Niet iedereen begrijpt de humor van Ash, dat was bij het afsluitende braak-tafereel van hun debuut 1977 al het geval. De drie Ierse lolbroeken zijn tevens dol op science fiction en linkten op hun eersteling al naar Star Wars, James Bond en foute B-films. Het is eigenlijk eerder zo dat de muziekpers het drietal te serieus neemt want de band zal met het startstein Zarathustra ook nu weer de nodige vraagtekens oproepen. Zarathustra is over de top groot uitpakken. Dit epische werkstuk van Richard Strauss is wereldberoemd geworden door het gebruik in 2001: A Space Odyssey, waarna het vervolgens vaak in flauw Amerikaans worstelsuperhelden-entertainment misbruikt werd.
Ik houd van Ash. Ze hebben gewoon de pech gehad dat ze nog maar net in de bloeitijd van de Britpop hun vluchtige momenten van roem pakten en dat ze na dat waanzinnige 1977 uit 1996 een beetje wegzakten. Laten we stellen dat de interesse voor Ash al terugliep sinds de band probeerde om diepgaande albums te maken. Op het persoonlijke Race the Night stond de mentale aftakeling van de vader van Tim Wheeler centraal. Geen misselijke plaat, al was de ondertoon net wat zwaarder.
Dat het leven relatief kort is merk je op de switch naar het luchtigere Ad Astra. Niet koste wat het kost het maximale eruit halen, maar wel maximaal genieten. De sprankeling heerst op Ad Astra, het nieuwste wapenfeit. Ondertussen is het basistrio Tim Wheeler, Mark Hamilton en Rick McMurray alweer ruim twintig jaar zonder inmenging van anderen actief. Frontman Tim Wheeler bereikt over iets meer dan een jaar de vijftigjarige leeftijd en klinkt jeugdiger dan ooit.
Ad Astra heeft niet alleen een retro-futuristische albumhoes, ook het geluid heeft iets retro-futuristisch. Stiekem koester je dat nostalgische gevoel dat vroeger alles beter en mooier was. Diep van binnen weet je dat daar de waarheid in schuilt. Hoe gaat Ash met dit gegeven om? Nou, op een waardige manier die nergens verveelt. Ash lift in ieder geval niet op de in Ierland heersende (post)punk-trend mee, Ash blijft Ash en haalt de inspiratie uit andere (sub)genres.
Which One Do You Want? is het poëtische Manchester van The Smiths uit de jaren tachtig. Het ademt in alles dat uitgetekende straatbeeld uit, met heerlijk breed uithalende wegglijdende gitaarakkoorden. Het staat tevens voor de vlucht van de Ieren naar Het Beloofde Land, al twijfel ik tegenwoordig erg aan de toevoegende waarde van de Verenigde Staten. Op het stevig rockende, met een typisch Fatboy Slim intro opgeleukte Fun People speelt Graham Coxon mee. Het is een behoorlijk geslaagde poging om de geniale Blur gekte in een song onder te brengen. Heel veel Song 2, Parklife, The Great Escape en Girls and Boys. Ash komt er goed mee weg, heel goed zelfs.
Er gebeurt dus veel op Ad Astra. We proosten mijmerend op de kansloze, weggegooide puberteit in de collegerock van Give Me Back My World. We leven ons uit op de stadionpunkrock van het schreeuwende, commerciële Hallion. Heerlijke niks aan de hand midlife crisis muziek voor de weekendrocker die weigert om volwassen te worden. De op krautrock gebaseerde new wave van Deadly Love, het met ingecalculeerde sierstrijkers verrijkte My Favourite Ghost folk-rustpunt; alles bijna in perfectie uitgevoerd.
Dan volgt echter de enige grote misstap van de plaat; de ska/punkrock-cover van de Harry Belafonte klassieker Jump in the Line. Daar baal je dat ze het 1977 geintje tegenwoordig niet meer kunnen uithalen, door deze als geheime cd-track na een stilte van een paar minuten in te starten. Nu staat de song vervelend halverwege opgesteld en is skippen lastiger. Och, ook dit grapje overleven we wel en de overige nummers maken veel goed. Het springerige Keep Dreaming zou bijvoorbeeld de ideale herkenningstune van een Amerikaanse feelgood sitcom uit de jaren negentig kunnen zijn.
Het krachtige Dehumanised is ouderwetse powerpop met een dansbare indie/glam twist. Ghosting is het ziekelijke verlangen om iemand te stalken, verpakt in een onschuldig liefdesliedje. Graham Coxon drukt net niet voldoende zijn stempel op het titelstuk. Hij is slechts een gastmuzikant, en stelt zich hier aardig in die onderschikkende rol op. Prima, het blijft een Ash plaat, al is zijn bijdrage op Fun People stukken overtuigender. Zijn manische overstuurde hardrockuithalen zijn op het eindspel van de plaat net wat onherkenbaarder. Samenvattend: Ad Astra benadrukt vooral waarom de laatste decennia van de vorige eeuw zo leuk waren.
Ash - Ad Astra | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com