Soms wordt je horizon op onverwachte wijze weer wat vergroot.
Verreweg de meeste muziekgenres en -stijlen bestaan op een spectrum van toegankelijkheid: van gezellige kinderhiphop tot gruizige noisehop, van gelikte hair metal tot verzengende war metal, van gezellige tropical house-hitjes tot kale techno, van line-dance country-pop tot brakke alt country, ga zo maar door. Wellicht, vroeg ik me een paar jaar geleden echter af, zijn er ook genres waarvoor dit niet zo is, genres die inherent poppy zijn en waar van experimenteerdrift eigenlijk geen sprake is. Hoe zou dat zitten met reggaeton? Alleen bekend als ik was met de eindeloze zomerhitjes met de eeuwige dembow eronder leek me dit een schoolvoorbeeld van een uitsluitend poppy muziekstijl - maar was dat zo?
Op naar de zoekmachine, waar een snelle zoekopdracht me leerde dat experimentele reggaeton wel degelijk bestaat: ik vond een artikeltje met daarin een rijtje artiesten en tracks op een glijdende schaal van (on)toegankelijkheid, met daarin als meest extreme voorbeeld het inderdaad aparte
Chiquito Bendito van Las Sucias. Krijg nu de pleuris, dacht ik, het bestaat inderdaad. Met nog wat verder zoekwerk belandde ik onder andere bij een artikel over de
sad girl reggaeton van La Favi en
nog een artikeltje met wat experimentele tracks. Wat me echter nog het meest verraste was dat er wat verdomd goede muziek bij bleek te zitten. Het was vooral de stomende, hedonistische track
Acelera van Ms Nina en voorgenoemde La Favi die me over de streep trok. Wat de fuk, reggaeton kon vies, vuil en vet klinken!
Vanaf eind 2017 begon dus mijn zoektocht door de alternatievere uitwassen van reggaeton, een (overigens kaleidoscopische verzameling van) stijl(en) die door aangever
Tomasa Del Real neoperreo gedoopt werd, een handige zoekterm waarmee ik al gauw legio fantastische tracks en artiesten ontdekte. In deze ontdekkingstocht stuitte ik op een dag op de Spotify-pagina van Bad Gyal. Ik weet nog dat ik de naam vooral (tenenkrommend) grappig vond en er een foto van naar mijn vriendin stuurde. Natuurlijk ook een track geprobeerd en dat was
Fiebre maar... wat in de vliegende graftyfus was dit voor autotune-hel? Ik wist niet hoe snel ik het weer uit moest zetten. Ik bleef natuurlijk verder vrolijk neoperreo proberen en was er voor mezelf al gauw achter dat Paul Marmota één van de meest interessante atiesten was met fantastische producties: zijn
Destino Paraíso was één van de eerste tracks die ik in mijn zoektocht was tegengekomen en was met zijn bijzondere combinatie van vaporwave-esthetiek en melancholische instrumentale muziek aanleiding om de muziek van de man uitgebreid uit te pluizen.
En natuurlijk had Paul Marmota ook voor Bad Gyal geproduceerd: onvermijdelijk kwam ik in mijn zoektocht deze dame weer tegen, dit keer met het wel heel wonky
Nicest Cocky. Waarom het toen opeens wel raak was? Ik weet het niet, ik kan me zelf niet eens meer voorstellen hoe vreselijke ge-auto-tuned ik Bad Gyals stem destijds vond, zo fantastisch als ik haar nu vind, maar ongetwijfeld zijn er nog voldoende blank slates op MuMe die me kunnen vertellen dat het inderdaad gruwelijk en kut is. Hoe dan ook, vanaf Nicest Cocky was het raak en begon ik het oeuvre van Bad Gyal uit te pluizen. Dat bleek (ook toen al) vol met pareltjes: het absoluut meesterlijke
Jacaranda (nog steeds mijn favoriet), het stuiterende
Mercadona (inderdaad, de Spaanse supermarktketen) en ja hoor, zelfs het zweterige, koortsige Fiebre werd een groot favoriet. Het was een toffe tijd om fan te zijn, want vanaf begin 2018 kwam de machine echt goed op stoom, met eerst de single
Blink (met fantastische productie van Florentino, ook al zo'n talent) en niet veel later het eerste mini-album, Worldwide Angel (Slow Wine uit 2016 was officieel een mixtape).
Niet alleen de knaller Blink was op Worldwide Angel te vinden, er stond nog veel meer uitstekend materiaal op - van het kale, zwoele Yo Sigo Igual en het nazomerse (en dat in februari!) Candela (net als Jacarande geproduceerd door Dubbel Dutch) tot de absolute banger Internationally en het door Paul Marmota geproduceerde Realize. Als er iets op Worldwide Angel aan te merken is (en iets vergelijkbaars geldt voor voorganger Slow Wine en opvolger Warm Up) is het dat de belofte van absolute genialiteit niet altijd en consistent ingelost wordt. Er is een heel (en niet bijzonder kort) lijstje met Bad Gyal-tracks die zonder twijfel en reserve het stempel geniaal, briljant en fenomenaal verdienen: Jacaranda, Nicest Cocky, Internationally, Blink, Slim Thick, Zorra, Hookah, Por Ti, Blin Blin, Fiebre - deze vrouw poept diamantjes alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. Op de lang(ere)spelers (echt lang zijn ze ook weer niet) vallen echter altijd wel wat minder briljante momentjes (Warm Up is misschien nog het meest consistent). Dat is jammer, maar niet onoverkomelijk: Bad Gyal moet het w.m.b. toch niet per sé hebben van een (mini-)albumcontext. Een perfecte score voor een (mini-)album zal er dus wellicht wel nooit in zitten. Tegelijkertijd heeft Bad Gyal voor mij enkele van mijn favoriete tracks aller tijden geproduceerd en behoort ze zonder twijfel in mijn top 3 favoriete artiesten. Wie had dat pre-2017 ooit gedacht.
Is Worldwide Angel dus een aanrader? Voor het gros van MuMe waarschijnlijk niet, maar wie weet. (
McSavah schat dit uiteraard al op waarde, de held.) Had je mij in 2016 verteld dat in 2022 neoperreo tot één van mijn favoriete genres zou behoren dan had ik je vreemd aangekeken. Als je me had verteld dat
ik er zelf hele mixen aan zou wijden had ik je direct voor gek geklaard. Maar ja, truth is stranger than fiction. Oh, indeed.