De film of documentaire waar deze muziek voor geschreven is heb ik nooit gezien; de muziek echter blijft ook zonder de beelden redelijk overeind staan, maar zoals tangmaster al aangaf, behoort het werk niet tot de sterkste van TD. Het is één van die albums die een beetje neigt weg te zinken tussen de onnoemelijk aantal releases die TD in de periode dat dit album het levenslicht zag, uitbracht. En dit komt door het middelmatige karakter van de muziek. En oh ja, het luistert prettig weg, laat ik dat voorop stellen. Maar echt gefocused kan ik niet blijven luisteren naarmate de plaat vordert. Vooral de 2de helft doet afbreuk aan de kwaliteit van de muziek, als de muziek steeds meer op een house-plaat gaat lijken.
Zoals ik de laatste tijd wel vaker doe, wil ik wat meer stilstaan bij de nummers zelf:
"Stoneyard" opent de plaat op een overtuigende manier. Lekker in-your-face en direct, is dit een prima nummer waarin een spontaan thema in is verwerkt, maar waarin ook ruimte is voor wat meer meeslepende en spannende passages. Tevens wordt het nummer op een rustige en stijlvolle manier afgesloten.
Daarentegen klinkt "Silver Siren" richtinglozer. Alsof Edgar en Jerome Froese het idee hadden om dit nummer middels een spontane jam-sessie tot stand te laten brengen. Niet dat het slecht klinkt, maar wat is dit eigenlijk een karakterloos nummer, zeg. Eentje die ik nu al weer vergeten ben, bij wijze van spreken...
De exotisch en avontuurlijk geladen melodielijntjes tijdens "Beauty of the Blast" gaan hand in hand op een soort hiphop-beat en levert een zeer aardig nummertje op. Als ik dit hoor, zie ik in m'n verbeelding Arabische, heupwiegende danseressen voor me, die smaakvol op de beat van dit nummer staan mee te dansen.
"Dream Sculpture" is naar maatstaven redelijk stevige TD-kost. Het contrast met die herkenbare, typische synth-koortjes levert een opmerkelijke luistertrip op. Duidelijk één van de meer opvallende nummers op deze plaat.
"Last Trumpet on 23rd Street" heeft muzikaal gezien een beetje een chaotisch karakter, maar zit desondanks, mede door het ietwat Oosters neigende melodietje, best goed in elkaar.
"Art of Destruction" heeft een hoog Dream Mixes-gehalte, wat het nummer niet helemaal ten goede komt. Het ritmische spring-in-'t-veld-karakter klinkt opzwepend en opgewekt en het nummer kent een vrolijke toonzetting, echter hoor ik TD op deze manier gewoon liever niet.
"Forced to Surrender" is zo mogelijk nog matiger. Het snelle beukgehalte kent een hoog ADHD-gehalte en wederom hoor ik hier 100% Dream Mixes-geneuzel. De scheurende gitaarlijntjes zijn nog wel leuk te noemen, maar voor de rest is dit nummer vooral een ruim 4 minuten durende, inspiratieloze hap.
En als klap op de vuurpijl bevat deze soundtrack ook nog eens 2 nieuwe remixen van "TimeSquare" en "Jungle Journey".
De eerste is een vrij overbodige remix van een nummer wat ik in z'n originele uitvoering nog niet eens zo verkeerd vind. Echter vind ik één versie van "TimeSquare" meer dan genoeg...
Verder vind ik "Jungle Journey" best goed (het origineel staat op Turn of the Tides, persoonlijk één van de beste jaren '90 TD-platen), maar ook deze remix beschouw ik als een overbodig uitprobeersel, wat i.m.o. eigenlijk weggelaten had mogen worden.
Daarmee eindigt een plaat die sterk begint, maar naarmate die vordert, gewoon inzakt. Als het niveau van de eerste helft constant was gebleven, was er wellicht sprake geweest van een relatief hoge score. Echter maakt de 2de helft de belofte niet waar en blijf ik steken op een krappe 3,5, wat in dit geval gezien mag worden als een ruime score voor deze verder niet bijster opvallende plaat. En dan ben ik in dit geval best gul, want héél stiekem en kritisch gezien zou ik in al m'n objectiviteit de plaat 3 punten meegegeven hebben. Maar gelukkig doet de plaat nog iets met mij, waardoor ik 'm toch over de gehele linie een halve punt erbij geef.
Bij deze...