Dit is een verrassend en zéér degelijk album van Cusco met een aantal rustige, gedragen en plechtige nummers, maar ook een paar heel opzwepende... Over de gehele linie kan ik dit album beter verdragen dan Mystic Island, maar mist tegelijkertijd ook wat van de spontaniteit van Apurimac. Dat wordt in dit geval gecompenseerd met uiterst fijngevoelige nummers die wel degelijk tot de beteren van Cusco behoren.
Het mooie titelnummer opent de plaat op evenwichtige wijze en is een rustig, ietwat dromerig nummer die een aantal opvallende hoofdthema's bevatten die zich onderling afwisselen. Ondanks dat het nummer in hetzelfde, gedragen en gedweeë tempo doorkabbelt, zorgen de verschillende melodie-reeksen dat de aandacht geen enkel moment verslapt.
"Methos" heeft zeker iets rijkelijks en plechtigs over zich. Het klinkt als een soort van Keltische psalm en na de Inca-invloeden van Apurimac is het weliswaar weer eens héél wat anders, maar het klinkt zeker niet slecht en ik vind dat Cusco er mee weg komt.
"Spell" gaat door in dezelfde plechtige trant als de voorganger, maar klinkt wel weer wat traditioneler. Nog steeds anders dan dat ik van Cusco gewend ben, maar het is wel erg mooi.
Het spontane "Waters of Cesme" doet dan weer wel erg aan Apurimac herinneren en klinkt voor Cusco-begrippen veel herkenbaarder. Die typische Latijns-Amerikaanse sound komt werkelijk helemaal naar voren tijdens dit nummer. Erg leuk!!
Maar het beste voorbeeld van wel het meest opvallende nummer die ik tot nu toe ooit van Cusco gehoord heb, is het geniale "Djebel at Tarik". De manier hoe dit nummer in elkaar steekt is werkelijk geweldig. Het hoofdthema bevat neuriënd gezang en wordt afgewisseld met een aantal meer opzwepende en bombastische stukken die erg sterk in elkaar overgaan en zorgen voor een goede spanningsopbouw binnen de muziek. Wat dat betreft steekt dit nummer compositorisch erg goed en origineel in elkaar en stuwt het niveau van het album behoorlijk omhoog.
Ook het vrolijke "Bur Said" is een heel fijn, goed in elkaar stekend stukje muziek waar ik met plezier naar kan luisteren. Ook hier gebeurt erg veel en vooral het beetje tetterende middenstuk valt in positieve zin op. "Bur Said" doet me qua stijl wel een beetje aan de meer vrolijkere muziek van Yanni denken.
"Children's Crusade" begint als een soort van instrumentaal minstreellied, maar wordt daarna wat majestueuzer en plechtiger om vervolgens weer op het minstreel-gedeelte over te gaan. Héél aardig wederom...
Het album sluit af met een i.m.o. beetje onnodige reprise van het titelnummer.
Conclusie is wel, dat dankzij "Djebel at Tarik", wat werkelijk een supertof nummer is, mijn definitieve cijfer voor dit album naar 4 punten is gegaan, waar ik anders een 3,5 gegeven zou hebben!
Een aanradertje voor wie van toegankelijke en prettig in het gehoor liggende instrumentale muziek houdt, waarbij de nadruk wel ligt op keyboards en synthesizers.