Deze sessies waren wel echt met Trane als band/sessieleider. Maar wat je zegt klopt in andere gevallen zeker. Zo deed Prestige dat met:
Elmo Hope Sextet - Informal Jazz (1956)
Mmmm, Elmo Hope is niet zo bekend en verkoopt niet zoveel. Laten we em een jaar later gewoon eens zo uitbrengen:
John Coltrane with Hank Mobley - 2 Tenors (1957)
Coltrane verkoopt namelijk altijd. Alle releases voor Prestige werden puur uit commerciële overwegingen uitgebracht. En gelukkig zitten er ook pareltjes tussen.
Prestige producer Bob Weinstock vind ik een heel naar mannetje. In een interview in de jaren '00 praat hij met heel veel wrok en jaloezie over Nesuhi Ertugun van Atlantic records en Bob Thiele van Impulse! Records. Zij zouden zijn artiesten hebben weggekaapt met mooie contracten. Hij vergeet echter dat er op zijn eigen label bijna geen enkele artiest tot ware creatieve expressie kwam, in tegenstelling tot de mannen die hij zo vervloekt. Weinstock's doel was: pak een bekende jazz-artiest, neem zoveel mogelijk op en breng alles om het jaar uit. Hij ging duidelijk voor kwantiteit in plaats van kwaliteit. Hij spreekt kwijlend over Gene Ammons, die hem trouw bleef en de best verkopende artiest werd op het label. Als je echter diens werk op Prestige beluisterd val je zowat in slaap. Laat staan dat Ammons in het rijtje Lester Young, Charlie Parker en John Coltrane thuishoort, zoals Weinstock beweerd.
Enfin, Prestige heeft genoeg moois uitgebracht evengoed, het is soms alleen wat zoeken. En Weinstock geeft een licht vieze smaak in m'n mond.