Dit is best een bijzonder Tangerine Dream album te noemen. Wie opzoek gaat naar de naam van Edgar Froese in de bijgeleverde informatie kan lang zoeken. Deze staat er namelijk niet in, wel is de naam van zijn zoon, Jerome Froese, te vinden. Hij tekende voor de productie, composities en de arrangementen op dit album.
Zo'n gegeven geeft wel even te denken. Is Edgar Froese nu bezig Tangerine Dream over te dragen aan zijn zoon? Daar lijkt het vooralsnog nog niet op, maar mocht dit zo zijn dan zijn we voorlopig nog niet af van de goede muziek van Tangerine Dream, want Jerome heeft duidelijk talent om boeiende electronische muziek te maken, iets wat hij al bewees op zijn solo albums.
En door al die feiten vergeet je zowat op start te drukken. Het album begint met Astrophobia in de Red Supernova Mix. Een bewerking van een track die ook op Mars Polaris is te vinden. Het eerste verschil wat ik hoor is dat er nu een basloopje is te horen wat op de gewone versie niet was. Verder blijft het een track om een tandje harder te zetten om er helemaal in op te gaan. Daarnaast zit er nu een mooi rustig tussendeel in. La Marche begint met het geluid wat aan zingende glazen doet denken. Na wat gezoek volgt een mooi stuk muziek in de Tangerine Dream traditie. Het ritme klopt en de verdere instrumentatie geeft een goed verhaal weer. Erg prettig om na te luisteren. Voorlopig mis ik Edgar Froese niet echt hoe hard dit ook kan overkomen. Met mooi klassiek gitaar begint The Metropolitan Sphere gevoelsmatig zit ik in Italië. Zodra er ritme bijkomt en de electrische gitaar zit ik in een sfeer die aan lekker reizen doet denken. Niets hoeft laat alles maar over je heen komen.
Met geluiden die aan dun glas doen denken begint The Golden Heart. Hierna is duidelijk te horen dat dit idee stamt uit de Seven Letters From Tibet periode. Muziek met weinig ritme en vooral sfeer die aan Azië doen denken. En voorlopig blijven we in dat werelddeel. Meng Tian is afkomstig van het album Great Wall of China. Het volgt trouw het origineel waardoor de gedachte opkomt dat Jerome dit destijds al alleen had gemaakt. World of the Day begint met ingehouden spanning en blijft daar mooi in hangen. Na een soort korte pauze gaat de "beuk" er in. Er ontstaat een spel tussen lang aanhoudende tonen met daaronder een ritme wat subtiele patronen kent.
Prime Time begint met ingehouden kracht waaronder fraaie string klanken zijn te horen. Na een tijdje komt er wat meer leven in de brouwerij en ontstaat er een sfeer waarom ik blijf houden van de muziek van Tangerine Dream. Mooi wijds en heerlijk subtiel en er vindt het nodige plaats. De zingende glazen op het einde zijn zeer fraai. La Solitude Dans L'Espoir is afkomstig van het album Jeanne D'Arc. Het begint met mooi klassiek spel op de piano waardoor ik het gevoel krijg of ik in een concertzaal zit. Hier laat Jerome dus horen dat hij ook klassiek zijn mannetje kan staan. Zodra daar het ritme en de orkestratie bijkomen zit ik in een mooi muzikaal verhaal. Zodra dit minder wordt blijf de goed gespeelde piano over, een kippevel moment.
Cradle of Prodigies is bekend uit de productiie Great Wall of China. Dit wijkt niet bijster af van het origineel. Een heerlijk ritme dus waarop van alles plaats vindt in een Oosterse sfeer. Ja, en dan met Meng Tian in de Smart Machine Remix komt er een einde aan dit Edgar Froese loze Tangerine Dream album. Meng Tian in de eerder genoemde mix klinkt wat zoekender dan het origineel wat grappig is om te horen. Al met al is dit album Axiat een mooie staalkaart te noemen wat Jerome Froese onder Tangerine Dream muziek verstaat. En dat is heel behoorlijk te noemen. De bijna vijf kwartier ben ik althans goed doorgekomen en heb dus met plezier aan dit bericht gewerkt.