De namen Qwel & Maker zullen niet bij veel mensen herkenning oproepen. Toch is het duo afkomstig uit Chicago al jaren bezig, getuige de releases The Harvest (2004) en So Be It (2009). Daarnaast heeft Qwel al meer dan zeven verschillende samenwerkingen achter zijn naam staan, met ook nog verscheidene uitgebrachte soloprojecten. Anders is het gelopen met Maker, die in die jaren alleen met Qwel heeft samengewerkt, en slechts drie instrumentale albums heeft uitgebracht.
Opvallend is dat Qwel & Maker er niet voor kiezen om de stijl van het eerdere werk te herhalen. Vooral de beats van Maker hebben een ander karakter, en kennen een veel optimistischer/positiever geluid dat bij vlagen zomers aandoet. Net als op So Be It zijn de beats het voornaamste wapenfeit van het duo, en ook op Owl bewijst Maker dat hij één van de meest overlooked producers is in de hiphopscene. De beats zitten erg goed in elkaar, en ook qua diversiteit zit het op Owl goed. Van het jazzy Pitching Pennies, het drukkere Cookie Cutter tot het dubstepachtige Silver Mountains Remix weet Maker een eenheid te smeden zonder dat het geforceerd klinkt. Echter, om te excelleren heeft Maker wel een rapper nodig.
Die rol is dan ook weggelegd voor Qwel. En met reden, want de MC hanteert vrijwel het gehele album een snelle flow, wat goed aansluit bij de producties van Maker. Hoewel zijn stemgeluid niet bij iedereen geliefd zal zijn, vertelt de rapper vrij veel in weinig tijd, en heeft hij wel degelijk wat te melden. Naast zelfreflecties zitten zijn teksten ook vol met levenslessen zoals: "Real riches don't rust//So thrust me, if it glitters it dusts" (op de track Words to the Wise).
Een vreemde eend in de bijt is de remix van Silver Mountains, samen met het voorafgaande Voice of Reason. Op langzame dubstepachtige producties zijn de vocalen van Qwel tot een robotachtige stem vervormd, met bijpassende lyrics: "Too much stress//Must find water//Must find a way to run//Must mind order." Hoewel het erg in contrast staat met de rest van het album, en de lyrics onduidelijk zijn, is het een welkome variatie op de andere nummers.
Want ondanks dat er genoeg te beluisteren valt qua muziek en teksten, is het na drie albums wel duidelijk dat Qwel een beperkte rapper is. Hoewel zijn raps bovengemiddeld zijn, heeft hij niet het vermogen om van delivery te wisselen. Eigenlijk zegt het ook genoeg dat alle refreinen op Owl worden gerapt door Qwel zelf. Het is dan ook jammer dat er op Owl geen gastartiesten te horen zijn die de gastheer hadden kunnen afwisselen. De tracks luisteren zonder uitzondering lekker weg, maar om het album in één zit aandachtig af te luisteren is een lastige opgave. Zo is de track El Camino tekenend voor het album. Een erg sterke beat met goed passende raps, alleen duurt de track maar liefst zes minuten waardoor het op een gegeven moment eentonig wordt en je als luisteraar geleidelijk je aandacht verliest.
En dat is jammer, want de beats van Maker en in mindere mate de raps van Qwel verdienen dat wel. Waarschijnlijk is het voor beide heren verstandig om op het volgende werk enkele gastartiesten uit te nodigen, of in het geval van Maker een samenwerking aan te gaan met een andere MC. Want hoewel Owl een degelijk en constant album is dat lekker wegluistert, blijf je als luisteraar met het gevoel zitten dat er meer in had gezeten.
Tweede voor
HHL 