Keith Jarrett pas in de jaren 80 ontdekt. Achteraf altijd wat verrast hoe een muzikale ontwikkeling kan verlopen en dan heb ik het vooral over mezelf. De jaren 80 zijn wel de jaren die vanwege mijn leeftijd veel indruk hebben gemaakt, adolescentie en vroege volwassenheid. De jaren dat je uiteindelijk toch gevormd wordt.
De jaren 80 begonnen muzikaal voor mij met een totale verandering. De jaren 70 waren passé en vooral de new wave met alle zijtakken vond ik interessant. Vanzelfsprekend Joy Division en consorten, maar ook experimentele groepen zoals Eyeless in Gaza, Tuxedomoon, This Heat , Dead Can Dance wisten me te bekoren.
Op een gegeven moment droogde die bron toch wat op of veranderde. Ik luisterde naar een Popol Vuh plaat uit die tijd 'Agape, agape' en kwam in aanraking met ECM door een plaat van Stephan Micus : Koan. Totaal anders dan wat ik voorheen kocht, maar het raakte ergens een misschien vastgelopen snaar in mij. Mijn platenboer voorspelde dat ik uiteindelijk bij de jazz zou uitkomen, dat is achteraf niet geheel uitgekomen.
Voor mij is altijd wel de overgang van de new wave naar deze toch totaal andere richting wel verrassend, aan de andere kant misschien kwamen sommige aspecten uit de jaren 70 die ik bruut had afgezworen toch weer wat terug. En misschien ook een leven dat wat meer in harmonie was, speelde parten.
Door Stephan Micus werd ik nieuwsgierig naar andere ECM platen en merkte ik wel dat de echte jazz me minder aansprak, maar wel de meditatievere en fusion achtige. Aangezien het Köln concert van Keith Jarrett als warme broodjes over de toonbank ging, heb ik toch juist in deze tijd ook van hem wat aangeschaft. En één van de eerste albums (dubbel album) was dit album. De eerste stappen, die enige verwantschap met jazz hadden. Pas geleden heb ik dit album ook op cd aangeschaft. En hoewel ik de plaat al vele jaren niet meer heb gedraaid, herken ik alles nog goed . En het toch ook weer wat met me doet. In vergelijking met een Einaudie en consorten heeft het natuurlijk veel meer diepgang, variatie en hier en daar ook wat ruwe randjes. Maar er zitten ook prachtig meditatieve stukken tussen en wanneer het wat jazzy wordt, dan toch ook weer niet te freakerig. Je merkt aan alles dat Keith hier aan het improviseren is, dat was ook altijd zijn sterkste punt en soms ook weer zijn zwakte. Hier valt het positief uit.
Nu vele jaren later is het toch vreemd dat eigenlijk alle muzikale omwentelingen meer verenigd zijn. Ik kan na deze plaat met het grootste gemak This Heat opzetten, daarna Yes en ten slotte een mooie new folk plaat van Espers. Om dan weer even op te veren met desert blues van Tinariwen.
Maar bepaalde herinneringen blijven wel duidelijk verbonden aan bepaalde muziek. En dat is bij deze muziek toch wel de overgang van de sombere, wat duistere en pessimistische begin jaren 80 naar een wat optimistischere kijk op het leven. Eigenlijk wel een soort paaservaring, om deze dagen nog even te benoemen.