Bell X1. Waarschijnlijk het best bewaarde geheim hier op MuMe. Voortgekomen uit de band Juniper met Damien Rice als lead zanger.
Nog voordat de band een grote platendeal kan tekenen verlaat Damien Rice de band met als voornaamste reden dat een door Rice geschreven nummer wordt afgekeurd door de platenmaatschappij.
De band gaat verder als Bell X1 en Paul Noonan die drumde bij Juniper gaat de lead zang doen en drumt ook alle studiosessies in. David Geraghty die de meeste instrumenten voor zijn rekening neemt bij de band zing ook af en toe. Met nu alleen nog Dominic Phillips op bas na het vertrek van Brian Crosby.
Na het Prachtige debuut ‘Neither Am I’ waar ook nog de Rice nummers Volcano en Face op staan gaat het vooral in thuisland Ierland erg goed met de band.
In vergelijking met het vaste land waar ze nog steeds in kleine zaaltjes staan
Is in Ierland een vol stadion niet ongewoon.
Na 5 prachtige albums komt Bell X1 nu met het zesde studioalbum ‘Chop Chop’
Het album is dit keer geproduceerd door Peter Katis die bekend is van de Alligator en Boxer albums van The National.
Leuk detail is dat de foto op de hoes van ‘Boxer’ is genomen op de bruiloft van Katis.
Dat de invloed van Katis groot is op Chop Chop is gelijk al te horen op
Starlings Over Brighton Pier. Veelvuldig wordt op dit album gebruik gemaakt van de piano als hoofd instrument en het gebruik van blazer arrangementen is Katis ook niet vreemd. Zelfs het drum geluid (met veel compressie) van The National’s Boxer wordt toegepast.
Het is weer een totaal andere plaat als het vorige Bell X1 album ‘Bloodless Coup’. De electronische soms op Talking Heads lijkende composities zijn veranderd in een meer organisch akoestisch geluid. En dat is bewonderenswaardig.
Hoogtepunten voor mij zijn het eerder genoemde Starlings Over Brighton Pier, Careful What You Wish For, Het door Geraghty gezongen Diorama en
het The National achtige The End Is Nigh.
Zeker een aanrader voor fans van The National en ook Elbow.
Chop Chop krijgt van mij een ruime 4.
Met dank aan Mctijn
