Anno 2008 blijkt het gebruikelijk om mensen aan te spreken op een eventueel verleden in het actiewezen van de jaren 80, dus dit is een mooi moment om Test Dept eens tegen het licht te houden. Muzikale activisten sloegen in die tijd graag hard met staal op staal, alleen had men steeds verschillende beweegredenen. Einstürzende Neubauten deden het om je pijn te doen, Laibach wilde je de stuipen op het lijf jagen, Foetus deed dat alleen ter meerdere glorie van z'n eigen persoontje en Test Dept tenslotte ...
...die sloegen het hardst, en wel omdat ze het publiek wakker moest schudden. Voor het meerendeel resulteerde dat in muziek en performance die indertijd live zijn gelijke niet kende en menig zieltje bekeerde, maar anno 2008 klinkt een en ander daar waar het de op communistische leest geschoeide boodschap betreft wel wat achterhaald.
Op deze plaat valt dat echter reuze mee! The Unacceptable Face of Freedom is Test Dept's eerste poging om mensen dansend een geweten te schoppen. De tracks 51st State of America, Fist, Crusher en vooral het fantastische Fuckhead (een passende ode aan Margaret Thatcher ) zijn ritmisch heerlijk doordenderende tracks die over je heen komen als een ouderwetse Sovjet-tankinvasie. Het Britse tintje ontstaat door de doedelzakpartijen die goed gedijen tussen het eindeloze geram op olievaten. Rustpunten zijn er bij het prachtige Comrade Enver Hoxha (met, heel leuk, stukjes van Radio Tirana uit de tijd dat Albanië nog op Mars lag) en het fragmentarische Victory.
Statement is een verhaal apart. Test Dept werkt hier met een 'gastvocalist', een woordvoerder van stakende mijnwerkers die verslag doet van de confrontatie tussen stakers en politie. De man spuugt z'n verhaal werkelijk op tape, de muzikale omlijsting doet z'n best hem te overstemmen maar ook die strijd wint hij met gemak. Eigenlijk is dit onbeluisterbare takkeherrie, maar gelukkig staat er aan het eind van de plaat een stuk véél beter geluidsactivisme waar de spanning je van begin tot eind de adem beneemt. Corridor of Cells is een bijtende collage van snerpend staal en sissende vocalen die subtiel naar een climax toewerkt waar het geschreeuw wél imponeert.
Ik weet niet waar het over handelt, maar dat het de heren ernst is wordt wel duidelijk. Zoals communisme hoort te zijn : verlammend, intimiderend en vrij van tegenspraak.
De CD eindigt met drie dancetracks die je kunt missen. Wat je echter niet mag missen is het artwork van de plaat. Het vinyl zat indertijd verpakt in een uitklaphoes waarop werk te zien was van beeldend kunstenaar Malcolm Poynter. Hij maakte sculpturen van omgesmolten tinnen soldaatjes. Verantwoorde anti-militaristische eighties-kunst dus.