Op haar derde album (haar bijdrage aan de Mort aux vaches-serie niet meegeteld) is haar geluid nog klassieker geworden. De muziekdozen van The golden morning breaks lijkt ze in de kast te hebben laten staan, en ingeruild voor instrumenten als de viola de gamba, klassieke gitaar, klarinet, spinet (een soort klavecimbel) en zelfs kristallen glazen. Veelal speelt in ieder nummer een ander instrument de hoofdrol. Deze wisseling van timbres pakt niet heel goed uit. De betovering en magie die van de dromerige, etherische, breekbare composities op haar voorgaande album uitging, is hier goeddeels verloren gegaan. Wat overblijft is nog steeds subtiel en fraai, maar het brengt de luisteraar toch een heel stuk minder in vervoering. 3/5