MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Stanley Cowell - Blues for the Viet Cong (1969)

mijn stem
3,75 (4)
4 stemmen

Verenigde Staten
Jazz
Label: Polydor

  1. Departure (7:08)
  2. Sweet Song (3:02)
  3. The Shuttle (8:07)
  4. You Took Advantage of Me (4:47)
  5. Blues for the Viet Cong (4:18)
  6. Wedding March (2:49)
  7. Photon in a Paper World (9:03)
  8. Travellin' Man (3:43)
totale tijdsduur: 42:57
zoeken in:
avatar van Ataloona
4,0
Charles Tolliver nam met zijn kwartet (later Music Inc. genoemd) vroeg in juni 1969 in de studio van Polydor te London zijn album The Ringer op. Een bescheiden en obscure klassieker in bepaalde post-bop kringen. De sessies voor dat album waren niet de enige sessies die aldaar door Alan Bates (baas van Polydor en de producer van dienst) werden vastgelegd. Enkele dagen na het opnemen van The Ringer doken Stanley Cowell (piano), Steve Novosel (bas) en Jimmy Hopps (drums) - ditmaal zonder 'leider' Charles Tolliver - opnieuw de studio in voor wat extra vlieguren. Deze sessies zouden uiteindelijk resulteren in Stanley Cowell's debuutplaat als leider: Blues for the Viet Cong.

Zowel deze worp van Cowell als Tolliver's The Ringer zijn, ondanks plaatselijke populariteit in London, vrij obscuur gebleven. Een grote reden voor het onder de radar blijven van deze albums is de distributie door Polydor; die richtte zich (weliswaar met korte termijnsucces) praktisch alleen op de Europese en de Japanse markt (zoals wel vaker destijds). Tegen de tijd dat deze twee albums eindelijk de Amerikaanse markt aanboorde (respectievelijk 1977 en 1975) was de markt voor jazz en de populariteit van jazz in zijn algemeenheid sterk krimpende en had men al helemaal geen oog meer voor meer modale post-bop. Zoals wel vaker met trends, was die trend lang vervlogen en werd dat aangeduid als ''prehistorisch''. Met als resultaat dat de Polydor-sessies van de eerste week van juni, 1969 tot op de dag van vandaag beperkt aandacht hebben gekregen - op enkele online enthousiastelingen en critici na dan. Dit soort plaatjes moeten het puur van word of mouth hebben. Bij dezen.

Op 'You Took Advantage of Me' (Rodgers and Hart) na zijn alle composities van Cowell's eigen hand en in pianotrio vorm (op twee elektrische piano/jazzrock experimentjes na dan). Zoals gebruikelijk met die muziekvorm is het een ritmisch geheel. Novosel en Hopps vormen niet het meest bekende ritmische duo, maar waren eind jaren 60 een tijdje begeleiders van Roland Kirk; voordat hij zich Rahsaan ging noemen. Echt flitsend zijn ze niet, maar de grap is dan ook dat ze in Kirk, Tolliver en Cowell juist ontzettend flitsende solisten hadden. De besten in hun soort. Wat dat betreft zijn zij misschien wel perfecte aanvullingen op die topsolisten: een solide fundament. Van hen hoeft het niet te komen. Novosel's basspel is aanwezig, maar niet opdringerig. Het is er en geeft het tempo aan, maar leidt nimmer af. Hopps vult de ruimte nuttig in met een groot aantal lekkere fills. Zij die bekend zijn met The Ringer moet dit enigszins bekend in de oren komen, al moet gezegd worden dat dankzij de afwezigheid van Tolliver op deze sessies meer ruimte is weggelegd voor een aantal swingende drumroffels van Hopps (neem het uptempo openingsnummer, 'Departure').

De ster van Stanley Cowell schittert het meest op deze plaat. Op The Ringer was hij ondanks ondersteunende rol al een zeer opvallende verschijning, maar hier gaat hij helemaal zijn eigen gangetje. Zijn spel is erg emotief. Romantische ballades klinken van zijn hand soms haast spiritueel, terwijl zijn pianosound ondertussen ook een benaderbaar melancholisch aspect in zich heeft. Daarnaast waant hij zich met succes virtuoos, wanneer hij zijn innerlijke Art Tatum oproept op 'You Took Advantage To Me'. Volgens de liner-notes voelden die kleine 5 minuten voor hem als een lang halfuur en zo klinkt het ook. Art Tatum-style pianospelen is vragen om moeilijkheden. Op de drie langste tracks (ook direct de prijsnummers wat mij betreft) blijkt zijn klassiek geschoolde pianospel nog het meest virtuoos, doch niet op de haast gewelddadige wijze die tijdgenoot Cecil Taylor kenmerkt. De composities zijn modaal gestructureerd en in feite ontiegelijk catchy, maar Cowell's spel neigt meer naar freejazz. Het is vrij, soepel, subtiel, doch gepassioneerd en virtuoos en lijkt zo dikwijls evengoed te kunnen passen in een collectie pianosonates uit de latere romantiek. Een opmerkelijke speler dus.

4/5

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 08:49 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 08:49 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.