Ok, ok. Ik ben wat laat met de bespreking van dit album aangezien het ergens eind 2015 al uit is gekomen, maar ik kan het jullie niet onthouden om er aandacht aan te schenken.
Om in theetermen (flauw) te blijven vormt The Tea Club een perfecte blend van Syzygy en Somnambulist, twee bands die zeer zeker niet bij iedereen bekend zullen zijn, maar beide prachtige albums op hun conto hebben staan.
Dat gezegd hebbende het album: Whaohh Grappling doet ertoe!
De stemmen van de gebroeders Mc. Gowan lenen zich prima voor zowel het rustige, als het rauwere zangwerk. Af en toe doen ze me mezelf afvragen hoe het zou zijn als Daniel Gildenlöw (Pain of Salvation) zijn spreek/fluisterstem leent aan de vocale acrobatiek van Echolyn, een andere band die zeer zeker ook als referentie aangehaald mag worden. De prachtige meerstemmige stukken worden fantasievol afgewisseld met emotionele diepgang en passie. De teksten zijn van een uitzonderlijke klasse, wederom diepgang; wellicht referent aan iliketrains.
En dan de instrumentatie … grommend gitaarwerk, opzwepende synths, galopperende drums en broeierige basklanken laten je regelmatig alle hoeken van de kamer zien. De productie is spot-on!
Wie houdt van bovengenoemde bands aangevuld met donkere melodieën, post-rockinvloeden en tempowisselingen waar Genesis en het “oude” Spock’s Beard van zou gaan watertanden heeft er met The Tea Club een nieuwe koesterband bij; reken maar dat het je vele luisterbeurten kost om de complexe structuren en explosieve texturen tot je te nemen.
Warm, of beter gezegd onderkoeld, aanbevolen.