Latimore heeft voor zijn derde album een stel soulvolle nummers bij elkaar geraapt die allen duidelijk sporen vertonen naar (de) blues. Dat is helemaal geen probleem overigens, aangezien Latimore zijn stem zich leent voor zowel de soul als voor de blues. Hoewel het grootste gedeelte van het album van behoorlijke kwaliteit is, weet zijn semi-klassieker Keep the Home Fire Burnin’ -#5 hit in de R&B-Charts van de Verenigde Staten in 1975- het sterkst de aandacht te trekken. Wellicht omdat alles aan dat lied zo mooi is: de tekst, de instrumentatie, de melodie en niet in de laatste plaats Latimore's stem. Toch staat er ook veel ander leuk materiaal tussen. There’s a Red-Neck In the Soul Band heeft niet alleen een geinige tekst maar ook nog eens 'n lekkere funk-inslag. en doet denken aan bepaalde nummers uit het repertoire van Wild Cherry, terwijl ballad Are You Where You Wanna Be met de instrumentatie lijkt te zijn weggelopen uit Memphis (met zijn southern soul-aanpak, al past hij ook prima in de straat van Miami-soul; de plaats waar Latimore vandaan komt). De afsluiter She Don’t Ever Lose Her Groove heeft - net als “zij” - trouwens een fijne rustige groove, en hij produceert dan ook een heerlijk relaxed geluid voort. Ook één van de betere nummers naar mijn mening. Mindere nummers kent Latimore III niet, al heeft het grotendeels gesproken Ladies Man het minst het vermogen om te blijven boeien - de lange speelduur speelt daarin (ongetwijfeld) ook een rol. Verder is dit gewoon een hele goede plaat.