Om te beginnen met het opschrift dat deze cd voorafgaat: Mardi Gras of the Sisypha, a +30 minute rush of innovating indierock/postcore that switches from melody to clever noise in a split second.
Indierock/poscore: daar hebben we weer labeltjes natuurlijk

. Niet dat er iets mis is met labeltjes, maar bij goede muziek hebben ze altijd de neiging de muziek onrecht aan te doen door veel te eng te beschrijven waarover het effectief gaat. Alsof je jezelf kan beschrijven in tien woorden, da's onzin natuurlijk. En dat geldt zéker voor dit plaatje.
Iets cryptischer dan maar: het motto dat Mardi Gras of the Sisypha vergezelt, is het bekende 'In the nightmare of the dark, all the dogs of Europe bark'. Nou, dàt is een begin

. Cryptisch, duister, veelzeggend maar tegelijkertijd ook bitter weinig. Een ideaal begin om dit recensietje mee te starten.
The Sedan Vault, een nieuwe groep van Belgische bodem (hoewel ze al een aantal jaar bezig zijn met dit plaatje, en dat mag niet verwonderlijk heten, maar dat wordt straks hopelijk iets duidelijker), bestaat uit drie broers en een dichte vriend. Vreemd genoeg laat dit de plaat totaal geen 'onderonsje' lijken, maar zorgt die bloedband voor nog net meer diepgang.
Een beschrijving van deze muziek is héél moeilijk. Het motto geeft perfect de bizarre sfeer op Mardi Gras of the Sisypha weer: donker, cryptisch, weird, enfin, niet wat men iedere dag tegenkomt. Niet echt toegankelijk ook, pas na een 20tal luisterbeurten ontluikt de ware schoonheid van dit album. De vele lagen waaruit ieder nummer is opgebouwd hebben daar ongetwijfeld mee te maken. Ieder nummer is een waar kunstwerkje (net als de cover, geschilderd door een vrij bekend kunstenaar waarvan de naam me nu eventjes ontglipt

), minitieus opgebouwd en écht helemaal àf. Zoals dat opschrift ook zegt: in ieder nummer zit een bijna ongekende mate van complexiteit en stijlbereik: weirde soundscapes wisselen van het ene moment op het andere af met krachtige rockmuziek, en de refreinen staan als een huis, net als de teksten (hoewel die niet bepaald om vrolijk van te worden zijn: de rode draad van de plaat vormen een hoer, haar pooier en een dealer in een of andere godverlaten grootstad - denk sin sity. Niet dat dit andere thema's uitsluit; in het eerste nummer steekt men van wal door te verwijzen naar het alombekende Zyklon B uit WO II) en de zang: die is werkelijk perfect te noemen. Rutger Meeuwis kan werkelijk alles aan; zelden iemand zo mooi horen zingen/vertellen/huilen/...
Een beschrijving van ieder nummer apart is quasi onmogelijk. Hoewel de plaat zweeft van de ene stijl in de andere valt er toch een opmerkelijke coherentie te bespeuren, die Mardi Gras... als één groot geheel laat aanvoelen.
Ook referenties zijn moeilijk: The Mars Volta komt nog het dichtst in de buurt, maar ook een zachte System of a Down valt hierin te bespeuren, maar nog zoveel anders door de immens grote variatie in dit plaatje.
Slotsom: de ontdekking van het jaar voor Mathias, geleverd door een Belgische groep die ten eerste helemaal niet Belgisch klinkt en ten tweede na zijn (korte) debuut reeds een eigen geluid weet te produceren, dat zo uniek is dat ook jullie dit album eens een kans moeten geven. Te bewonderen op Dour dit jaar overigens. Gaat dit zien. Een unieke aanwinst voor het al te homogene (Belgische) rocklandschap. 5*