Op
Another Destination speelt John Norum gedreven. De plaat is vaak zeer heavy of zelfs log en bevat de nodige bluestinten. Rustiger nummers voorkomen eenvormigheid qua geluidsmuren, de melodieën zijn aardig en het gitaarwerk spetterend. Dat de mij onbekende Kelly Keeling geen Glenn Hughes is (zanger op voorganger
Face the Truth), is voor mij een aanbeveling. Nou krijg ik wel de indruk dat de Amerikaanse zanger is verkozen omdat zijn stem wegheeft van die van Hughes.
Inside is de log rockende opener met een zweverige melodie waarin je enige invloed van Led Zeppelin kunt herkennen, plus een razende gitaarsolo; toch hoor ik liever het vlottere
Resurrection Time dat volgt met een nog veel langere solo en aan het slot nog een korte.
Wat Norum goed doet, is dat hij ter variatie een paar ingetogener muziekjes schreef. De eerste is track 3 al: de blues van
Strange Days was
single/video bij het album en opnieuw denk ik Glenn Hughes te horen. Keeling is geen prutser; vreemd dat ik de man nu pas ontdek!
Met menig riff en zanglijn heb ik minder. Zoals bij de eveneens blueshardrock van
Spirit World, waarna ik bij de instrumentale ballade
Shimmering Highs juist geniet van Norums melodiegevoel op de zes snaren.
Sinds 2021 weten we dat de B-kant begint met
Whose Side Are You On? waarin blues en shredding de opmaat vormen tot een nummer vol stoempende hardrock.
Sunshine of Your Love van The Cream krijgt een doomjasje alsof Black Sabbath het in 1970 coverde; het resultaat is niet zo spannend.
Ter verlichting is daar het akoestische en instrumentale
Catalina Sunset, waarna
Half Way Home klinkt alsof Eddie Van Halen gastgitarist was; ben benieuwd of VH-kenner
OzzyLoud dat ook zo beleeft! Dankzij de klank van de gitaar, de akkoorden en drie (!) vliegende gitaarsolo's klinkt Norum anders dan anders.
Healing Rays is qua compositie een buitenbeentje. Het bestaat slechts uit een refrein dat één maal wordt herhaald; geen coupletten. De muziek is slepend en uiteraard gaat Norum weer lós, precies goed voor de 185 seconden. Tenslotte is daar
Jillana, akoestisch en tevens het derde instrumentale nummer.
Ik ben ten diepste een popjongetje, zeker als het om melodieuze muziek gaat: geef mij maar pakkende melodieën. Hartstikke arbitrair is natuurlijk of dat op een album lukte. Het gitaarwerk is hier in mijn beleving veel spettender dan de composities, waarmee ik uitkom op een 6,5, vertaald in 3 sterren.