Mijn bespreking uit het
Niels Tip-Topic. Deze werd me getipt door Ataloona:
Laat ik maar gelijk met de deur in huis vallen: dit album is geweldig. En niet ‘dit is verschrikkelijk goed’-geweldig, nee, dit is ‘dit zou ooit best wel eens in mijn top 10 terecht kunnen komen’-geweldig! Maar waarom is het zo geweldig, dat is natuurlijk wat ik hier uit moet gaan leggen… En verdomme, Dave, je hebt wel een album uitgekozen dat lastig te beschrijven is! Eigenlijk zou ik dus gewoon willen zeggen: ga het album zelf maar beluisteren en kom er zelf achter (dat kan ik je sowieso van harte aanraden). Dat zou echter een beetje flauw zijn en dus ga ik toch maar een poging wagen:
Op dit album zijn twee type stukken muziek te vinden: nummers en geluidscollages (al zijn de ‘nummers’ ook behoorlijk ‘collagerig’, om het zo maar even te noemen). Toen ik dit album een aantal keer beluisterd had en het er met Ataloona over had op Soulseek, wees hij me terecht toen ik het over ‘nummers’ had. Volgens hem staan er geen echte ‘nummers’ op dit album (hij gaf meteen toe dat hij aan het mierenneuken was

). Desondanks begrijp ik wel wat hij bedoelt, al ben ik het dus gedeeltelijk met hem eens. Er zijn wel degelijk echte ‘nummers’ op dit album te vinden, neem
Tribolite bijvoorbeeld. Als je dan
Bosch Erotique ernaast legt, begrijp ik dat je niet van een ‘nummer’ zou willen spreken, maar meer van een geluidscollage. Ik moet we wel bijzeggen dat veel van de, ehh… ‘composities’ onder de geluidscollages zou scharen. Dus wat dat betreft heeft hij voor het grootste deel volkomen gelijk. Daarnaast is het punt duidelijk. Het album voelt zo aan doordat er zoveel gesampled wordt uit allerlei genres, van industrial tot jazz en van rock tot klassiek, en zelfs uit films. Je hoort dan ook allerlei instrumenten en geluiden voorbij komen.
Samplen is dan ook het belangrijkste ingrediënt van deze bizarre plaat. Het zorgt voor enorm veel details en is een belangrijke oorzaak voor de gestoordheid die dit album uitstraalt. Daarnaast zijn er echter nog wel andere instrumenten, waarvan de cello en viool denk ik de belangrijkste zijn. Vaak weten zij met enkele simpele maar doeltreffende melodieën een duistere toon neer te zetten die op deze plaat vaak aanwezig is, ook dankzij de samples. Verder is er de gitaar die dan weer een groovend riffje neerzet en dan weer flink wat herrie maakt. Dan zijn er nog de vocalen, die een zeer belangrijk onderdeel vormen van hoe dit album klinkt. Deze vocalen zijn erg afwisselend, van geschreeuw, tot gefluister, tot enigszins normale zang en alles ertussenin. De zanger is echt geweldig, hij draagt perfect bij aan de sfeer. Hij klinkt alsof hij de woorden in een giftige waterval over je uit wil spuwen. Want wat het met de zanger op dit album altijd is: hij klinkt altijd gemeen, nooit aardig.
En dat is eigenlijk hoe je de eigenlijk ongrijpbare sfeer van dit album het beste kunt beschrijven: gemeen. En dan niet ‘ik ben een grote zwarte draak, ik maak je bang en spuug vuur’-gemeen, maar ‘wij zijn twintig gniffelende kobolden die uit gaten springen, je vastbinden en je met een kaars doodmartelen’-gemeen. Als je begrijpt wat ik bedoel. Lullaby Land is een heel vervelende plek, zo klinkt het tenminste wel.
Het is een album waarop echt verschrikkelijk veel gebeurd. Zo veel dat je het nooit in één review kunt vatten. Om die reden is het ook een plaat waar je volgens mij na honderd luisterbeurten nóg nieuwe dingen in ontdekt. Dit is ook de reden dat het een album is waar je heel bewust naar moet luisteren. Als achtergrondmuziek werkt dit album totaal niet. Je zou teveel missen en de hele essentie van de plaat zou aan je voorbij gaan. Hoe dan ook, ik ben nog lang niet klaar met dit bizarre album. Ik kan iedereen die eens iets aparts wil horen hem van harte aanraden. Hartelijk dank voor de tip, Ataloona, we trappen af met een heel hoog cijfer!
Wie weet waar het schip strandt met dit album, ik vind het nu al één van de beste albums die ik ooit gehoord heb. Daar hoort een hoog cijfer bij: 4,5*