Mist, dampen en langzaam trekt het op.
Moss Giant opent zoals een mysterieus album moet openen. Hier is wat gaande en de nieuwsgierige luisteraar wil ontdekken wat en gaat beginnen aan het avontuur dat The Quiet Lamb heet. Even is er nog vertwijfeling of je mee de diepte in wilt en dan is het ogen dicht en laat maar komen...
Fluisterend, haast onhoorbaar, ver uit de diepte, de duistere krochten van de menselijke ziel komt
A Blood Promise in het intro voorbij zweven om zich vervolgens met hart en ziel over ons uit te storten. Beheerst maar toch overrompelend.
Op
Pour More Oil krijgen we eenzelfde soort aanpak: het nummer lijkt uit het niets te ontstaan. Pas halverwege wint het aan kracht door de door merg en been gaande klaagzang van Tom Morris en de begeleidende trompet, trom en strijkers. Het doet me een beetje aan de band
Revere denken, alleen opereren die een heel stuk luchtiger dan dat Her Name Is Calla doet. Het zal hem in de vocalen zitten (beetje eenzelfde geluid) in combinatie met instrumenten als strijkers en trompet.
Interval 1 is wat intervallen pretenderen te zijn en zie ik dan ook als een overgang naar
Condor and River. Een nummer waar je even voor moet gaan zitten want ruim 17 minuten is natuurlijk niet niks. Het neemt dan ook zijn tijd met een lang uitgesponnen intro dat bestaat uit zijdezachte gitaarklanken met begeleiding van tromgeroffel dat na verloop van tijd afhaakt waardoor het nummer haast stilvalt maar waar de gitaren duidelijk aankondigen dat er wat staat te gebeuren. Een truukje dat ik vaker heb gehoord bij andere bandjes, maar wel eentje die nog steeds werkt. Gejaagd stuwen ze het ritme op en de drums die terugkeren doen hun werk daarbij ook naar behoren. Een beetje de stijl die de amerikaanse band Come (met Thalia Zedek) in de jaren '90 hanteerde. Donker en medogenloos.
Long Grass is wat soberder en lijkt haast wat Japanse invloeden te verwerken. Op kabbelende wijze lijkt de rust teruggekeerd wat misschien ook wel terugkomt in het volgende nummer
Homecoming. Het is hier voornamelijk de zang van Morris die het werk doet op een manier zoals ook een Thom Yorke dat doet. Met zulke vergelijkingen zullen de liefhebbers van Her Name Is Calla wel niet blij zijn maar het is toch echt wat in mij opkomt. Ik vrees alleen dat dit een heel stuk donkerder is en zwaarder op de muzikale maag ligt.
Traagheid lijkt haast het sleutelwoord op dit album want ook
Thief neemt de tijd en komt langzaam op gang wat uiteraard wel voor de sfeer van dit album zorgt. Schitterend vioolspel maakt het nummer tot iets wonderschoons en verheffends ondanks dat het best even doorkomen is. Gelukkig volgt daarna
Interval 2 die, u weet het al, doet waar intervallen voor zijn. Het overgangsgebied naar het drieluik dat The Union heet (maar wel nog even vermelden dat ik dit interval erg mooi vind).
The Union: I Worship A Golden Sun is het eerste deel dat bij eerste beluistering overkomt op mij als een kluwen wol dat duidelijk op orde moet worden gebracht. Het is er even doorheen bijten en vraagt de nodige concentratie. Het geluid heeft iets industrieels.
The Union: Recidivist is kil en duister terwijl het ook zo z'n momenten van schoonheid heeft. Tom Morris had blijkbaar veel van zich af te schrijven wat uiteindelijk zijn uitweg lijkt te vinden op
The Union: Into The West dat me wederom aan Revere doet denken. Laten we Her Name Is Calla het donkere, sinistere zusje noemen van die band.
Ik moet er dan ook bij vermelden dat het juist Revere is geweest die me indirect op dit gezelschap wees. Op de Last.fm pagina werd verwezen naar een recensie van een Revere optreden maar die link klopte niet meer omdat er juist een stuk te lezen viel over Her Name Is Calla. Revere zelf corrigeerde dit met een opmerking en zei er gelijk bij dat Her Name Is Calla absoluut de moeite waard was om te checken.
Zo'n advies laat ik niet aan me voorbijgaan en zo geschiedde. The Quiet Lamb is behoorlijk zware kost voor mij maar heeft wonderschone elementen in zich die tijd vragen en die ik ze hopelijk kan geven (hopelijk omdat het niet geschikt is om zomaar even op te zetten). Hoe mooi ik het ook vind; iets weerhoudt me ervan om nu heel hoog uit te pakken. Maar feit is dat dit absoluut een prachtig werkje is dat gehoord dient te worden en waarvan ik zeker weet dat fijnproevers het zullen waarderen.