MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Sleater-Kinney - Little Rope (2024)

mijn stem
3,41 (23)
23 stemmen

Verenigde Staten
Rock
Label: Loma Vista

  1. Hell (3:14)
  2. Needlessly Wild (2:51)
  3. Say It Like You Mean It (3:44)
  4. Hunt You Down (3:32)
  5. Small Finds (3:07)
  6. Don’t Feel Right (3:50)
  7. Six Mistakes (3:08)
  8. Crusader (3:37)
  9. Dress Yourself (3:28)
  10. Untidy Creature (3:28)
  11. This Time * (3:54)
  12. Here Today * (3:38)
  13. Nothing to Lose * (3:36)
  14. Hell [Live in Melbourne / 2024] * (3:20)
  15. Say It Like You Mean It [Live in Melbourne / 2024] * (3:51)
  16. Don't Feel Right [Live in Melbourne / 2024] * (4:11)
  17. Say It Like You Mean I [Frayed Version] * (3:44)
  18. Hunt You Down [Frayed Version] * (2:57)
  19. Untidy Creature [Frayed Version] * (3:23)
toon 9 bonustracks
totale tijdsduur: 33:59 (1:06:33)
zoeken in:

avatar van Rvdz
3,5
Nog niet volledig terug op het oude niveau, maar een stuk beter dan de vorige twee!

avatar van erwinz
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Sleater-Kinney - Little Rope - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Sleater-Kinney - Little Rope
Sleater-Kinney sloeg in 2019 een totaal nieuwe weg in, die op zich wordt vervolgd op haar nieuwe album Little Rope, dat echter ook flarden uit de vroegere jaren van de Amerikaanse band laat horen

Sleater-Kinney rekende ik tussen 1996 en 2015 tot mijn favoriete bands, maar over het door synths en invloeden uit de pop gedomineerde The Center Won’t Hold was ik veel minder enthousiast, al is de liefde voor dit album sindsdien wel wat gegroeid. Op Little Rope gaat Sleater-Kinney verder op de ingeslagen weg, maar laat het af en toe ook echo’s van haar oude werk horen. Het is een mooie combinatie, die mede door de fraaie productie van John Congleton verrassend goed werkt. Ik ging er eerlijk gezegd van uit dat Sleater-Kinney nooit meer in de buurt zou kunnen komen van haar beste albums, maar Little Rope laat gelukkig iets anders horen.

De Amerikaanse band Sleater-Kinney maakte na haar weinig opzienbarende titelloze debuutalbum uit 1995 een imposante stapel geweldige albums, waarvan The Woods uit 2005 er voor mij net wat uitspringt, maar de andere zes doen er echt nauwelijks voor onder. Het zijn allemaal albums met behoorlijk rauwe en lekker energieke rocksongs, die genoeg hebben aan bas, drums, gitaar en zang. Sleater-Kinney koos naarmate de carrière van de band vorderde af en toe voor net wat meer experiment, maar tot en met No Cities To Love uit 2015 domineerden explosief gitaarwerk en licht hysterische zang, die de ruwe songs van Sleater-Kinney voor mij onweerstaanbaar maakten.

Na Cities To Love moest het kennelijk anders, waarna drummer Janet Weiss de band verliet en Corin Tucker en Carrie Brownstein met zijn tweeën verder gingen. Sleater-Kinney keerde in 2019 terug met het flink anders klinkende The Center Won’t Hold, dat nog maar af en toe herinnerde aan de eerste acht albums van de band, die lange tijd vanuit Olympia, Washington, opereerde, maar inmiddels was neergestreken in Portland, Oregon. Op het door Annie Clark, beter bekend als St. Vincent, geproduceerde album voegde Sleater-Kinney synths toe aan haar geluid en schoof het bovendien flink op richting pop.

The Center Won’t Hold werd verguisd door de critici en ook iedereen die de eerdere album van de band koesterde moest niets hebben van het nieuwe geluid van de band. Ik vind The Center Won’t Hold inmiddels overigens veel beter dan bij mijn eerste beluistering van het album. Hiervoor moest ik wel stoppen met het vergelijken van het album met bijvoorbeeld het door mij gekoesterde The Woods.

Met het in 2021 verschenen Path Of Wellness ging Sleater-Kinney verder op de weg die met The Center Won’t Hold was ingeslagen, maar het feit dat Corin Tucker en Carrie Brownstein het album zelf produceerden vond ik persoonlijk geen gelukkige keuze. Voor het deze week verschenen Little Rope heeft Sleater-Kinney gelukkig weer wel gekozen voor een producer van naam en faam, want niemand minder dan John Congleton (Black Pumas, Regina Spektor, Angel Olsen, Midlake) nam plaats achter de knoppen.

Aan Little Rope ging een persoonlijk drama vooraf, want de moeder en stiefvader van Carrie Brownstein kwamen om het leven bij een verkeersongeval in Italië. Het heeft ongetwijfeld zijn sporen nagelaten op een album dat een brug probeert te slaan tussen het nieuwe geluid van Sleater-Kinney en het geluid van de eerste acht albums van de band. Ook op Little Rope zijn nog volop synths te horen, maar gitaren hebben weer wat aan terrein gewonnen op het album en klinken hier en daar als vanouds. Bij vlagen klinkt Little Rope lekker ruw en stevig, maar Sleater-Kinney verwerkt ook nog altijd flink wat invloeden uit de pop in haar muziek.

De keuze voor John Congleton blijkt een uitstekende, want de ervaren producer weet de beide kanten van Sleater-Kinney aan elkaar te verbinden op een geweldig klinkend album. Het is een album dat, ook in de zang, weer de passie van de vroege Sleater-Kinney albums laat horen, zeker als Corin Tucker en Carrie Brownstein samen zingen, en dat ik qua songs veel aansprekender vind dan zijn twee voorgangers. Sleater-Kinney heeft met Little Rope de weg naar boven weer gevonden en levert een uitstekend album af, dat me nu al veel dierbaarder is dan zijn twee voorgangers. Erwin Zijleman

avatar van Rudi S
4,0
Oh leuk, ik wil wel altijd eerst weten wat Slowgaze er van vindt.

avatar van Slowgaze
4,0
Rudi S schreef:
Oh leuk, ik wil wel altijd eerst weten wat Slowgaze er van vindt.

Terecht dat je mijn autoriteit respecteert: ik ben ooit uitgebreid als bron vermeld op de Engelstalige Wikipedia. En daar schep ik jaren later nog steeds over op, ik geef het toe.

avatar van Slowgaze
4,0
erwinz schreef:
The Center Won’t Hold werd verguisd door de critici en ook iedereen die de eerdere album [sic] van de band koesterde moest niets hebben van het nieuwe geluid van de band.

Spreek even voor jezelf, bro. Het oudere werk van Sleater-Kinney vind ik goed tot buitencategorie, en The Center Won't Hold vond ik een bescheiden meesterwerkje. Eigenlijk was het een heel logische plaat naar het puntige en sterk door new wave beïnvloedde No Cities To Love. Anders dan jij beweert, waren er vaker synths te horen op hun albums; alleen wat minder prominent. Volgens mij waren veel fans toen gewoon behoorlijk kribbig omdat Janet Weiss rond die tijd de band verliet en het album als vanzelf daardoor tamelijk controversieel werd (alsof zij de eerste drummer van de band was trouwens, maar ja). In St. Vincent werd ook wel heel gemakkelijk een zondebok gevonden, alsof zij een te sterke stempel zou hebben gedrukt als producer.

avatar van itchy
3,0
Het probleem met The Center Won't Hold (en de opvolger, en deze ook een beetje) is niet de productie maar het gebrek aan écht goede nummers.
Ik mag dat zeggen want ik was al fan van deze band toen de gemiddelde wijsneus op deze site nog in pampers lag te blèren.

Needlessly Wild vind ik wél een prachtsong trouwens!

avatar van Slowgaze
4,0
itchy schreef:
Ik mag dat zeggen want ik was al fan van deze band toen de gemiddelde wijsneus op deze site nog in pampers lag te blèren.

Ja, maar ik heb dan ook eerbied voor je grijze haren.

avatar van itchy
3,0
Slowgaze schreef:
(quote)

Ja, maar ik heb dan ook eerbied voor je grijze haren.


avatar van Rvdz
3,5
Op basis van het (sowieso erg fijne) optreden in Paradiso zondagavond noteer ik Hunt You Down en Small Finds als S-K klassiekers in de dop, die knalden echt heerlijk uit de speakers.

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 10:08 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 10:08 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.