Native Window was een eenmalige gelegenheidsgroep waarvan alle vier de leden tegelijkertijd actief waren in progrockband Kansas. De invloed van producer Steve Rawls was groot: hij arrangeerde de muziek, speelde gitaar en schreef met de groepsleden mee aan de meeste composities.
Het resultaat is een album met lichte kwaliteitspoprock, radiovriendelijk voor een publiek dat het niet te wild of gecompliceerd wil hebben. De zang wordt gedaan door bassist Billy Greer, die weliswaar prima stembanden heeft maar niet zodanig dat ik het een heel album volhoud. Het wordt me dan te flets.
Zo te zien aan de foto op de inlay waren het mooie dagen in de studio, waarbij Williams' kermisgebitje tot
ongedwongen jongenspret leidde.
Opener
Money en vervolgens
Still zijn prima nummers, maar de pop van
Surrender is me ondanks de mandoline niet pakkend genoeg.
Het is vooral de viool van David Ragsdale die aan Kansas doet denken en lichte symfonische rockinvloeden klinken hier en daar, zoals in
The Way You Haunt Me.
The Light of Day is de ballade waar ik sowieso niet van ben, zodat de eerste helft enigszins mat eindigt.
Meer heb ik met de tweede helft van
Native Window, al is de stem van Greer te netjes voor de pompende rock van
Blood in the Water. De sterkste liedjes zitten opvallend genoeg tegen het einde, om te beginnen met het uptempo
An Ocean Away, waarvan de aparte, dansende riff werd geschreven door Mike Slamer, Greers maatje bij diens groepen Seventh Key en Streets. Het wordt gevolgd door de wat onheilspellende sfeer van
Miss Me.
Mijn favorieten zijn de twee laatste nummers;
Got to Get out of This Town heeft een bijna Afrikaanse slaggitaarpartij van Rich Williams, waarover Ragdales viool danst. Het vrolijke mandolinespel in
The Moment sluit het album in feeststemming af.
Het drumspel van Phil Ehart is weliswaar eenvoudiger dan bij Kansas, maar in de beperking toont zich de meester: strak en dienstbaar slaat hij zich door de muziek heen, die dankzij viool en mandoline soms enkele folkaccentjes meekrijgt.
Uiterst geschikt voor (Amerikaanse/Nashville) radiostations die kwaliteitspop voor een oudere doelgroep brengen. Al denk ik dat deze muziek eigenlijk tijdloos is. Voor de heren was dit vooral een aangenaam intermezzo van hun broodbaas, waar ze het toch al naar hun zin hadden; voor de luisteraar licht verteerbaar als een cracker met jam.