Braziliaan Amon Tobin en Brit Joe “Doubleclick” Chapman zijn producers en DJ’s die vooral elektronische muziek maken. In 2009 besloten beide heren om hun gedeelde liefde voor electro een eigen geluid te geven op een gezamenlijk album. Op dat moment is het producerduo Two Fingers geboren, dat een scala aan muziekstijlen combineert en zodoende muziek maakt met een speciale sound. De voornaamste stijlen zijn hiphop, dubstep en grime, waarnaast zijn ook Spaanse gitaren en oosterse snaarinstrumenten als de sitar te herkennen in de beats. Voor het debuutalbum, dat geen titel heeft, is grime/hiphop rapper Sway Dasafo uitgenodigd om de beats van vocalen te voorzien. Naast Sway moeten ook gastartiesten Ce’Cile en Ms Jade de producties een extra dimensie geven.
Op de cover staat ‘Two Fingers featuring Sway’ en dat is precies de hiërarchie die muzikaal is te onderscheiden. Hoewel tien van de twaalf nummers voorzien zijn van stembegeleiding (waarvan zeven keer rapper Sway) is dit niet waar het album om draait: op alle tracks zijn knallen de producties en zijn ze zo duidelijk aanwezig dat de luisteraar wel moet gaan geloven dat de raps slechts gastbijdragen zijn. De teksten zijn niet slecht, maar dragen amper een boodschap met zich mee. De raps versterken de muziek meer door het stemgeluid dan door de inhoud ervan. Op de track High Life is het zelfs zo dat de tekst van Sway onverstaanbaar door de muziek is gemixt door Two Fingers. In dat opzicht is Dasafo dan ook de geknipte persoon om te figureren op dit album. De MC uit Londen heeft namelijk al op zijn eigen platen laten horen dat hij naast woorden ook rare geluiden gebruikt bij het rappen. Daarnaast kan Sway in een hoog tempo rappen, waardoor hij de snelle producties makkelijk kan bijbenen.
Individuele nummers gaan bespreken heeft weinig zin op een album waar de tracks zo van elkaar verschillen qua instrumentatie. Toch is op productiegebied een aantal zaken dat herhaaldelijk terugkomt: alle tracks zijn voorzien van een redelijk hoge BPM (Beats Per Minute) en maken gebruik van veel lage geluiden en baslijnen die een donkere sfeer creëren. Het geluid van het album is misschien het beste te beschrijven als een combinatie van Boy In Da Corner van Dizzee Rascal en de muziek van dubstepartiest Benga. De beats zijn meestal dan ook druk en rijk aan ruwe geluiden en bovendien een mengelmoes van stijlen. Dit kan afschrikwekkend werken bij mensen die niet gewend zijn aan dubstep en grime, maar voor de luisteraar die wel raad weet met dit soort genres is de kunde van Two Fingers duidelijk te herkennen. Ongepolijste computergeluiden worden mooi ritmisch geplaatst op een skelet van breakbeats en een dikke bas. Chaotische geluiden worden door dubstepdrums afgeremd om toch een mooi geheel te vormen.
Het duo heeft al aangegeven meer albums te gaan uitbrengen en een serie te willen maken. Two Fingers heeft met dit debuutalbum in elk geval prima visitekaartje afgegeven. De geheel eigen stijl van de heren en de wat experimentele geluiden kunnen een hoge drempel vormen voor sommige mensen om dit album te gaan beluisteren. Maar toch kan deze muziek geïnterpreteerd worden als frisse windvlaag en een geslaagde poging om origineel te klinken. De keuze voor Sway als “hoofd-rapper” van het album is goed te onderbouwen: de beste man heeft een aparte manier van rappen en een snelle flow die perfect past bij de electronische productie van Two Fingers. Deze plaat zou perfect kunnen passen bij de luisteraars die mainstream muziek beu zijn en verder willen kijken dan hun neus lang is.
Bron: hiphopleeft.nl