Na 2 platen op het kleinere Just-Sunshine-label, vond Betty Davis’ derde de weg naar het veel grotere Island. Ook de opnamen van een vierde album leken van een leien dakje te gaan; men had het over ‘haar beste werk tot nu toe’. Kortom, de toekomst lachte Betty Davis toe. Ergens onderweg ging het echter mis met het grote label, waardoor de opnames voor de geplande vierde release, Crashin’ From Passion, in de kast kwamen te zitten en Davis zelf in de obscuriteit verdween. Nu, 33 jaar na datum, is hij onder een andere titel via een ander label toch in de platenwinkel te vinden. Heeft zo’n release dan eigenlijk nog belang?
Met de drie releases uit de seventies kan je je al een duidelijk beeld vormen van de artiest Betty Davis. Een dame die geen blad voor de mond neemt, het funken naar een heel ander niveau weet te brengen en gewoon een heel intrigerende figuur is.
Dit album blijkt al snel verre van een herhaling te zijn op haar vorige werk, eerder een mooie aanvulling. De titeltrack laat ons even herinneren wat deze zangeres zo fantastisch maakt; de uitdagende funk van voorganger Nasty Gal komt weer tot leven! Op deze plaat gaat ze zo mogelijk nog een stapje verder: kijk naar de titel Whorey Angel en weet hoe laat het is. Jeff Mills, die normaal de keyboards voor zijn rekening neemt, krijgt ook een iets prominentere rol als zanger (wat op Nasty Girl nog beperkt bleef). Samen met Betty is hij het perfecte duo voor deze songs.
Betty zelf weet ook een aantal keren te verrassen. Zo gevoelig als op When Romance Says Goodbye klonk ze bijvoorbeeld nooit eerder. Begeleid door o.a. een Spaanse gitaar (of all funk-instruments) weet Davis op de juiste manier haar emoties over te brengen. Let’s Get Personal is dan weer de geilste blues ooit op plaat gezet en zelfs zoiets tegenstrijdig doet ze erg overtuigend! De meest opzwepende track is zonder twijfel Bar Hoppin’, een dronkemanslied met heerlijke electric keys, een smerige Betty en onze man Jeff Mills again. Op Stars Starve, You Know, nog eens een flinke veeg uit de pan aan alle critici, komen we ook meteen te weten waarom Island Records toch maar afhaakte: ‘Ain’t no business like show business, That’s why we stay broke all the time, We need some money, Oh hey hey Island’.
Had men mij verteld dat Betty dit jaar opnieuw in de studio was gedoken en Is It Love Or Desire het reslutaat daarvan was, had ik dat zonder enige weerstand aanvaard. De muziek klinkt nog altijd even fris en relevant zoals dat 3 decennia terug het geval was, wat eigenlijk opgaat voor heel haar oeuvre. Wat deze release bijzonder maakt is de nieuwe, meer persoonlijke, kanten die we te zien krijgen van een rasartieste als Betty Davis. Zulke opnamen zouden nooit 33 jaar in een kast mogen doorbrengen!