Als je naar de homepage van de uit Dublin afkomstige Conor Furlong kijkt wat hij schrijft over zichzelf dan leer je dat ie zich heeft laten beïnvloeden door artiesten als A-ha, R.E.M., Nirvana, The Smashing Pumpkins, The Beach Boys, David Bowie, AIR, The Monkees, Phil Spector en Mercury Rev.
Maar ook film en kunst inspireren hem.
Het allermooiste vind ik de laatste zin: 'My aim is to make music that I love and hope that you might love it too'. Daar wil ik straks op terugkomen.
Het album opent donker en mysterieus met een bak strijkers. Het instrumentale titelnummer weet gelijk al te boeien en doet uitkijken naar het vervolg.
Dat vervolg vindt plaats in de vorm van It's Ok to Feel Sad dat een beetje doet denken aan Mercury rev. Furlong heeft geen onzin lopen uitkramen voor wat betreft zijn invloeden. Ik hoor ook een echo jaren '80 en het ietwat pompeuze geluid vermengt met lieflijke klanken maakt mij als luisteraar behoorlijk blij. Alsof de bubbels in de champagne gelijk al hun werk doen. Arcade Fire meets Fanfarlo meets Get Well Soon meets Mull Historial Society (kennen we die nog?!).
Op Gaza Kid horen we lichte shoegaze invloeden. Gitaar-rammelrock met koortjes en toch met een glitterrandje omlijst.
Bullet from a Gun start orkestraal en krijgt al snel een venijnig scheutje toegediend door de gitaar die flink van zich laat horen. Wel wordt duidelijk dat Furlong geen ster-zanger is, maar zijn geluid past wonderlijk genoeg uitstekend bij deze stijl. Het heeft bijna iets sereens over zich, terwijl anderen het gewoon herrie zullen vinden.
Er wordt wat gas teruggenomen op Corporate Whore, maar dat slaat na een minuut alweer om. Grungy electro pop neemt het dan over. Ineens doemt het bandje My Vitriol in mijn hoofd op. Nooit enige grote bekendheid gekregen, maar ook zij opereerden in deze hoek van het muzikale landschap.
En zelfs The Smiths zouden niet heel gek zijn om te noemen, en laten we eerlijk zijn: ook Morrissey is geen geweldige zanger, maar weet wel enorm aan te spreken. Furlong doet niet anders. Het klopt gewoon.
Vervolgens horen we Tears. Lieflijk galmt Conor zich door dit nummer heen. Even een beetje op adem komen na het voorgaande 'geweld'.
Eyes Open sprankelt zoals veel jaren '80 alternatieve gitaar-pop bandjes dat konden. Het is alleen niet kort en bondig zoals vaak het geval was bij die bandjes, maar het gaat de zes minuten voorbij. Het nummer ontvouwt zich dan ook in een langzaam tempo, explodeert niet maar weet toch naar een soort climax toe te werken. Ook hier is zijn zangstijl wel een beetje love-hate denk ik.
A Ticking Clock geeft mij weer een Mercury Rev gevoel. Een heerlijk gevoel kan ik wel stellen. Wat een fraai liedje is dit. Koortjes die zich perfect mengen met een heldere gitaarsolo. Heel fraai vind ik.
Op 4 December 2010 weet Furlong dat sprankelende gevoel vast te houden. Galmend, bijna zalvend weet hij ons in hemelse sferen te brengen. Wederom een sterk nummer.
Vervolgens krijgen we nog twee nummers in de vorm van If en Endless Sky. If is een kalm nummer met een soort sprookjes rand en Endless Sky maakt dat sprookjesachtige helemaal af.
In Ruins is het vierde volwaardige album van Conor Furlong. Het debuut verscheen in 2019 en vervolgens schotelt hij ons elk jaar een nieuw album voor. Voor mij is dit de kennismaking. Geen vervelende. In Ruins weet mij wel te boeien en ik ben benieuwd hoe dat op langere termijn gaat uitpakken.
Daarmee wil ik op zijn opmerking 'My aim is to make music that I love and hope that you might love it too' terugkomen: ik wil dat met een volmondig ja beantwoorden. Dit soort independent artiesten steun ik van harte.