Op The Black Album van Prince staat het komische nummer Bob George waarin Prince over zichzelf zingt: 'Who? Prince? Ain't that a bitch? That skinny motherfucker with the high voice?'.
Het vormt het uitgangspunt voor Yo La Tengo bassist James McNew om een album uit te brengen met daarop allemaal Prince-covers en dan met name de wat poppy en psychedelische nummers van de kleine man uit Minneapolis.
Dit zijn gevaarlijke albums want covers zijn sowieso altijd tricky business maar een heel album vol coveren met nummers van slechts één artiest is zonodig nog veel gevaarlijker; de fans van Prince slijpen hun messen bij voorbaat al en mensen die Prince helemaal niks vinden zullen ook al snel hun mening hebben. Hoe leuk je een nummer ook verbouwt: het zijn en blijven herkenbare Prince-nummers. Herkenbaar? De doorsnee-kenner zal de hits 1999, Raspberry Beret, Girls + Boys en de Sheila E-hit A Love Bizarre wel herkennen, maar nummers als How Come U Don't Call Me Anymore? (ooit succesvol gecovered door Alicia Keys), An Honest Man (te vinden op Crystal Ball) en b-kantje Another Lonely Christmas zullen heel wat minder bekend zijn.
Voor mij was dit album onbekend en het was user D-ark die me er op attent maakte: een combi lo-fi en Prince moet natuurlijk interessant zijn voor mij en dat is het dan ook.
Covers zijn de moeite waard als er iets mee gedaan wordt, als de artiest in kwestie het eigen weet te maken of als er een geheel nieuw kunsstukje van gemaakt kan worden. Wil dit slagen dan moet je natuurlijk wel materiaal in handen hebben waar dit mee kan en wat je ook van Prince mag vinden: de nummers die hier gebruikt zijn hebben wel degelijk hun status weten te verdienen en er staan regelrechte klassiekers tussen.
McNew fröbelt er lekker op los en weet soms zeer bijzonder uit de hoek te komen. Dat hele lo-fi gebeuren pakt goed uit alleen is het zo jammer dat je dit ook in de geluidskwaliteit terug hoort (maar goed, dat geeft het wellicht een spannender randje).
Zelf was ik erg nieuwsgierig naar een all-time favoriet als Raspberry Beret. De monotone zang en de gruizige begeleiding brengen dit nummer eigenlijk aardig om zeep en ontdoet het van alle charmes die het origineel zo fijn maakte maar dan moet je het gewoon nog eens beluisteren en dat origineel helemaal wegcijferen. Dan blijft er een apart nummer over en dan toont het gelijk de compositorische kracht die het heeft. Prince was in die dagen een meester in het schrijven van popsongs als deze en dan maakt het helemaal niet meer uit wat er mee gedaan wordt: het blijft een sterk nummer.
Of neem een Erotic City: van het lijzige origineel (overigens één van de beste Prince-nummers ooit) blijft niks meer over. Eerst ging ik zelfs twijfelen of het wel klopte. Dit lijkt gvd wel een Sonic Youth nummer. Rammel rammel, stuiter stuiter. Beck die loos gaat....
En zo staat dit album vol verrassingen, en misschien wel doordat het allemaal nummers zijn van één en dezelfde artiest ademt het toch één sfeer uit.
De originelen doet James McNew niet vergeten en op sommige momenten vind ik de versies ietwat te gezocht (je kunt ook overdrijven om een nummer geheel te willen verbouwen zoals bijvoorbeeld op Erotic City gebeurt). Maar daarnaast staan er ook prima versies die een nieuw licht werpen op composities die vaak al zo'n 25 jaar oud zijn.