Met: Billy Harper (tenor sax), Everett Hollins (trumpet), Kenny Barron (piano), Greg Maker (bass), Malcolm Pinson (drums)
Laat ik er dan gelijk maar werk van maken. 5 sterren en een kleine review van deze briljante plaat. Niet dat het heel veel zin heeft. Ik schreeuw vooral tegen Tony dat Harper alle beloftes weer heeft waargemaakt. Waarop Tony zal bevestigen dat Harper dat bij hem ook altijd doet. Maar ach, al zijn we de enige liefhebbers op deze site: wie weet halen we ooit andere jazz liefhebbers over een poging te wagen.
Deze dan: helaas zoals een vrij groot deel van Harper's werk uit de jaren '70 lastig te krijgen. En dat is echt ontzettend jammer want wat een kwaliteit zet hij hier weer weg. Helaas alleen ooit in Japan op vinyl uitgebracht. Ik kocht er één in uitstekende kwaliteit voor een euro of 30 incl. verzending. Geen koopje maar ook niet extreem duur. En oh zo de moeite waard.
Titelnummer en opener 'Knowledge of Self' begint met was aangenaam piep en knor waarna al snel het herkenbare thema invalt. Kenny Barron speelt liefelijk te akkoorden op de achtergrond terwijl Harper het thema inzet met Hollins aan zijn zijde. Vervolgens vallen de drums in en begint het nummer echt. Dat gaat van start met een heerlijke diepe soulvolle solo van Harper. Er zijn maar weinig saxofonisten die zo grensverleggend spelen en tegelijkertijd aangenaam blijven klinken. Zelfs zijn overblows klinken altijd diep, melodieus en nooit 'to much'. Maar zijn clusters blijf ik het vetste vinden. Zo'n dikke vette notenbrij die de hele ruimte, je hele oor opvult. Kenny Barron's begeleiding is mooi vol en ritmisch. De drums schieten lekker uit hun vel maar blijven toch enigszins in het gareel. Na Harper is het de beurt aan Hollins. Een uitstekende freebop trompetist in de traditie van Woody Shaw. Lekkere groovy solo's met veel bluesy licks. Barron trekt opnieuw mijn aandacht als hij soleert. Een technisch begaafde pianist met een zekere rust en gemak in zijn spel. Het klinkt allemaal erg lekker. Tijd om eens wat meer van hem op te zoeken.
Met enige vrees begin ik aan nummer 2: dat moet dan minstens net zo goed zijn natuurlijk. Dat lijkt me persoonlijk nogal een opgave. Maar ik word niet teleurgesteld. Het nummer 'Insight' is even zo goed. Het geheel wordt ingeleid met een heerlijke drumsolo van Pinson waarna de rest van de band met een even zo lekker thema invalt. Naast een geweldige tenor was Harper een geweldige componist. Zijn composities zijn altijd duidelijk in de boptraditie geschreven maar zijn altijd net een tikje spannender. En vanuit die structuren kunnen alle bandleden hun solo's steeds verder uitzetten. Hollins begint daarmee op dit nummer met een uiterst toegankelijke maar toch uitdagende solo. Hij wordt daarbij op de hielen gezeten door de rest van de band waarbij de snelle akkoordinwisselingen opvallen. Barron speelt nogmaals een heerlijke vloeiende en keihard swingende solo. Ik hoor wat van Tyner maar Barron heeft echt zijn eigen sound wel. En die gast kan gewoon spelen. Harper's solo daarna slaat wederom alles: die toon, die power. Hij is één van de weinige saxofonisten die na de jaren '60 nog zo'n unieke toon wist te ontwikkelen. En hoewel zijn stijl heel anders is dan die van Trane, doet zijn spel me qua diepgang en emotie toch vaak aan de grote meester denken.
Bijzonder ook op dit album is het feit dat ik, zoals op veel van Harper's albums, zijn mede musici nauwelijks ken (op Barron na dan). Hollins, Maker en Pinson zijn alledrie namen die nagenoeg uitsluitend aan Harper zijn te koppelen. Check hun discografie: verder is er bijna niets. Dit schrikte me eerst wat af om deze platen te kopen van hem: Harper heeft tenslotte wel gewoon een band nodig die met zijn ideeën om kan gaan en die hem vooruit durven te duwen. Maar holy fuck al die gasten kunnen spelen. Waarom ze direct weer van het jazz-toneel verdwenen: ik durf het niet te zeggen.
Oh ja nog één dingetje: Japanners en geluid.... een vinyl uitgave uit 1979 maar het klinkt magisch. Eerlijk gezegd beter dan sommige huidige cd-reissues van bijvoorbeeld Blue Note. Alle instrumenten zijn mooi in balans, de bas klinkt lekker diep en Harper's rauwe tenor is precies mooi afgesteld.
Ik zal wel weer roepen in een woestijn enzo, maar mijn missie is alweer geslaagd als ik wat duiten uit de portemonnee van Tony heb weten te slaan
