onbekend maakt onbemind, maar vergis je niet in de kwaliteit van de muziek van dit uit Portland, Maine afkomstige Amerikaanse folkgezelschap. een trio bestaand uit de broers Chuck en Steve Romanoff en wijlen Tom Rowe met als specialiteit het uitvoeren van "shanty songs" en andere traditionele liederen met veelal Angelsaksische wortels. bovendien schreven de heren ook eigen liedjes, op dit album zijn dat tracks 1,5,9,10,11 en 12, die overigens niet allemaal even sterk zijn. Schooner Fare bracht 11 reguliere albums uit, waarvan de laatste "Roots and Wings" uit 2010 dateert. het trio is zo goed als onbekend gebleven in Europa, maar traden in het verleden door geheel Amerika op met als uitvalsbasis hun thuisstaat Maine en in folkkringen genieten zij een grote status. op dit 2e album is het instrumentarium uitgebreid met o.a. mandola, fluit, tin whistles, mellotron en cornet, waardoor hun muziek wat voller klinkt dan op hun debuut "Day of the Clipper".
album opent sterk met een nummer van Steve Romanoff "The Ballad of Mad Jack" waarop de 3-stemmige samenzang schittert, waarna de fraaie melodie van "Sweet Thames Flow Softly" volgt, een nummer van de Brits/Schotse folkzanger/songwriter Ewan MacColl (de man heeft meer dan 100 albums op zijn naam staan!), die met name bekend werd als songwriter van de klassieker "Dirty Old Town" bekend van versies van The Dubliners en The Pogues.
andere hoogtepunten op dit album zijn "Fawn Grove" (van Jeff Rice) met fraaie a-capella zang, "Don't Stop to Rest" (van Steve Romanoff) dat mij deed denken aan de muziek van Dillard & Clark, "The Cobbler" een nummer van de Amerikaans Ierse folkmuzikant Tommy Makem, bekend van The Clancy Brothers en "Fiddler's Green" geen traditional, maar een nummer van de Engelse folkmuzikant John Connolly, ook bekend in de versie van The Dubliners. het enige (korte) instrumentale nummer "But Were I Born a Sailor" sluit naadloos aan bij de flow van dit album. de vrolijke, met humor gebrachte afsluiter "We're Here to Drink the Whiskey" is een fijn "feel good" nummer van Chuck Romanoff.
mindere tracks zijn het iets te zoetsappige "My Lady in Waiting" en "The Kingfisher", beide nummers van Steve Romanoff.
wat betreft de betekenis van het nummer "Fiddler's Green" citeer ik ter toelichting uit Wiki:
"Fiddler's Green" is an after-life where there is perpetual mirth, a fiddle that never stops playing, and dancers who never tire. In 19th century English maritime folklore, it was a kind of after-life for sailors who had served at least fifty years at sea"
er zullen ongetwijfeld mensen zijn die deze muziek saai of oubollig vinden, maar ik vermoed dat de liefhebber van folk en shanty songs (zeemansliederen) met dit album niet teleurgesteld zal worden. de broers Chuck en Steve Romanoff zijn inmiddels flink op leeftijd en treden nog steeds op, maar doen dat voornamelijk in hun thuisstaat Maine.
Album werd geproduceerd door Schooner Fare
Recorded at E.A.B. Studios, Lewiston, Maine
Schooner Fare is/was:
Chuck Romanoff: vocals, twelve-string guitar, mandola, snores & yawns
Steve Romanoff: vocals, six-string guitar, classical guitar, five-string banjo, cymbals
Tom Rowe: vocals, electric bass, mandola, tin whistles, bass clarinets, mellotron, cornet, drums, flute
Special guests:
Dennis Breau: lead guitar
Dick Demers: drums
Ric Edminston: lead classical guitar
Ray Mathieu: trombones