Het is 1953, de tweelingzusjes Irene en Ellen Kossoy vertoeven op een zomerkamp in de omgeving van New York. De zusjes zijn op dat moment pas 15 jaren jong, maar zijn al vanaf jonge tijd muzikaal actief.
Ever since we were able to talk, we were singing. Our mother’s sister lived with us and the two of them were always singing together in harmony, so we kind of figured that out fairly quickly when were about six or so. Het zomerkamp was niet ver verwijderd van het huis van Pete Seeger. En hij kwam dan ook regelmatig langs om de kinderen zijn muziek te laten horen en bracht dan een willekeur aan uiteenlopende artiesten met zich mee. Hierdoor raakte de beide zussen ook geïnteresseerd in de folk muziek. In vroegere jaren hadden ze met hun oudere zus al enkele
hootenannies bezocht, maar de muziek van Pete Seeger bracht het besef naar boven dat ze zichzelf ook verder muzikaal wilden ontwikkelen. Ze werden, ondanks hun jeugdige leeftijd, frequente bezoekers van Washington Square in Greenwich Village.
The Village was in de jaren ’50 en begin jaren ’60 een hotspot van schrijvers, muzikanten en linkse politieke activisten. De zussen brachten elke zondag door in
The Village, luisterend naar nieuwe muziek. Ze ontmoette daar ook veel musici die reeds al een grote naam hadden in de folkscene; Dave Van Ronk, Ralph Rinzler, Mike Seeger, John Cohen en Mary Travers waren enkele van de vele, vele muzikanten waarmee de dames in contact kwamen. Een andere muzikant die hun pad kruiste was Erik Darling. Darling was reeds een gevestigde naam in
The Village en zou in 1958 Pete Seeger vervangen in the Weavers en samen met the Rooftop Singers een bescheiden hitje scoren met
Walk Right In in 1962.
We were hanging around Washington Square, and a woman named Lucia Walker came over to us and asked us if we would like to do some concerts. After the off-Broadway theatres would go dark, they would have midnight concerts. So we started doing a number of these concerts, some with Erik Darling. De reeks concerten trok de aandacht van Paddy Clancy, één van the Clancy Brothers. Hij had net een eigen platenmaatschappij, Tradition Records, opgezet en was zeer geïnteresseerd om een plaat op te nemen met the Kossoy Sisters (de naam die ze zichzelf aangemeten hadden) met Erik Darling als gitarist.
De muziek van the Kossoy Sisters is sterk gericht op the
mountain music uit het zuiden van Amerika. Het stemgeluid van de zussen doet dan ook meer denken aan zuidelijke schonen dan aan New Yorkse tieners. Want ten tijden van dit album waren de zussen nog maar 18 jaren jong. Het album bestaat dan ook compleet uit traditionals. Zoals het door
O Brother Where Art Thou bekend geworden
I’ll Fly Away,
Single Girl dat reeds in de jaren ’30 werd opgenomen door the Carter Family en
The Banks of the Ohio later ook nog op de plaat gezet door Olivia Newton-John. Het lied dat ooit mijn aandacht trok naar dit album is
What Will We Do With the Baby-O. Het lied stelt een niet-alledaagse opvoeding voor.
Every time the baby cries, stick my finger in the babies eyes. [..] Every time he starts to grin, give the baby a bottle of gin. Deze absurde tekst in combinatie met de jeugdige stemmen van the Kossoy Sisters geeft een uitermate humoristische kijk op de opvoeding.
Kort na de opname van dit album scheidde de wegen van Irene en Ellen Kossoy. Beide dames trouwden op jonge leeftijd en schikten zich in de rol van huisvrouw. Over de jaren heen hebben ze als the Kossoy Sisters nog een aantal spaarzame optredens verzorgd, maar het zou tot 2002 duren voordat ze wederom een album zouden opnemen.
Voor iemand die, als ikzelf, een voorkeur heeft voor folk en vrouwenstemmen en zichzelf niet laat afschrikken door de enigszins “oud” klinkende muziek is dit een zeer aan te raden album.