Mickey Smid is de producer en medeschrijver aan het album Loves voodoo! Hij verdient zelf al 15 jaar zijn brood met reclamemuziek en heeft een aantal albums geproduceerd. Zijn droom is om zelf eens een solo-album uit te brengen. Op zijn website
www.mickeysmid.com zijn diverse nummers van zijn hand te beluisteren. Bijgaand vind je antwoorden op vragen die ik hem per e-mail stelde.
Kun je iets meer vertellen over de Souldiers?
De Souldiers was een geweldige band (vooral in hun begintijd steengoed, ik produceerde hun eerste EP trouwens ook) en hebben lang bestaan, maar de twee zingende zussen (Cato en Sofie) vonden het vorig jaar tijd om ieder hun eigen stem en stijl uit te diepen. Sofie werd Sofie Winterson en Cato ging verder in My Baby. (Wellicht bestaan de Souldiers officieel nog, geen idee eigenlijk.)
Ik was/ben een groot fan van Cato (wiens stem me soms deed denken aan Mavis Staples) evenals van de drummer Joost (haar broer), die een drumstel kan laten klinken alsof het ruist als een oude plaat uit de jaren 60/70. Zijn balans tussen hihat en snare is zo kloppend en hij is ook niet bang om zachtjes te spelen (uniek onder de drummers, helaas toch meestal een synoniem voor houthakkers). De gitarist Daniel da Freeze had wat mij betreft een wat te bescheiden rolletje in de Souldiers. Je hoorde hem bijna nooit. Hij kon in open-stemmingen rond de keukentafel bezwerende slide gitaar spelen. En dat hoorde ik on stage niet terug...
Kun je iets meer vertellen over je muzikale adviseur Frank Sutherland?
Daniel was een gitaarleerling van Frank Sutherland. En ik ook. Joost ook en zelfs Cato heeft wat van zijn lessen genoten. Hij is een oude Indo (zijn leeftijd is waarschijnlijk 81 maar dat weten we niet zeker) die eruit ziet als een Sjamaan, hij lijkt werkelijk op een getergde indiaan uit New Orléans. Hij draagt een hoed die uit de 19de eeuw komt. Hij leerde ons niet enkel luisteren naar de spooky delta bluesplaten van John Lee Hooker, Bukka White, Son House en bijv. Skip James maar ook naar Debussy, Little Feat en Sly Stone en veel obscure folk. Meestal draaide hij dit op oude cassettes voor ons, die we nooit mochten kopiëren.
Het oor voor dergelijke muziek had ik altijd al, via de platen van mijn vader (in de jaren 60 zelf een leerling van een toen nog jonge Frank die naar de verhalen zijn haar toen tot op de grond droeg), maar Frank leerde ons nog beter luisteren. Hij wees, zomaar in de lucht, bijvoorbeeld een snaredrum aan van een Al Greennummer en wees ons erop hoe dik die was. Dat kwam volgens hem omdat die gedubbeld werd met een congaslag. Dat hoorde hij. Hoorde wij het ook?
Tijdens de Loves Voodoo-sessies nodigde ik hem soms uit en dan verzon hij kleine arrangementen, partijtjes of extra zanglijnen, hoge harmonieën die de tracks altijd naar een hoger niveau trokken. Hij fluisterde deze in ons oor, bang om opgenomen te worden, hij houdt zich graag op de achtergrond.
Na afloop vertrok hij altijd met de tram naar zijn zolderkamer, dat hij wel zijn 'angstkamertje' noemt om daar te componeren (klassieke stukken). Hij heeft geen internet/mail en als hij een mix mee naar huis wilde nemen moest dat op een cassette.
Kun je iets meer vertellen over het tot standkomen van het album?
Na de Souldiers gesneuveld waren op het droevige battlefield van de Nederlandse popmuziek kregen we het idee om een album te maken met Cato, Joost en Daniel. Na 15 jaar reclamemuziek en enkele albums te produceren (oa van Supercity) zaten er een hele hoop trucs in mijn mouw, die ik er zo uit kon schudden... Een voorbeeld: Wil je een hoornsectie die zoals de jazzplaten uit de jaren 50 klinken dan heb ik de juiste microfonen, pre-amps en zelfs een echokamer. Wil je zang die net zo smerig klinkt als Ann Peebles?
Ik had een paar ideeën liggen om oude blanke folksongs met waanzinnig goeie teksten om te zetten naar iets meer 70ies achtige grooves. No Depression in Heaven van de Carter Family is zo'n nummer uit en over de jaren 30. Het is eigenlijk een zelfmoordlied (ik ga naar de hemel waar er geen depressie is). Het nummer is in typische majeur accordeon en we zette hen om naar mineur en het werd een jj cale achtige song met zang die mij aan Mavis Staples deed denken. Dat werkte heel verfrissend. Het refrein moest natuurlijk in gospel koor, toch een van de sterkste punten van de Souldiers.
Dat was het begin.
We wilden een bezeten John Lee Hooker boogie opnemen (zoals op de platen van hem uit de late 40ies). Het blues zingen is lastig echt overtuigend te krijgen met snerpende blue notes, die je innerlijk moeten verscheuren. We waren er mee bezig toen een van ons (was het Frank of Cato?) Wild Mountain Thyme (een Schots traditioneel liedje) begon te zingen over de track. Dat is een vriendelijkere majeur melodie. Toen viel het nummer samen. Het werd half blanke folk en half delta blues. Een combinatie die sprookjesachtig in onze oren klonk. Mad Mountain Thyme was geboren.
Andere nummers schreven we zelf. Vaak met teksten van mij en mijn vriend, een Engelse literatuurprofessor Dr. Rob Allen. Ze gaan veel over de crisis (All you money man, Like a rattlesnake in this world). De crisis van de jaren 30 of nu? Take it as a Warning als strijdlied voor de Turkse en Griekse demonstranten. De melodie is Wade in the Water, weer een traditional, een spiritual. De tekst over het in brand steken van het parlement.
Voor sommige keyboardpartijen vroegen we Jelte (nu solo act Jetrebel), die ik durf een echt genie te noemen op orgel, clavinet (met wha) en wurli. Hij is onbeschrijfelijk goed en heeft onze 'simpele aanpak' echt nog een stapje hoger getild.
Bij al de nummers zochten we naar een hypnotiserende groove en expressie in de stem. We hebben heel bewust geen pop-structuren gebruikt, niet 'gezocht' naar een zoet refreintje dat zo de radio op kan. Daar hadden we (even?) geen interesse in. Wellicht op een volgend album... Maar op Loves voodoo! zochten we eenvoud en hypnose. Iets dat je kan meesleuren zoals een golf. De indianendrum die op elke tel zit, die bijna als housemuziek aandoet zit in veel van de nummers. Dat is de voodoo-beat uit New Orléans (denk aan de band Red Bone, een grote invloed).
Ik heb alles opgenomen in mijn eigen studio in Amsterdam (ik verzamel al jaren instrumenten uit de 60ies en 70ies met mijn vader) en heb al de tracks zelf gemixed. We deden het tussen ons werk door, bijna altijd met een glimlach. Met z'n vieren - leerlingen van Frank - stonden onze neuzen een kant op. We verdienden er niets mee (geen budget), hadden geen idee of er een label geïnteresseerd zou zijn, wilden het misschien zelf uitgeven.
Toen er iets van 10 nummers af waren, ging de band de nummers live spelen. Dat werkte steeds beter. De versterkers werden groter, de bassist en organist vielen af (maakte de muziek soms wat meer voorspelbaar) en met z'n drieën (net als in de studio), 2 gitaren en een gammel drumstel, besloten ze voortaan on stage te zijn.
Dit leidde af en toe tot wilde danspartijen. Zie het filmpje My baby loves delta trance, op youtube bijv. Dat is gekkenhuis.
Meestal kwam ik met een idee dat we samen uitwerkten. Het concept om Masters of War op een snelle indianen-voodooo-drum te zetten heb ik met de drummer Joost al vele jaren terug bedacht. Op een geven moment moesten we dat nummer maken, dat ging vanzelf. Ik wilde ook Machine gun van Hendrix doen, ook met gospelkoren, maar die is moeilijk om up tempo te krijgen. Dan zouden we 2 anti oorlogsongs hebben.
De ballade Singing In Chains, waarvoor ik ook een no-budget videootje van Cato geschoten heb in mijn keuken, wordt onze verdrietige kerstsingle die vandaag uit komt! Hier is de link:
MY BABY - Singing in Chains (kitchen version) on Vimeo
Het is wellicht een beetje 'typisch soul nummer', denk aan Etta James (I'd rather go blind) met een tekst die wat gekker en wellicht moderner is.
Het nummer blikt terug op een vakantie in het zuiden van Europa (een mythisch eiland als Kreta) waar een liefde ontgloeid. Het meisje blijft zich achteraf ontwikkelen, zoals tegenwoordig van haar verwacht wordt en met tegenzin, maar overtuigd moet ze stellen dat hij niet op haar moet wachten. Dat oude meisje van die vakantie bestaat niet meer, zingt ze. Ze vindt het moeilijk, kan geen kant op, geketend als de zee die ook niets anders kan dan blijven golven, moet ze door (denk moderne vrouw die je hart breekt omdat jij je niet ontwikkeld).
We met under a 1000 stars, old songs and old guitars.
Felt like I knew you from the start
With a coral clear calling in our eyes
When love was a young surprise
My heart was wearing no disguise
The girl with the salt in her hair
She loved you once, but she is no longer there
She would have followed you anywhere
Dont waist time, waiting for me
Im singing in chains, just like the sea
Etc...
Uiteindelijk vonden we Embrace Recordings. Een klein label dat het volle potentieel ziet van de band. En ons met blozende wangen helpt... Het is mij een wonder dat dit zich allemaal zo ontwikkelde. Ik kan niet wachten tot een volgende plaat, maar de band heeft al een halve wereldtournee geregeld, van de Verenigde Staten tot Nieuw-Zeeland en ik zal nog even moeten wachten.