Michael de Jong, zoon van een Nederlandse vader en Frans-Baskische moeder, geboren in Frankrijk en later is het gezin naar Amerika verhuisd. Daar is Michael opgegroeid en speelde al snel blues gitaar. Heeft heel Amerika doorkruist tot hij in New Orleans wat bleef hangen, waar hij optrad in een ongure achterbuurt en contact had met Professor Longhair en the Neville Brothers. In 1974 naar San Fransisco en ontmoette daar en speelde met Jerry Garcia, Paul Butterfield, Albert Collins, John Lee Hooker, Maria Muldaur, Country Joe, Charlie Musselwhite, Albert King, Jimmy Reed. Een indrukwekkende rij.
In 1981 bracht hij zijn eerste plaat uit en toen vertrok Michael naar Europa om uiteindelijk in Nederland uit gte komen om een indrukwekkend oeuvre uit te brengen. Dit nadat hij in die tussentijd (zo'n 12 jaar) zich had ondergedompeld in het leven in Amsterdam met alcohol, sex en drugs en ook HIV besmet raakte. Hij heeft zich toen (1993) gevestigd in Dordrecht en heeft drugs en alcohol afgezworen.
Dit is zijn 7e plaat, maar daarvoor ging hij wel naar Texas om in 4 dagen tijd alle nummers op te nemen. Samen met Jon Dee Graham op gitaar en steelgitaar, en Kevin Russell van The Gourds op mandoline nam hij de nummers op. Het is minder gitzwart dan zijn vorige albums, maar vrolijk wordt het nooit bij Michael de Jong. Het is een bluesy americana album , muzikaal prachtig. Michael heeft een zeer apart stem wat geheel past bij de bluesy muziek, je moet daar wel van houden.
Teksten gaan vooral over de zelfkant van de maatschappij, Michael weet waarover hij spreekt. Aangezien hij niets moest hebben van de geldbeluste uitgeverijen heeft hij nooit het succes gekend wat eigenlijk wel bij de kwaliteit van de songs zou horen. Een grotere muziekmaatschappij wilde muziek uitbrengen onder de naam Michael Young, want dat zou beter verkopen. Onbespreekbaar, aangezien Michael zijn vader op handen droeg en mede daardoor nooit zijn naam zou veranderen. Michael was ook van de eerste artiesten die oud materiaal gratis aanbood om het te downloaden.
Een artiest die het verdient om ook na zijn dood ontdekt te worden, want zijn platen zijn goed. Ze werden wel steeds minimaler, vaak enkel begeleid met gitaar. Dit album is wat voller van geluid, beetje meer 16 horsepower en Calexion achtig.