Het derde album van Trad.Attack! Het lijkt wel een beetje een stijlbreuk met de twee voorgaande, maar dat is het ook niet helemaal.
Hoe heb je je traditie voor het hier en nu opnieuw uitgevonden? Te beginnen met het samplen van audio-archiefopnames van Estse folk en vervolgens het toevoegen van samples en instrumentatie - met name doedelzakken -. Attack! creëerde eerst twee albums met psychedelische versterking die nog steeds structuren uit de folktraditie namen, de mogelijkheden waren er. Misschien was een voorbeeld Theodor Bastard uit St Petersburg, die als pioniers gezien worden bij het toepassen van 21-eeuwse mogelijkheden om juist bepaalde ideeën over traditionele folk te doorbreken. Wat dat betreft is de naam TradAttack, toepasselijk, een aanval op de traditionele manier van folk.
Dit derde album gaat duidelijk een stap verder, metal folk, misschien wel trash folk of post punk komen voorbij. De plaat start als een raket met Rikas Siitus en direct laat men daarbij horen dat het lieflijke voorlopig even achterweg blijft. Het is hard, het is geen folkmuziek meer met wat moderne invloeden, maar dit is stevige muziek (metal/trash folk, post punk) met nog wat ethnische, Estste roots erin verwerkt. Er zijn kloppende ritmes, sonische gitaren, verwarrende en rustieke instrumenten die meer energie geven dan alleen regenereren. Wel wennen, maar gedurfd en zeker Sandra Vabarna komt op dit album bijzonder krachtig naar voren. Ook weer een vergelijking met Theodor Bastard, waar een zangeres het stralende en krachtige middelpunt is. Gebleven zijn de oude teksten en samples.
De samples en gebruikt materiaal variëren van poëzie tot eeuwenoud rijmelarij, via oude gebedsliederen, huwelijksrituelen tot kinderspelletjes Naast Sandra zijn ook de andere twee goed op dreef. Gitarist Jalmar Vabarna laat zijn twaalfsnarige gitaar ronken met veel echo en het klinkt veel groter dan het eigenlijk zou moeten, drummer Tonu Tubli heeft de leiding over heel wat ronkende ritmes.
Geheel anders dan de voorgaande twee. Ik moet er aan wennen, maar na een paar keer beluisteren heb ik steeds meer bewondering. Folkpuriteinen die nog wel met de vorige twee albums overweg konden, zullen nu wel afhaken. Maar waarschijnlijk weet men wel nieuw publiek te binden, publiek die open staat voor experiment en het onbekende. En op het einde van de plaat wordt toch wel wat gas terug genomen, jeboog kan niet de gehele tijd gespannen zijn.
Het bijgeleverde boekje bevat weer veel documentatie en Engelse vertalingen van de songs.