Soledad
Met: Billy Harper (tenor sax), Cecil Bridgewater (trumpet), Reggie Workman (bass), Max Roach (drums)
Tijd om deze volledig onderbelichte zwaar onderschatte band eens in het zonnetje te zetten met een positieve review op Mume waar helaas nauwelijks een haan naar jazz kraait. Maar voor de liefhebbers van stevige jazz die toch een zekere toegankelijkheid ademt: gaat luisteren naar deze heren!
Het was een line-up die direct mijn aandacht trok toen ik de discografie van Max Roach aan het uitpluizen was. Daarnaast viel op dat de platen van deze band overal hoog gewaardeerd worden: op allmusic, RYM maar ook op jazzfora worden ze regelmatig benoemd. Harper is een groot favoriet van mij, Workman behoort voor mij tot de absolute topbassisten uit de geschiedenis. De studio zijn ze nooit ingedoken maar ze leverde een vijftal live-platen af: Live in Tokyo vol. 1 en vol.2, Live in Amsterdam, Nommo en The Loadstar.
En waar die laatste nog niet helemaal goed tot me door weet te dringen, mede door het slechte (Italiaanse) geluid, was deze ‘Live in Tokyo’ direct een schot in de roos. Lange composities met nog langere improvisaties, uitdagende en harde postbop… Het is niet helemaal wat ik van Roach gewend ben maar man wat gaat het hem goed af. Begonnen in de bebopscene met ondermeer Bird ontwikkelde Roach zich door en liet hij geen stijl aan zich voorbijgaan. Dus ook freejazz niet. Hij begon in deze fase samenwerkingen met Anthony Braxton en Archie Shepp. Maar ook dit eigen kwartet ademt soms wat freejazz al blijft het vrij toegankelijk.
Toegankelijk dus, maar man saai is het nergens. Harper scheurt zoals we hem kennen keihard over de baslijnen van Workman die een stevig akkoorden palet neerlegt. Door het ontbreken van een pianist ontstaat er veel impro ruimte a la Ornette Coleman. Bridgewater is een uitstekende trompettist met een subtiele maar toch krachtige toon. Als Harper en Bridgewater samen duelleren ontstaan er helemaal een prachtige muur van geluid. Maar man wat kan Roach drummen. Strak maar tegelijkertijd alle kanten op. Opvallend is dat hij dat hij stevig gebruik maakt van de bassdrum hetgeen de muziek nog meer power geeft. Solerend maakt hij het publiek hoorbaar gek.
De composities zijn herkenbaar en goed navolgbaar. De interpretatie van ‘Round Midnight is de stevigste die ik ken. Geen gevoelige ballad deze keer meer een heftig swingende uptempo versie.
Enige nadeel? De plaat duurt te kort.