Met: Stan Getz (tenorsax); Chick Corea (piano); Ron Carter (bas); Grady Tate (drums)
Heel erg aangename plaat. Getz met zijn altijd verrukkelijke toon op de tenorsax, met genoeg creativiteit in de ritmesectie om het (meestal) spannend te houden. Corea draagt ook twee composities bij, aan de uiteinden van het album. Dat zijn meteen (relatief) de meest uitdagende stukken, alleen lijkt Corea soms wat op zoek naar een doel waardoor de aandacht wat verslapt.
Toch maakt het meer smeuïge middenstuk het meeste indruk, met de glinsterende, licht latijns gekruide romantische swing van 'O Grande Amor' (Jobim) en Con Alma (Gillespie), en in iets mindere mate het contemplatieve titelnummer, dat het geduld soms wel een beetje op de proef stelt. Hier klinkt Corea bijna als Bill Evans, wat misschien de reden is dat sommige bronnen (o.a. Spotify) beweren dat Evans op deze plaat te horen is (wat volgens mij niet klopt).
Een deel van mij wil vier sterren of hoger geven, maar tijdens de verschillende luistersessies dwaalden mijn gedachten toch vaak af. Een wat voorzichtige waardering dus, maar voor 's avonds laat een nagenoeg volmaakte jazzplaat.