Dit vierde album van Viva telt een aantal belangrijke wijzigingen ten opzichte van zijn voorganger Dealers of the Night: nieuwe zanger Chris Tow, nieuwe toetsenist Michael Lauer (weg is Barbara Schenker, de zus van) en een gitarist minder, dus van zes naar vijf leden.
Dit vierde album borduurt verder op de weg ingeslagen met voorganger Dealers of the Night maar het bevat nog meer keyboards en nog minder flitsend gitaarwerk. Viva was nooit echt metal maar hun tweede album What The Hell Is Going On is een goeie plaat. Viva verprutst verder zijn talent met zoutloze en onavontuurlijke oersimpele rock, hier en daar kijk ik raar op bij de hijgende achtergrondzang van een of andere jonge Duitse deerne. Men danke de Almachtige hierboven of Zijn Collega hierbeneden voor de sporadische mooie gitaarsolo van gitarist Andy Fach. Don’t Hold Back the Tears is de wereldberoemde tranentrekker van dienst en ik kan de tranen (van walging) nog bedwingen, wat de zanger ook moge vragen. Keep Rockin’ is een kleine opflakkering maar het korte akoestische Love Me is misplaatst.
Dit vierde album bevat een voor mij onnatuurlijk gitaargeluid, de gitaren staan al donszacht in de mix maar als ze dan nog eens als Miami Vice gitaren klinken, is ook voor mij het vat af en het plezier weg. Geen vetten, zoals wij zeggen. Weg met dit vierde album.
Mijn jongste broer had dit album vroeger met deze hoes. Ik herinner mij nog dat het rotslecht is. Miskoop! Weg met dit album, dat dachten wij toen ook al.