Lucky Came To Town, met debuutplaat The River Knows My Name, een nieuwe naam aan het firmament van de Belgische americana om al direct rekening mee te houden. Maar voortgaande op hun socials waren ze er toch al even. Je stoot dan steevast op die charismatische wat grijsbebaarde frontman Kim Van Weyenbergh. Altijd ontwapenend sympathiek in de weer om zijn levensproject Lucky Came To Town helemaal tot in de schijnwerpers te tillen. God, ademt die man zijn muziek, de americana, uit.
Ronduit aandoenlijk is het daarbij wanneer hij bij kaarslicht samen met tienerdochterlief (!) een verbluffend akoestisch coverduet ten beste geeft van Zach Bryan’s schitterende I Remember Everything. Zach Bryan en Kacey Mushgrave waarlijk even helemaal overtroffen daar in de intimiteit van die Franse zomeravond. Want country, folk, blues of rock, het blijkt het gezinnetje uit Linden-Lubbeek met de paplepel ingegoten. Ergens vind je verder ook nog wel het clipje terug waar hij en partner Annemie Moons in de keuken al als duo schoon samenzingend aan de weg timmeren.
https://www.facebook.com/share/v/1H3bpVSPeh/
En ja, ook vader Van Weyenbergh organiseerde al folkoptredens, met goed volk als Ramblin’ Jack Elliot, Derroll Adams en andere legendes op de affiche. Zoontje Kim beleefde het allemaal vanop de eerste rij en hij zoog alles graag en gretig op, tot en met papa’s wondermooie platen van de grote Springsteen. Met het opgroeien kwamen dan steeds meer ook de eigen idolen als eerst het ‘wilde’ Pearl Jam zich erbij vervoegen. Maar de kiem voor het luisteren naar, het spelen en uiteindelijk het componeren van die americana was voor deze muzikale allesbrander dus al helemaal gelegd.
Betitelen we, nu bekeken, Van Weyenbergh’s beginjaren als muzikant eerlijkheidshalve dan toch maar wat als ploeteren. Met zijn project Rain Dog alleen de boer op, tot zwerven toe in Amerika. Tot hij die solotrips zelf maar wat beu werd en eindelijk in 2015 zijn Lucky Came To Town, de groep, het levenslicht mag zien. Een duidelijke groet overigens toch wel zeker, jongens, die naam, naar Springsteen’s Lucky Town? In alle geval, vanaf dan enkel nog maar een aantal personeelswissels, waaronder de gelukkige toevoeging van een leadgitarist en sinds 2021 valt vooral alles meer in zijn vaste plooi.
Twee gitaren nu, toetsen, bas, drums én harmonie van stemmen. Daarmee rollen ook de eerste epeetjes van de band. Met één van die songs notabene, Ghost of the Mississippi uit 2022, die de zes met hun neuzen meteen al even aan het grotere venster zet. Ze halen er dat jaar de halve finale mee van de americana-sectie van Nashville’s vermaarde International Songwriting Competition.
Maar vooral, geheel organisch raakte nu eindelijk ook dat eerste album The River Knows My Name in de steigers. Met Van Weyenbergh als de aanbrenger van al de primaire teksten én de muziek om er met de band volop mee aan de slag te gaan. Gidsend voor hem daarbij waren de woordkunstenaars als Jason Isbell, Ryan Adams, John Hiatt en bij uitbreiding – vooruit, nog wat namedropping – de hele americana-sound opwellend uit de platen van Steve Earle, John Moreland, Bruce Springsteen, The Jayhawks, John Prine, Townes Van Zandt, The Felice Brothers, Tom Waits, Justin Townes Earle.
In dit album neemt hij je mee, dixit storyteller Van Weyenbergh zelf, naar een wereld van ‘boxcars, murderers, thieves, lovers, all kinds of people’, doorgaans tegen een achtergrond van het land van Uncle Sam. Stuk voor stuk verhalen ook in essentie over overleven, met als constante de mythische Mississippi als de rivier vol stenen verlegd door zovelen ooit op aarde.
The River Knows My Name start zijn zinderende Ain’t No Blues in een waas van zoemend orgel. Het wordt een bluesy countryrocker waar je al onmiddellijk kennismaakt met de heersende karakterstem van Van Weyenbergh. Waar evenwel niet alleen zijn vrouw Annemie Moons maar tussen de schelle honky-tonk-toetsen ook vrijwel de hele band zich in enthousiaste samenzang mogen aansluiten. Mooi al zonder meer en dan moeten al de highlights nog komen.
Zoals ook de topper van al even, die jolige countrysong Come Dance op dit album zeker niet mocht ontbreken. Een perfecte illustratie van de constante samenwerking van zes bedreven muzikanten. Hier wordt de song bovendien nog wat bijgekleurd door de viool van Katrien Bos en de slidegitaar van producer Dirk Lekenne.
Lucky Came to Town plays Even Now Live at Het Groot Ongelijk
Het moordlied letterlijk en figuurlijk Oh, Loretta luistert daarop weg als een regelrechte Steve Earle. Wat schurkt Van Weyenbergh’s stemtimbre hier dan ook schitterend aan bij dat van de gevierde singer-songwriter.
Ook klepper Hands on the Wheel past Lucky Came To Town als gegoten. Wat een groepsprestatie, die toetsen, piano, orgel, die scherende gitaar, in vurig driespan met de schitterende zang. Een bonkende song uit één stuk die zich heimelijk optrekt en openbloeit tot een countryrocker van jewelste. Met Van Weyenbergh die zich met zijn op- en neergaande vocalen hier uitleeft als een plaatsvervangende Eddie Vedder.
Even balladeren dan met het slepende Lone Wolf, de sierlijk inleidende gitaristen, een onkreukbaar volgende band, inclusief die fladderende viool. En Van Weyenbergh, hij is ‘the wolf howling at the moon’.
Grijpt de drinkende zanger op retour zijn kans tot ommekeer nu het nog kan? Hoe ook de lyrics, het zalig wegtikkend Going Back staat sowieso voor een topsong. Heerlijk toch weer daarbij dat hele rijke instrumentarium van die band, die dwarrelende akoestische en elektrische gitaren en die intussen bijna onmisbare viool. Met z’n allen dus samen met het briljante verhaal van Van Weyenbergh meedeinen tot aan het gaatje.
Pure opwinding, dat is ook Soulfire, een geweldige rocker. Een scanderende frontman door de pittige percussie op speed gedreven. Lekker elektrisch ook, met applausje voor het uitmuntende slide-solowerk van de producer.
Dan het hemels catchy Even Now. Even een a capella-intro, waarna alles in gang schiet. Samenzang, gitaren, percussie, gewoon met z’n allen op het elan van een stoomtrein door tot aan die dartele finale piano-nootjes. Met uiteraard Van Weyenbergh in zijn zoveelste glansrol.
In Coal Blues zoekt voor even ver van de Mississippi de zanger letterlijk en figuurlijk zijn zwarte blues diep in die rampzalige mijn van Marcinelles. Traag, piano en orgel in mineur, plechtige samenzang, droefenis die uitgalmt.
Waardige afsluiter wordt New York City Nights, de finale uptempo rocksong over Van Weyenbergh zelf die ooit over de plas zijn New Yorkse dromen najoeg.
Maar ‘Lucky Van Weyenbergh’ heeft nu na jaren geduldig zoeken een vastberaden gezelschap van gelijkgestemde ‘Luckies’ bij elkaar gekregen en de Lucky Came To Town-trein lijkt er in die constellatie goed mee op snelheid te komen. Hijzelf is en blijft naast singer-songwriter ook een topclass americana-crooner met een karakterstem die op Vlaamse bodem nog het meest doet denken aan die van Leander Vandereecken, die andere americana-klasbak van A Murder in Mississippi.
Dus ineens staan ook zijzelf er als groep, met een authentiek album vol doorleefde, nostalgische songs die in hun intensiteit verbazen, het hart raken en zich per luisterbeurt dieper nestelen. Een plaat vol bluesy americana bovendien die in al zijn variatie coherent is en knap gearrangeerd.
Men kan het bijaldien in verband met de band nu al niet meer louter hebben over ‘Lucky Came…’ maar met deze eerste steen in de Mississippi-river evengoed over ‘Lucky Came, Saw and Won‘. Dikke duim bij deze voor een zeer geslaagd debuut dat enkel vraagt om nog veel meer.
En ja, heel misschien zien we daarbij dan ooit, in het backing-koor, ook die jongste Van Weyenbergh als zevende ‘Lucky’ in die ambitieuze band opduiken. Het bloed dat kruipt…?
– Kim Van Weyenbergh – ritmegitaar, vocals,
– Annemie Moons – vocals,
– Wouter Grauwels – leadgitaar, vocals,
– Dimitri Laes – toetsen, vocals,
– Joost Buttiens – basgitaar,
– Bart Steeno – percussie.
Opgenomen in de rootsstudio Fandango in Boutersem met producer Dirk Lekenne.