Ik ben in lange tijd niet zo enthousiast geweest over een plaat, als deze (nu ken ik hem al bijna 10 jaar, maar recent weer herluisterd.
Het album is een feestje, in hoeverre natuurlijk noise echt een feestje kan zijn. Toch betrap ik mijzelf regelmatig op dat ik intern aan het juichen ben van enthousiasme door de schoonheid van de compositie.
Karkowski geboren in Polen, studeerde in Zweden, en na zijn master studie nog 1 jaar sonologie in Den Haag, en bij meerdere twintigste eeuwse grootmeesters Xenakis, Boulez en Messiaen e.a. Zwierf over heel de wereld en verbleef laatste jaren vooral in Tokyo (‘Waar ook anders?’), voor de noise scene aldaar.
De plaat start met een drone, een voorzichtige noise sound bouwt, waarin langzaam een dissonantie wordt opgebouwd wie door neuriet en hier en daar een noise refrein schetst en omklapt in een luchtig fluit solo, deze herhaalt de zelfde pitch, waarin er langzaam een drone onder opgebouwd wordt, wie zich strategisch in noise pallet ontwikkeld, door zich steeds verder om te bouwen tot een waar noise feest. Hierin worden meerdere lagen van feedback, telkens over elkaar heen gebouwd, wat een destructie wordt van alle vormen van muzikale theorieën en muzikale consensus. Wat zich doet versmelten tot symfonische (noise) atonale harmonie. Waaruit een prachtige drone ontpop, wie het album afsluit,
Heel in druk wekkend!