij een andere richting in sloeg (of misschien hoe goed, maar das minder mijn kopje thee) want in dit soort settingen is hij zo goed. Hij straalt een enorme rust uit maar klinkt tegelijkertijd soms bijna hysterisch. Ik ken geen enkele trompettist die zo de hoge registers van de trompet in kan duiken.
Wederom een geweldig freejazzdocument uit de jaren '60. En wat is het dan toch jammer dat zoveel mumer's blijven hangen bij Ornette Coleman. Want als Coleman je boeit, dan doet Brackeen dat ook. De rest van deze saxofonist ook maar op de 'te beluisteren' lijst gezet
