De eerste associatie die ik heb met deze Vancouver is geluid. Geluid in de vorm van sfeer.
Leuk zijn de televisie-fragmenten (nos-journaal, frank snoeks hoor ik) in het begin. Ze geven het een 'er staat iets te gebeuren'-gevoel mee. Maar dat is niet waar het om gaat. Er staat overigens wel iets te gebeuren. Langaam maar zeker nemen (ik denk) al dan niet vervormde gitaarklanken bezit van de ruimte tussen je oren. Omdat je weet dat het niet zal blijven bij wat er is de eerste 10 minuten blijf je bij de les. Elk kleinste detail merk je op. Als bij een minuut of 10 een mooie melodie ontstaat die steeds vervormder tot je komt, breekt het helemaal open. Dit geluid is overweldigend. Dit is niet meer onheilspellend, dit ís onheil. Dit is verdomd mooi. Uiteindelijk houdt het dan toch op en waan je je in een verlaten landschap, verbrand, verdord, leeg, kapot, kaal.
Uiterwaarde doet je nog even voortleven in die kale vlakte.
Erg mooi.