Muziek / Algemeen / Columns, discussie in andere topic
zoeken in:
0
geplaatst: 13 december 2007, 14:21 uur
Humor op MuMe
Gezellig, zo’n forum met allemaal verschillende mensen, verschillende genres en verschillende smaken. Waar je dan niet onderuit kan is af en toe een beetje haat en nijd, of een verhitte discussie. Maar aan de andere kant kan je ook niet zonder een samen-uit-samen-thuis gevoel, plezier en natuurlijk een flinke dosis humor.
Humor in alle vormen zelfs: flauw, cynisch, zwart, roze, sarcastisch, doordacht, noem maar op. Maar is dat niet heel erg lastig? Humor digitaal overbrengen. Dan zijn er bijvoorbeeld wel van die leuke smilies, maar dekken die wel de lading? En heeft iedereen wel dezelfde perceptie bij die smilies?
Humor is net als een muziek ook streng afhankelijk van smaak. Maar dat maakt het niet minder leuk om te zien als users weer eens vol reageren op een humoristisch bedoelde bericht van een andere. Al is dit aangezet met een knipogende smilie. Ik denk dat iedereen daar weleens ingetrapt is. Humor is ook makkelijk te missen op een website natuurlijk. Je ziet het gezicht van de user er niet bij, je leest het anders als het bedoeld is en mist het onderlaagje.
Eigenlijk is het twee kanten op erg geinig. Je ligt soms helemaal plat om de geslaagde grappen, maar ook om de users die verhit reageren op een grap. Prachtig!
Gezellig, zo’n forum met allemaal verschillende mensen, verschillende genres en verschillende smaken. Waar je dan niet onderuit kan is af en toe een beetje haat en nijd, of een verhitte discussie. Maar aan de andere kant kan je ook niet zonder een samen-uit-samen-thuis gevoel, plezier en natuurlijk een flinke dosis humor.
Humor in alle vormen zelfs: flauw, cynisch, zwart, roze, sarcastisch, doordacht, noem maar op. Maar is dat niet heel erg lastig? Humor digitaal overbrengen. Dan zijn er bijvoorbeeld wel van die leuke smilies, maar dekken die wel de lading? En heeft iedereen wel dezelfde perceptie bij die smilies?
Humor is net als een muziek ook streng afhankelijk van smaak. Maar dat maakt het niet minder leuk om te zien als users weer eens vol reageren op een humoristisch bedoelde bericht van een andere. Al is dit aangezet met een knipogende smilie. Ik denk dat iedereen daar weleens ingetrapt is. Humor is ook makkelijk te missen op een website natuurlijk. Je ziet het gezicht van de user er niet bij, je leest het anders als het bedoeld is en mist het onderlaagje.
Eigenlijk is het twee kanten op erg geinig. Je ligt soms helemaal plat om de geslaagde grappen, maar ook om de users die verhit reageren op een grap. Prachtig!
0
geplaatst: 27 december 2007, 22:15 uur
De periode van kerst én oud en nieuw.
Achja, de vakantie is weer volop aan de gang. Dit betekent dat je de eerste helft van deze vakantie geen winkelstraat in kan lopen zonder dat Wham, of Mariah Kerrie je voor de oren mept. Kleurijke versieringen zoals wandelende kerstmannetjes, oogverblindende kerstballen en jingle bells neuriënde herten glimlachen je tegemoet. Heerlijk mensen, het is weer kerst.
Ook in de supermarkt ontkom je er niet aan. Alleen denken ze hier origineel te zijn door Jingle Bells te coveren. Dit alles beheerst de vierentwintigste van december. Een dag vol drukte, Jingle Bells en pepersaus.
Maar er zijn ook voordelen aan deze tijd. Het eten; iedereen probeert er wat bijzonders van te maken. Kalfsoester met een ingewikkeld sausje, gevulde carambola met pijnboompittencompôte en als toetje zelfgemaakte crème brûlee. En dan na die tijd lekker onderuitzakken voor de televisie en voor de zoveelste keer die foute kerstfilm kijken. Heerlijk.
Maar niet alleen het eten is leuk! Ook het feesten. De kerstgala's zijn er ook weer. Grandioos grote feesten op school. Meisjes in van die mooie jurken die binnen komen waggelen op instabiele hakken, jongens in pakken en leraren die zich van hun beste kant laten zien en zichzelf ook in een pak hijsen. Wat een tijd.
Na al dit alles is het even rustig. Je hoort geen Jingle Bells meer (dat zou wel érg vroeg zijn), Mariah Kerrie is voorlopig ook niet meer te horen en het Last Christmas van Wham kan je ook weer dromen.
Nu krijgen we de aanloop naar oud en nieuw. Oliebollen, vuurwerk en wederom feesten.
De gebruikelijke oudjaarsconference, dit jaar eens niet verzorgd door Youp van 't Hek, maar door iemand anders en natuurlijk het gebruikelijke programma dat uit twee delen bestaat.
Om vijf voor twaalf zit je wel weer vol van die oliebollen en kijk je voor het eerst sinds het begin van de avond weer eens op de klok. Ineens gaat het hard. Iedereen schiet in de zenuwen want de champagne is nergens te vinden! Na vier minuten zoeken is de champagne dan toch terecht en kan iedereen nog net op tijd beginnen met aftellen. 60, 59, 58, 57......5, 4, 3, 2, 1....GELUKKIG NIEUWJAAAAAAAAAAAAAAAAAR!!!!!
Waarop iedereen opstaat en de eerste de beste persoon drie zoenen op de wang drukt.
Mensen, de tijd was leuk, en het gewone leven moet weer verder. De feestdagen zijn achter de rug en als je de volgende dag om een uur of één uit je bed stapt is alles weer normaal.
Bij deze, iedereen een gelukkig en bovenal muzikaal jaar gewenst!
Achja, de vakantie is weer volop aan de gang. Dit betekent dat je de eerste helft van deze vakantie geen winkelstraat in kan lopen zonder dat Wham, of Mariah Kerrie je voor de oren mept. Kleurijke versieringen zoals wandelende kerstmannetjes, oogverblindende kerstballen en jingle bells neuriënde herten glimlachen je tegemoet. Heerlijk mensen, het is weer kerst.
Ook in de supermarkt ontkom je er niet aan. Alleen denken ze hier origineel te zijn door Jingle Bells te coveren. Dit alles beheerst de vierentwintigste van december. Een dag vol drukte, Jingle Bells en pepersaus.
Maar er zijn ook voordelen aan deze tijd. Het eten; iedereen probeert er wat bijzonders van te maken. Kalfsoester met een ingewikkeld sausje, gevulde carambola met pijnboompittencompôte en als toetje zelfgemaakte crème brûlee. En dan na die tijd lekker onderuitzakken voor de televisie en voor de zoveelste keer die foute kerstfilm kijken. Heerlijk.
Maar niet alleen het eten is leuk! Ook het feesten. De kerstgala's zijn er ook weer. Grandioos grote feesten op school. Meisjes in van die mooie jurken die binnen komen waggelen op instabiele hakken, jongens in pakken en leraren die zich van hun beste kant laten zien en zichzelf ook in een pak hijsen. Wat een tijd.
Na al dit alles is het even rustig. Je hoort geen Jingle Bells meer (dat zou wel érg vroeg zijn), Mariah Kerrie is voorlopig ook niet meer te horen en het Last Christmas van Wham kan je ook weer dromen.
Nu krijgen we de aanloop naar oud en nieuw. Oliebollen, vuurwerk en wederom feesten.
De gebruikelijke oudjaarsconference, dit jaar eens niet verzorgd door Youp van 't Hek, maar door iemand anders en natuurlijk het gebruikelijke programma dat uit twee delen bestaat.
Om vijf voor twaalf zit je wel weer vol van die oliebollen en kijk je voor het eerst sinds het begin van de avond weer eens op de klok. Ineens gaat het hard. Iedereen schiet in de zenuwen want de champagne is nergens te vinden! Na vier minuten zoeken is de champagne dan toch terecht en kan iedereen nog net op tijd beginnen met aftellen. 60, 59, 58, 57......5, 4, 3, 2, 1....GELUKKIG NIEUWJAAAAAAAAAAAAAAAAAR!!!!!
Waarop iedereen opstaat en de eerste de beste persoon drie zoenen op de wang drukt.
Mensen, de tijd was leuk, en het gewone leven moet weer verder. De feestdagen zijn achter de rug en als je de volgende dag om een uur of één uit je bed stapt is alles weer normaal.
Bij deze, iedereen een gelukkig en bovenal muzikaal jaar gewenst!
0
geplaatst: 8 januari 2008, 15:44 uur
Taalfilosofie
Wat is taal. Taal is opgebouwd uit klanken. Allemaal verschillende klanken. Raar eigelnijk. Het slaat helemaal nergens op. Wie heeft dit allemaal bedacht, hoe komt men aan een taal. Daarover zit ik dan wel eens te denken. Denken. Denken, raar woord eigenlijk. Den-ken. Slaat ook helemaal nergens op. Hoe kunnen wij weten wat denken betekent. De betekenis van woorden wordt altijd in andere woorden uitgelegd. Weer woorden waarvan je de betekenis niet van kunt weten, maar die je toch weet. Je weet gewoon wat taal is. Onbewust weet je wat taal is, terwijl je het helemaal niet weet. Raar.
Eigenlijk is de enige taal die door iedereen gesproken wordt muziek. Muziek, elk volk, elke cultuur, elk land. Iedereen maakt muziek of luistert naar muziek. Niemand uitgesloten. Muziek is een wereldtaal. Niet Engels of Chinees, maar muziek. Alleen krijg je grote problemen als je muziek als wereldtaal wilt invoeren. Muziek maak je door middel van instrumenten, niet met je mond. Niet iedereen kan een instrument betalen. Niet iedereen is even muzikaal aangelegd. Niet iedereen wil muziek maken. Muziek is moeilijker te begrijpen, muziek heeft verschillende lagen. Muziek maakt meer in je los. Je kunt er vragen mee stellen met emotie. Iets wat je met je stem niet kunt. De menselijke stem zit gewoon makkelijk en praktisch in elkaar. Je kunt jezelf er mee redden. Voor muziek moet je geboren zijn. Je moet een beetje talent hebben. Praten dat leert iedereen (uitzonderingen daargelaten). Praten is dé manier van communiceren. Soms zou ik willen dat mensen ietsje ingewikkelder in elkaar zouden zitten. Muziek, dat moet een wereldtaal worden. Van muziek krijg je bepaalde emoties. Van sommige menselijke stemmen val je in slaap. Stemmen zijn bijna altijd oppervlakkig en eentonig. Muziek. Muziek daar kun je verschillende tonen mee maken en emoties mee uitdrukken.
Een combinatie zou de oplossing zijn. Laten we met z'n allen gaan zingen! Melodieus praten! Nu maar hopen dat iedereen weet wat dát betekent.
Oorspronkelijke tekst
Wat is taal. Taal is opgebouwd uit klanken. Allemaal verschillende klanken. Raar eigelnijk. Het slaat helemaal nergens op. Wie heeft dit allemaal bedacht, hoe komt men aan een taal. Daarover zit ik dan wel eens te denken. Denken. Denken, raar woord eigenlijk. Den-ken. Slaat ook helemaal nergens op. Hoe kunnen wij weten wat denken betekent. De betekenis van woorden wordt altijd in andere woorden uitgelegd. Weer woorden waarvan je de betekenis niet van kunt weten, maar die je toch weet. Je weet gewoon wat taal is. Onbewust weet je wat taal is, terwijl je het helemaal niet weet. Raar.
Eigenlijk is de enige taal die door iedereen gesproken wordt muziek. Muziek, elk volk, elke cultuur, elk land. Iedereen maakt muziek of luistert naar muziek. Niemand uitgesloten. Muziek is een wereldtaal. Niet Engels of Chinees, maar muziek. Alleen krijg je grote problemen als je muziek als wereldtaal wilt invoeren. Muziek maak je door middel van instrumenten, niet met je mond. Niet iedereen kan een instrument betalen. Niet iedereen is even muzikaal aangelegd. Niet iedereen wil muziek maken. Muziek is moeilijker te begrijpen, muziek heeft verschillende lagen. Muziek maakt meer in je los. Je kunt er vragen mee stellen met emotie. Iets wat je met je stem niet kunt. De menselijke stem zit gewoon makkelijk en praktisch in elkaar. Je kunt jezelf er mee redden. Voor muziek moet je geboren zijn. Je moet een beetje talent hebben. Praten dat leert iedereen (uitzonderingen daargelaten). Praten is dé manier van communiceren. Soms zou ik willen dat mensen ietsje ingewikkelder in elkaar zouden zitten. Muziek, dat moet een wereldtaal worden. Van muziek krijg je bepaalde emoties. Van sommige menselijke stemmen val je in slaap. Stemmen zijn bijna altijd oppervlakkig en eentonig. Muziek. Muziek daar kun je verschillende tonen mee maken en emoties mee uitdrukken.
Een combinatie zou de oplossing zijn. Laten we met z'n allen gaan zingen! Melodieus praten! Nu maar hopen dat iedereen weet wat dát betekent.
Oorspronkelijke tekst
0
geplaatst: 21 januari 2008, 16:09 uur
Vasteloavendj
En ja hoor, 80% van de zuidelijke minderheid van ons land heeft er weer zin in, is zich voor aan het bereiden, of is allang weer bezig. Carnaval (of zoals we het in Limburg zeggen: vasteloavendj). Ikzelf ben al vanaf 2 november bezig en voor mij loopt het seizoen al ten einde, maar daar gaat het niet om.
Wat is dit carnaval nou eigenlijk? Meestal hoor je dan; ja, een feest waarbij iedereen verkleed op stap gaat en er optochten worden georganiseerd. Niets minder waard. Er is bijvoorbeeld zo ongeveer een heel genre aan muziek voor ontstaan (een combinatie van rowwen hèze en après-ski muziek met een flink dosis humor, mocht iemand geïnteresseerd zijn).
Nu heb ik me afgevraagd, waarom alleen maar in Limburg en Brabant? Het is mooi, gezellig en opeens is iedereen blijer en toleranter dan ooit tevoren. En dat is nou net iets wat we in de huidige maatschappij toch een beetje missen.
Waar wil ik heen, vragen jullie je misschien wel af. Nou carnaval is een traditie. En tradities missen we hier in Nederland heel erg. Hier in het zuiden valt het allemaal nog wel mee en ik kan me goed voorstellen dat het in het noorden ook meevalt. Maar ja, dan heb je familie in Mijdrecht en dan zie je er ineens niets meer van. En dat is jammer. Want tradities verbroederen. Ze geven je een gevoel dat je erbij hoort, en dat je iets gemeen hebt met de rest.
Maxima zei een paar maanden geleden dat 'de Nederlander' niet meer bestaat. Een hoop commotie natuurlijk, maar in principe had ze wel gelijk. Ze bedoelde namelijk (zo interpreteerde ik het tenminste) dat er geen saamhorigheidsgevoel meer bestaat. Ieder voor zich en God voor ons allen. Daarom verhard de maatschappij ook zo erg. Er is geen respect meer voor de rest. We zijn als Nederland altijd zo trots dat we zo progressief zijn. Ik vind van niet, we lopen niet voorop, we lopen als eerste achter Amerika aan. En dat is een heel verschil. Als je naar bijvoorbeeld Ierland gaat (het land met de beste Europese economie) en komt 50 kilometer buiten Dublin, dan sta je in de 'middle of nowhere'. Allemaal kleine plaatsjes waar iedereen elkaar kent. Oerconservatief. Je zou zeggen dat de mensen daar erg arm zijn, maar blijkbaar is dat toch niet. Waarom niet? Ze voelen zich als Ieren verbroederd. Als je tegen een Ier zegt dat hij een Engelsman is, dan heb je een probleem. Als je tegen een Nederlander zegt dat hij Europeaan is, is hij daar trots op. Nou ja, ik niet. We missen iets, namelijk die trots. En dan hoeft het helemaal niet zo te zijn dat de maatschappij 'uitsluitend' blank moet zijn of weet ik wat voor idiote ideeën. Iedereen kan daar deel uit van maken. Natuurlijk hebben we hier ook problemen, maar minimaal een maal per jaar worden ze vergeten.
En dit is nu precies wat de tradities invullen. Nu kunnen we natuurlijk niet ineens allemaal zogenaamde tradities gaan 'plannen', maar het begint al met kleine dingen. Leef je in in de ander. Ga ook eens naar dat kleine cafeetje op de hoek. Ga eens na die plaatselijke feesten, waarvan je in eerste instantie niet aan moet denken, en praat eens met andere mensen dan van 'jouw soort'. Je komt allerlij nieuwe mooie dingen tegen komen, en je voelt je samen met de mensen waarmee je samenleeft. Voel je ook thuis buiten je huis. En dat wordt nogal eens gemist.
Ik zal later, als ik ga werken, waarschijnlijk moeten gaan verhuizen uit dit dorpje in Limburg. Ik kan niet in iedereens gedachten kijken, maar ik weet zeker dat er genoeg zouden zijn die daar niets om zouden geven, waar ze ook zouden wonen. Maar mij doet alleen de gedachte dát ik ooit zal moeten gaan al pijn. Op andere plaatsen is het natuurlijk ook goed, maar toch zal ik het missen.
PS: Niet iedereen zal het hiermee eens zijn, en het soms misschien ook kort door de bocht vinden. Daar ben ik me van bewust, en natuurlijk is het ook niet dé oplossing. Maar als ik soms zie en hoor wat er in bijvoorbeeld Amsterdam en Rotterdam allemaal gebeurt, dan ben ik blij dat ik hier woon. Natuurlijk is het geen vereiste dat je in een klein dorpje woont. Je hebt ook échte Amsterdammers en échte Rotterdammers, maar die voelen hetzelfde als ik hier in dat kleine dorpje in Limburg. Dat gevoel is niet uit te leggen, ik ben er mee opgegroeid, en ben er dankbaar voor. Ik zou willen dat iedereen het had.
En ja hoor, 80% van de zuidelijke minderheid van ons land heeft er weer zin in, is zich voor aan het bereiden, of is allang weer bezig. Carnaval (of zoals we het in Limburg zeggen: vasteloavendj). Ikzelf ben al vanaf 2 november bezig en voor mij loopt het seizoen al ten einde, maar daar gaat het niet om.
Wat is dit carnaval nou eigenlijk? Meestal hoor je dan; ja, een feest waarbij iedereen verkleed op stap gaat en er optochten worden georganiseerd. Niets minder waard. Er is bijvoorbeeld zo ongeveer een heel genre aan muziek voor ontstaan (een combinatie van rowwen hèze en après-ski muziek met een flink dosis humor, mocht iemand geïnteresseerd zijn).
Nu heb ik me afgevraagd, waarom alleen maar in Limburg en Brabant? Het is mooi, gezellig en opeens is iedereen blijer en toleranter dan ooit tevoren. En dat is nou net iets wat we in de huidige maatschappij toch een beetje missen.
Waar wil ik heen, vragen jullie je misschien wel af. Nou carnaval is een traditie. En tradities missen we hier in Nederland heel erg. Hier in het zuiden valt het allemaal nog wel mee en ik kan me goed voorstellen dat het in het noorden ook meevalt. Maar ja, dan heb je familie in Mijdrecht en dan zie je er ineens niets meer van. En dat is jammer. Want tradities verbroederen. Ze geven je een gevoel dat je erbij hoort, en dat je iets gemeen hebt met de rest.
Maxima zei een paar maanden geleden dat 'de Nederlander' niet meer bestaat. Een hoop commotie natuurlijk, maar in principe had ze wel gelijk. Ze bedoelde namelijk (zo interpreteerde ik het tenminste) dat er geen saamhorigheidsgevoel meer bestaat. Ieder voor zich en God voor ons allen. Daarom verhard de maatschappij ook zo erg. Er is geen respect meer voor de rest. We zijn als Nederland altijd zo trots dat we zo progressief zijn. Ik vind van niet, we lopen niet voorop, we lopen als eerste achter Amerika aan. En dat is een heel verschil. Als je naar bijvoorbeeld Ierland gaat (het land met de beste Europese economie) en komt 50 kilometer buiten Dublin, dan sta je in de 'middle of nowhere'. Allemaal kleine plaatsjes waar iedereen elkaar kent. Oerconservatief. Je zou zeggen dat de mensen daar erg arm zijn, maar blijkbaar is dat toch niet. Waarom niet? Ze voelen zich als Ieren verbroederd. Als je tegen een Ier zegt dat hij een Engelsman is, dan heb je een probleem. Als je tegen een Nederlander zegt dat hij Europeaan is, is hij daar trots op. Nou ja, ik niet. We missen iets, namelijk die trots. En dan hoeft het helemaal niet zo te zijn dat de maatschappij 'uitsluitend' blank moet zijn of weet ik wat voor idiote ideeën. Iedereen kan daar deel uit van maken. Natuurlijk hebben we hier ook problemen, maar minimaal een maal per jaar worden ze vergeten.
En dit is nu precies wat de tradities invullen. Nu kunnen we natuurlijk niet ineens allemaal zogenaamde tradities gaan 'plannen', maar het begint al met kleine dingen. Leef je in in de ander. Ga ook eens naar dat kleine cafeetje op de hoek. Ga eens na die plaatselijke feesten, waarvan je in eerste instantie niet aan moet denken, en praat eens met andere mensen dan van 'jouw soort'. Je komt allerlij nieuwe mooie dingen tegen komen, en je voelt je samen met de mensen waarmee je samenleeft. Voel je ook thuis buiten je huis. En dat wordt nogal eens gemist.
Ik zal later, als ik ga werken, waarschijnlijk moeten gaan verhuizen uit dit dorpje in Limburg. Ik kan niet in iedereens gedachten kijken, maar ik weet zeker dat er genoeg zouden zijn die daar niets om zouden geven, waar ze ook zouden wonen. Maar mij doet alleen de gedachte dát ik ooit zal moeten gaan al pijn. Op andere plaatsen is het natuurlijk ook goed, maar toch zal ik het missen.
PS: Niet iedereen zal het hiermee eens zijn, en het soms misschien ook kort door de bocht vinden. Daar ben ik me van bewust, en natuurlijk is het ook niet dé oplossing. Maar als ik soms zie en hoor wat er in bijvoorbeeld Amsterdam en Rotterdam allemaal gebeurt, dan ben ik blij dat ik hier woon. Natuurlijk is het geen vereiste dat je in een klein dorpje woont. Je hebt ook échte Amsterdammers en échte Rotterdammers, maar die voelen hetzelfde als ik hier in dat kleine dorpje in Limburg. Dat gevoel is niet uit te leggen, ik ben er mee opgegroeid, en ben er dankbaar voor. Ik zou willen dat iedereen het had.
0
geplaatst: 23 januari 2008, 18:23 uur
Muziekcultuur
Hoewel het wonen in Zuid-Limburg me zeer goed bevalt, moet ik toch zeggen dat de muziekcultuur hier, of beter gezegd, het ontbreken daarvan, me tegenstaat. Op concerten van mijn favorieten in mijn provincie hoef ik niet te hopen; ik ben al blij dat ik naar een concert in Eindhoven of Nijmegen kan (nog altijd een uur c.q. anderhalf uur rijden).
Toen vorig jaar het theater in mijn woonplaats na een verbouwing weer openging en in een speciaal daarvoor zaal gebouwde zaal concerten ging programmeren, hoopte ik dat hiervan werk gemaakt zou worden. Dat een 013 of Paradiso in Heerlen te hoog gegrepen is, dat weet ik, maar een Effenaar of Doornroosje zou hier toch mogelijk moeten zijn. Dat bleek ijdele hoop. Rob de Nijs, Guus Meeuwis, René Froger, Di-rect, Bob Fosko, Golden Erarring, dat zijn de namen waarmee deze zaal wordt volgeprogrammeerd.
"Maar jullie hebben toch Pinkpop?", hoor ik de oplettende lezer al vragen. Ja, maar hoe blij je daarmee moet zijn, is maar de vraag. Ik ga er zelf altijd heen, maar het is toch een ingedut festival dat wordt bepaald door Mojo, voor publiek dat netjes slikt wat de mainsteam radiozenders ons voorschotelen. Nee, een alternatieve scene is in Limburg nauwelijks te vinden.
Maar waarom? Je zou toch mogen verwachten dat er in een provincie met steden als Maastricht of Parkstad (een samenwerkingsverband tussen een aantal aan elkaar gegroeide steden, waaronder Heerlen) een mooie alternatieve muziekcultuur zou kunnen ontstaan? Komt het omdat Limburg zo ver buiten de Randstad ligt? Ik denk het niet, er zijn genoeg steden erbuiten waar het wel kan (Eindhoven, Nijmegen, Groningen). En binnen een uur rijden zit ik in een stad met een geweldige muziekcultuur (Keulen).
Gelukkig is het niet alleen maar doffe ellende. Sinds twee jaar hebben we een poppodium (De Nieuwe Nor) dat best leuke dingen programmeert, maar het blijft werken in de marge. Ik kijk maar eens op internet wat we hier de komende weken in de schouwburg kunnen verwachten. Mijn oog valt op de namen Hind en Belle Perez. Hier is historisch iets flink scheefgegroeid. Maar wat?
Hoewel het wonen in Zuid-Limburg me zeer goed bevalt, moet ik toch zeggen dat de muziekcultuur hier, of beter gezegd, het ontbreken daarvan, me tegenstaat. Op concerten van mijn favorieten in mijn provincie hoef ik niet te hopen; ik ben al blij dat ik naar een concert in Eindhoven of Nijmegen kan (nog altijd een uur c.q. anderhalf uur rijden).
Toen vorig jaar het theater in mijn woonplaats na een verbouwing weer openging en in een speciaal daarvoor zaal gebouwde zaal concerten ging programmeren, hoopte ik dat hiervan werk gemaakt zou worden. Dat een 013 of Paradiso in Heerlen te hoog gegrepen is, dat weet ik, maar een Effenaar of Doornroosje zou hier toch mogelijk moeten zijn. Dat bleek ijdele hoop. Rob de Nijs, Guus Meeuwis, René Froger, Di-rect, Bob Fosko, Golden Erarring, dat zijn de namen waarmee deze zaal wordt volgeprogrammeerd.
"Maar jullie hebben toch Pinkpop?", hoor ik de oplettende lezer al vragen. Ja, maar hoe blij je daarmee moet zijn, is maar de vraag. Ik ga er zelf altijd heen, maar het is toch een ingedut festival dat wordt bepaald door Mojo, voor publiek dat netjes slikt wat de mainsteam radiozenders ons voorschotelen. Nee, een alternatieve scene is in Limburg nauwelijks te vinden.
Maar waarom? Je zou toch mogen verwachten dat er in een provincie met steden als Maastricht of Parkstad (een samenwerkingsverband tussen een aantal aan elkaar gegroeide steden, waaronder Heerlen) een mooie alternatieve muziekcultuur zou kunnen ontstaan? Komt het omdat Limburg zo ver buiten de Randstad ligt? Ik denk het niet, er zijn genoeg steden erbuiten waar het wel kan (Eindhoven, Nijmegen, Groningen). En binnen een uur rijden zit ik in een stad met een geweldige muziekcultuur (Keulen).
Gelukkig is het niet alleen maar doffe ellende. Sinds twee jaar hebben we een poppodium (De Nieuwe Nor) dat best leuke dingen programmeert, maar het blijft werken in de marge. Ik kijk maar eens op internet wat we hier de komende weken in de schouwburg kunnen verwachten. Mijn oog valt op de namen Hind en Belle Perez. Hier is historisch iets flink scheefgegroeid. Maar wat?
0
geplaatst: 31 januari 2008, 13:53 uur
The Greatest of the Best of
Het hoofddoel voor een artiest bij het uitbrengen van een album is natuurlijk dat het verkocht wordt. De één onderbouwd dit door singles uit te geven en op zoek te gaan naar commercieel succes. De ander geeft gewoon het album uit en verwacht de steun van de liefhebbers, zonder er commercieel gezien een single aan te hangen.
De ene plaat wordt commercieel een groot succes, de ander heeft zo zijn succes, zonder daar commercieel voor in de spotlights voor te hoeven staan.
Maar succes leidt uiteindelijk naar een ander gegeven: de artiest krijgt de “eer” om een compilatiealbum uit te brengen.
Daar zijn we op het punt waarover ik het graag wil hebben, het compilatiealbum. Te pas en onpas worden de termen Greatest Hits en (Very) Best of door elkaar gebruikt. Nou vind ik dat daar een wezenlijk verschil tussen zit. Deze term hebben naar mijn bescheiden mening een totaal andere betekenis.
Greatest Hits zegt het al, de grootste hits. Dus alle commerciële hits van een artiest komen op dit schijfje te staan. De kwaliteit van de muziek maakt niet uit. Zolang het maar alle overbekende nummers zijn van deze of gene artiest.
Best of is een totaal andere term, dat betekent het beste van. Dat is in wezenlijke zin iets heel anders. Niet de hits, nee, de beste nummers van deze artiest. Daar horen dus ook de niet commerciële pareltjes bij.
Neem bijvoorbeeld Marvin Gaye. Deze soulzanger heeft overbekende hits als ‘Heard it Throught the Grapevine’ en ‘What’s Going On’. Deze zullen ongetwijfeld op zijn Greatest Hits komen te staan. En daarnaast ongetwijfeld ook op zijn Best Of. Het verschil moet hem dan liggen in de andere opvullen. Zo zal een relatief onbekend nummer als ‘Is That Enough’ misschien wel bij zijn beste nummers horen, maar geen hit zijn. Deze komt dan niet op de Greatest Hits, maar hoor zeker thuis op de Best Of.
Zó, ik pleit dus voor een duidelijk onderscheidt tussen Best Of en Greatest Hits. De titels spreken immers voor zich.
Het hoofddoel voor een artiest bij het uitbrengen van een album is natuurlijk dat het verkocht wordt. De één onderbouwd dit door singles uit te geven en op zoek te gaan naar commercieel succes. De ander geeft gewoon het album uit en verwacht de steun van de liefhebbers, zonder er commercieel gezien een single aan te hangen.
De ene plaat wordt commercieel een groot succes, de ander heeft zo zijn succes, zonder daar commercieel voor in de spotlights voor te hoeven staan.
Maar succes leidt uiteindelijk naar een ander gegeven: de artiest krijgt de “eer” om een compilatiealbum uit te brengen.
Daar zijn we op het punt waarover ik het graag wil hebben, het compilatiealbum. Te pas en onpas worden de termen Greatest Hits en (Very) Best of door elkaar gebruikt. Nou vind ik dat daar een wezenlijk verschil tussen zit. Deze term hebben naar mijn bescheiden mening een totaal andere betekenis.
Greatest Hits zegt het al, de grootste hits. Dus alle commerciële hits van een artiest komen op dit schijfje te staan. De kwaliteit van de muziek maakt niet uit. Zolang het maar alle overbekende nummers zijn van deze of gene artiest.
Best of is een totaal andere term, dat betekent het beste van. Dat is in wezenlijke zin iets heel anders. Niet de hits, nee, de beste nummers van deze artiest. Daar horen dus ook de niet commerciële pareltjes bij.
Neem bijvoorbeeld Marvin Gaye. Deze soulzanger heeft overbekende hits als ‘Heard it Throught the Grapevine’ en ‘What’s Going On’. Deze zullen ongetwijfeld op zijn Greatest Hits komen te staan. En daarnaast ongetwijfeld ook op zijn Best Of. Het verschil moet hem dan liggen in de andere opvullen. Zo zal een relatief onbekend nummer als ‘Is That Enough’ misschien wel bij zijn beste nummers horen, maar geen hit zijn. Deze komt dan niet op de Greatest Hits, maar hoor zeker thuis op de Best Of.
Zó, ik pleit dus voor een duidelijk onderscheidt tussen Best Of en Greatest Hits. De titels spreken immers voor zich.
0
geplaatst: 1 februari 2008, 20:10 uur
Joeksu, kloeku en hossu
Vasteloavund, zoals we het in Limburg noemen, zal de bewoners van de provincie de komende week weer bezig houden.
Ik bedank echter.
Niet omdat ik de lol er niet van snap, of omdat ik keihard mensen mijd, het is gewoon niet mijn ding.
Jezelf met een biertje overeind houden in een zaal waar je alleen maar de muziek hoort is niet echt mijn interpretatie van lol nee…
Carnaval was dan ook mijn reddende excuus een Elvis-pruik en een zonnebril te kopen die ik graag wou hebben.
Noem me dan geen echte Limburger, maar dan noem ik jouw uitspraak ongegrond
In Brabant vieren ze ook carnaval, en daar denken ze dat hun carnaval de beste is.
Nou, no offense, want als je dronken bent is alles snel het beste (cynische)
, maar het zal wel het feit zijn dat iedereen zijn eigen provincie zo sterk promoot omdat ze het niet anders kennen.
Zoals ik zei, ik bedank, voor eigenlijk de, grof geschat, 14e keer in heel mijn leven.
Ik weet wel wat beters te doen.
Natuurlijk: Ik ben niet blij met het feit dat de prins van onze carnavalsvereniging mijn voornaam zowat gestolen heeft. (Hij heet Arthur, maar heeft zichzelf Tuur gedoopt, naar zijn lieve buurman.
) maar ja, wat kan ik ertegen doen, als minst geschikte kandidaat voor prins?
En wat dit met muziek te maken heeft? Tja…
Vasteloavund, zoals we het in Limburg noemen, zal de bewoners van de provincie de komende week weer bezig houden.
Ik bedank echter.
Niet omdat ik de lol er niet van snap, of omdat ik keihard mensen mijd, het is gewoon niet mijn ding.
Jezelf met een biertje overeind houden in een zaal waar je alleen maar de muziek hoort is niet echt mijn interpretatie van lol nee…
Carnaval was dan ook mijn reddende excuus een Elvis-pruik en een zonnebril te kopen die ik graag wou hebben.
Noem me dan geen echte Limburger, maar dan noem ik jouw uitspraak ongegrond

In Brabant vieren ze ook carnaval, en daar denken ze dat hun carnaval de beste is.
Nou, no offense, want als je dronken bent is alles snel het beste (cynische)
, maar het zal wel het feit zijn dat iedereen zijn eigen provincie zo sterk promoot omdat ze het niet anders kennen.Zoals ik zei, ik bedank, voor eigenlijk de, grof geschat, 14e keer in heel mijn leven.
Ik weet wel wat beters te doen.
Natuurlijk: Ik ben niet blij met het feit dat de prins van onze carnavalsvereniging mijn voornaam zowat gestolen heeft. (Hij heet Arthur, maar heeft zichzelf Tuur gedoopt, naar zijn lieve buurman.
) maar ja, wat kan ik ertegen doen, als minst geschikte kandidaat voor prins?En wat dit met muziek te maken heeft? Tja…

0
geplaatst: 6 februari 2008, 11:44 uur
Iedereen houdt van muziek. Muziek is overal. Muziek bindt arm en rijk, jong en oud, onafhankelijk van ras en afkomst. Maar wie muziek wil moet zich eerst onverbouwereerd en met veel schwung door het oorverdovend geblèr van verheven zangers en esjes heenboren om tot die muziek door te dringen. Waarom wordt muziek naar de achtergrond verbannen wanneer één of ander schaapachtig popje haar bek opentrekt en meent enige meerwaarde te kunnen bieden
met trivialiteiten bezongen in minstens duizend andere nummers.
Mensen houden niet van muziek, ze zijn bang van muziek. Neem alle vocalen weg en de angst floreert weeldig in hun tranende oogjes. Wankelend zoeken ze naar houvast, bang voor het geluid wat op hen toesnelt, roepend om hulp met een krakende, op instorten staande stem. Als drenkelingen zoeken ze naar een gesampeld stukje brandhout om de hele oceaan mee over te dobberen. Anders verdrinken ze steevast in de kolkende stroom van geluid die hen onderdompelt in het eeuwig duistere diepe. Muziek is een woeste zee die enkel overwonnen wordt door een vlot van aan elkaar gebonden vocalen.
Muziek is kunst, en kunst is communicatie, maar communicatie gaat verder dan "Dag Sinterklaasje". Vocalen mogen dan gebombardeerd worden tot de meest directe vorm van communicatie, ze zijn meteen ook de meest platte vorm van communicatie en geschoeid om informatie segmentje A zo goed, snel en duidelijk mogelijk over te dragen op persoon B. Verbale communicatie is gemaakt om de ratio mee te verleiden, niet om met gevoel een passionele nacht door te brengen.
Abstractie doet, in tegenstelling tot de populaire mythe, geen afbreuk aan communicatie, enkel aan de begrijpbaarheid van het gecommuniceerde. Wanneer een muziekant met een luisteraar communiceert via muziek is de kans erg klein dat er iets zinnigs tussen beiden gezegd wordt. Dat doet gelukkig niets af aan hetgeen de luisteraar ervaart. Het lijkt verdacht veel op het spelletje waar een zin 10 keer doorgefluisterd dient te worden. Het resultaat lijkt in de verste verte niet op de oorspronkelijke boodschap maar is vaak onnoemelijk veel interessanter.
Abstractie spreekt de mens rechtstreeks aan, speelt op gevoel zonder daarvoor de ratio te hoeven passeren. Muziek wordt niet geprocessed maar gevoeld. Het vormt een directe link met je eigen pure persoon en treedt binnen de duisternis waar je eigen ratio geen toegang toe krijgt. Het resultaat is niet voorspelbaar maar onnoemelijk veel intenser dan bedachte communicatie en zindert hard door je lichaam.
Abstractie is ook amper te herhalen. Men blèrt lekker alles mee met de kreunende stemmen op de radio en gaat lustig door wanneer de radio het begeeft. Dat wil dan nog net lukken met een makkelijk mee te fluiten melodietje maar alles wat moeilijker is vergaat snel. Abstractie dient geconsumeerd te worden op het moment zelf. Genieten in het nu en straks hunkeren naar meer. Het is een mentaal plaatje dat enkel kolkende lust achterlaat. Abstractie is de vrouw die thuis op je wacht en wiens knuffel niet te vervangen is. Het is de reden om elke avond hunkerend terug te keren naar huis, en
niet je heil te zoeken in een met lucht gevuld substituut dat er in de verte een beetje op lijkt.
Maar mensen houden van muziek en janken ongegeneerd verder. Liefst in een begrijpbare taal en met een tekstenboekje ernaast om het geheel goed te kunnen doorgronden. Zo schermen ze de pure gevoelens adequaat af en hoeven ze niet bang te zijn verrassend overweldigd te worden. Men is bang voor hetgeen met niet begrijpt en vlucht daarom in de vertrouwde saaiheid van het identificeerbare.
Abstractie is koning in het land der stommen. Daarom kan je er eigenlijk maar beter niet over spreken.
met trivialiteiten bezongen in minstens duizend andere nummers.
Mensen houden niet van muziek, ze zijn bang van muziek. Neem alle vocalen weg en de angst floreert weeldig in hun tranende oogjes. Wankelend zoeken ze naar houvast, bang voor het geluid wat op hen toesnelt, roepend om hulp met een krakende, op instorten staande stem. Als drenkelingen zoeken ze naar een gesampeld stukje brandhout om de hele oceaan mee over te dobberen. Anders verdrinken ze steevast in de kolkende stroom van geluid die hen onderdompelt in het eeuwig duistere diepe. Muziek is een woeste zee die enkel overwonnen wordt door een vlot van aan elkaar gebonden vocalen.
Muziek is kunst, en kunst is communicatie, maar communicatie gaat verder dan "Dag Sinterklaasje". Vocalen mogen dan gebombardeerd worden tot de meest directe vorm van communicatie, ze zijn meteen ook de meest platte vorm van communicatie en geschoeid om informatie segmentje A zo goed, snel en duidelijk mogelijk over te dragen op persoon B. Verbale communicatie is gemaakt om de ratio mee te verleiden, niet om met gevoel een passionele nacht door te brengen.
Abstractie doet, in tegenstelling tot de populaire mythe, geen afbreuk aan communicatie, enkel aan de begrijpbaarheid van het gecommuniceerde. Wanneer een muziekant met een luisteraar communiceert via muziek is de kans erg klein dat er iets zinnigs tussen beiden gezegd wordt. Dat doet gelukkig niets af aan hetgeen de luisteraar ervaart. Het lijkt verdacht veel op het spelletje waar een zin 10 keer doorgefluisterd dient te worden. Het resultaat lijkt in de verste verte niet op de oorspronkelijke boodschap maar is vaak onnoemelijk veel interessanter.
Abstractie spreekt de mens rechtstreeks aan, speelt op gevoel zonder daarvoor de ratio te hoeven passeren. Muziek wordt niet geprocessed maar gevoeld. Het vormt een directe link met je eigen pure persoon en treedt binnen de duisternis waar je eigen ratio geen toegang toe krijgt. Het resultaat is niet voorspelbaar maar onnoemelijk veel intenser dan bedachte communicatie en zindert hard door je lichaam.
Abstractie is ook amper te herhalen. Men blèrt lekker alles mee met de kreunende stemmen op de radio en gaat lustig door wanneer de radio het begeeft. Dat wil dan nog net lukken met een makkelijk mee te fluiten melodietje maar alles wat moeilijker is vergaat snel. Abstractie dient geconsumeerd te worden op het moment zelf. Genieten in het nu en straks hunkeren naar meer. Het is een mentaal plaatje dat enkel kolkende lust achterlaat. Abstractie is de vrouw die thuis op je wacht en wiens knuffel niet te vervangen is. Het is de reden om elke avond hunkerend terug te keren naar huis, en
niet je heil te zoeken in een met lucht gevuld substituut dat er in de verte een beetje op lijkt.
Maar mensen houden van muziek en janken ongegeneerd verder. Liefst in een begrijpbare taal en met een tekstenboekje ernaast om het geheel goed te kunnen doorgronden. Zo schermen ze de pure gevoelens adequaat af en hoeven ze niet bang te zijn verrassend overweldigd te worden. Men is bang voor hetgeen met niet begrijpt en vlucht daarom in de vertrouwde saaiheid van het identificeerbare.
Abstractie is koning in het land der stommen. Daarom kan je er eigenlijk maar beter niet over spreken.
0
geplaatst: 10 februari 2008, 19:49 uur
Kraak een smaak.
Je merkt het hier op Musicmeter regelmatig. Het kraken van smaken, natuurlijk doe ik daar zelf even hard aan mee, maar je kunt je hier natuurlijk aan irriteren.
Vroegâh, dat wil zeggen ongeveer twee jaar geleden, toen ik mij hier net had aangemeld en berichten plaatste als: "Gewoon een goed album, nooit wat beters gehoord!" Toen werd mijn mening de grond in gepraat en durfde ik me hier een tijd niet te vertonen, bang om uitgelachen te worden om mijn voorliefde voor Keane en Coldplay. Gelukkig is dit later wat minder geworden omdat ik mijzelf open ging stellen voor andere muziek, eerst begon ik met het verkennen van wat onbekendere indierockbandjes en later begon de electronic mij wat te trekken. En dat kwam helemaal door het kraken van mijn smaak door de andere mensen hier op de site. Bedankt daarvoor. Door het kraken van mijn smaak, is er een wereld voor me open gegaan. De dance kwam (via de electronic) opnieuw op en door het leren kennen van de wat hardere bands heb ik ook mijn eerste stappen op het gebied van metal gezet. Nou blijven die paden waarschijnlijk altijd wat donker voor mij, maar het is toch leuk om er wat vanaf te weten.
Nu vraag ik mij af, hebben meer mensen dit? Hebben meerdere mensen zo'n openbaring gekregen dankzij mede-users?
Hiphoppers die eerst Usher en 50 Cent luisterden en nu meer richting soul trekken en Nas vereren; Mensen die van Dance houden die eerst Dragosan din tei luisterden en nu James Holden?
Laten we zeggen dat voor mij geld dat ik twee jaar geleden rond deze tijd Robbie Williams met Feel aan het luisteren was en dat ik daar dan tegenover stel dat ik op dit moment Mogwai Fear Satan (Mogwai) luister.
Dat staat toch in schril contrast met elkaar en geeft wel wat aan.
Bedankt voor het gekraak
Je merkt het hier op Musicmeter regelmatig. Het kraken van smaken, natuurlijk doe ik daar zelf even hard aan mee, maar je kunt je hier natuurlijk aan irriteren.
Vroegâh, dat wil zeggen ongeveer twee jaar geleden, toen ik mij hier net had aangemeld en berichten plaatste als: "Gewoon een goed album, nooit wat beters gehoord!" Toen werd mijn mening de grond in gepraat en durfde ik me hier een tijd niet te vertonen, bang om uitgelachen te worden om mijn voorliefde voor Keane en Coldplay. Gelukkig is dit later wat minder geworden omdat ik mijzelf open ging stellen voor andere muziek, eerst begon ik met het verkennen van wat onbekendere indierockbandjes en later begon de electronic mij wat te trekken. En dat kwam helemaal door het kraken van mijn smaak door de andere mensen hier op de site. Bedankt daarvoor. Door het kraken van mijn smaak, is er een wereld voor me open gegaan. De dance kwam (via de electronic) opnieuw op en door het leren kennen van de wat hardere bands heb ik ook mijn eerste stappen op het gebied van metal gezet. Nou blijven die paden waarschijnlijk altijd wat donker voor mij, maar het is toch leuk om er wat vanaf te weten.
Nu vraag ik mij af, hebben meer mensen dit? Hebben meerdere mensen zo'n openbaring gekregen dankzij mede-users?
Hiphoppers die eerst Usher en 50 Cent luisterden en nu meer richting soul trekken en Nas vereren; Mensen die van Dance houden die eerst Dragosan din tei luisterden en nu James Holden?
Laten we zeggen dat voor mij geld dat ik twee jaar geleden rond deze tijd Robbie Williams met Feel aan het luisteren was en dat ik daar dan tegenover stel dat ik op dit moment Mogwai Fear Satan (Mogwai) luister.
Dat staat toch in schril contrast met elkaar en geeft wel wat aan.
Bedankt voor het gekraak

0
geplaatst: 2 maart 2008, 20:01 uur
Twijfels
Wat heb ik het toch druk de laatste tijd, is het carnavalsseizoen net afgelopen, komt het festivalseizoen er al weer aan en tussen door vraagt de school ook nog onnoemelijk veel tijd. Veel tijd om echt muziek te luisteren heb ik dan ook niet, maar toch doe ik heel hard mijn best om zo nu en dan een gaatje te vinden. Voor mezelf uiteraard. Nou ja… voor mezelf? Als ik tegenwoordig muziek luister, luister ik negen van de tien keer nieuwe muziek. Ja, dit wil ik, ik wil nieuwe muziek ontdekken, maar zoveel? Wil ik niet gewoon nog tien keer dat ene album uit mijn top 10 luisteren en er helemaal in opgaan? Nee, ik wil nieuwe albums ontdekken die zo’n zelfde soort gevoelens bij mij oproepen en waar ik gelukkig van wordt. Ik hunker naar nieuwe muziek die mij en gelukkig gevoel geeft. Daarom luister ik nieuwe muziek. En ja, daar zit je dan weer op Mume. Je dagelijkse rondje langs de updates heb je net gehad en de albums die je die dag hebt geluisterd en waar je nog niet op had gestemd ben je inmiddels ook afgegaan. En dan op eens valt je iets op. Je hebt toch wel veel stemmen en misschien sta je al in die top 250 van gebruikers. Dus kijk je, en zie je tot je grote verbazing dat je er al op plaats 189 staat. Maar dan valt je oog op een bepaalde persoon. Zo, die heeft al veel albums beluisterd! Je bekijkt zijn account en ontdekt meteen ook de reden hiervan. Maar toch blijft je dat verbazen en je loopt hier een tijdje mee rond. Op een gegeven moment ga je twijfelen en kijk je nog maar eens, ja het klopte en ik had het goed gezien. En dan zie je dat diegene ook nog op andere meter sites zit en uit nieuwsgierigheid neus je overal eens even rond. En dan zie je tot je grote verbazing dat Mume niet de enige site is en dat diegene wel heel veel leest/kijkt en luistert blijkbaar. Misschien weten jullie over wie ik het heb, misschien niet. En ik veroordeel ook niemand, maar door dit is alles is bij mij wel de vraag gerezen naar de eerlijkheid van mensen. Zijn alle stemmen die geplaatst worden ook wel echt? Vooral omdat ik mezelf soms vaker betrap om het luisteren, om maar te luisteren. Ik kan me goed voorstellen dat bepaalde personen meer tijd hebben dan andere, maar zo erg? Ik weet het niet…
Wat heb ik het toch druk de laatste tijd, is het carnavalsseizoen net afgelopen, komt het festivalseizoen er al weer aan en tussen door vraagt de school ook nog onnoemelijk veel tijd. Veel tijd om echt muziek te luisteren heb ik dan ook niet, maar toch doe ik heel hard mijn best om zo nu en dan een gaatje te vinden. Voor mezelf uiteraard. Nou ja… voor mezelf? Als ik tegenwoordig muziek luister, luister ik negen van de tien keer nieuwe muziek. Ja, dit wil ik, ik wil nieuwe muziek ontdekken, maar zoveel? Wil ik niet gewoon nog tien keer dat ene album uit mijn top 10 luisteren en er helemaal in opgaan? Nee, ik wil nieuwe albums ontdekken die zo’n zelfde soort gevoelens bij mij oproepen en waar ik gelukkig van wordt. Ik hunker naar nieuwe muziek die mij en gelukkig gevoel geeft. Daarom luister ik nieuwe muziek. En ja, daar zit je dan weer op Mume. Je dagelijkse rondje langs de updates heb je net gehad en de albums die je die dag hebt geluisterd en waar je nog niet op had gestemd ben je inmiddels ook afgegaan. En dan op eens valt je iets op. Je hebt toch wel veel stemmen en misschien sta je al in die top 250 van gebruikers. Dus kijk je, en zie je tot je grote verbazing dat je er al op plaats 189 staat. Maar dan valt je oog op een bepaalde persoon. Zo, die heeft al veel albums beluisterd! Je bekijkt zijn account en ontdekt meteen ook de reden hiervan. Maar toch blijft je dat verbazen en je loopt hier een tijdje mee rond. Op een gegeven moment ga je twijfelen en kijk je nog maar eens, ja het klopte en ik had het goed gezien. En dan zie je dat diegene ook nog op andere meter sites zit en uit nieuwsgierigheid neus je overal eens even rond. En dan zie je tot je grote verbazing dat Mume niet de enige site is en dat diegene wel heel veel leest/kijkt en luistert blijkbaar. Misschien weten jullie over wie ik het heb, misschien niet. En ik veroordeel ook niemand, maar door dit is alles is bij mij wel de vraag gerezen naar de eerlijkheid van mensen. Zijn alle stemmen die geplaatst worden ook wel echt? Vooral omdat ik mezelf soms vaker betrap om het luisteren, om maar te luisteren. Ik kan me goed voorstellen dat bepaalde personen meer tijd hebben dan andere, maar zo erg? Ik weet het niet…
0
geplaatst: 10 maart 2008, 21:06 uur
Conservatief en progressief.
Led Zeppelin, metal? Dat vroeg ik me af toen ik het tussen de tags zag staan op Last.fm. Als snel ging ik eens op onderzoek uit en bleek Led Zeppelin een van de allereerste als metal gedefinieerde bands te zijn. Waarom ervaar ik het nu dan niet als hard gestructureerd geschreeuw, maar als rustige en progressieve rock?
Het antwoord op deze vraag zal ongetwijfeld het tijdvak zijn waarin ik leef. Alles wat we tegenwoordig om ons heen horen is vaak harder. De metal is een op zichzelf staand genre geworden en heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Wat nu dus als stamvaders van de metal geld, is nu gewoon 'rock', niets geen metal, metal is veranderd.
Hetzelfde geld voor de ontwikkeling van Dance. Dance of liever gezegd trance is voortgekomen uit de soul, via de disco naar house, je zou zelfs nog verder terug kunnen gaan voor de soul. House splitste zich vervolgens in Dance, trance, techno, minimal techno, nurave, dubstep en wat al niet meer?!
Eigenlijk kan je zeggen dat dit beide progressieve muziekstromingen zijn. Beide stromingen, soul en rock ontwikkelen zich. In tegenstelling tot de eeuwige muziekstroming: klassiek. Klassiek blijft hetzelfde, de enige dingen waarin het verschild is het modern en klassiek klassiek.
Klassiek is conservatief als je het mij vraagt, desalniettemin is het af en toe natuurlijk leuk en goed om te luisteren.
En daar moet je toch weer een beetje progressief voor zijn, om al deze stromingen te leren luisteren.
Led Zeppelin, metal? Dat vroeg ik me af toen ik het tussen de tags zag staan op Last.fm. Als snel ging ik eens op onderzoek uit en bleek Led Zeppelin een van de allereerste als metal gedefinieerde bands te zijn. Waarom ervaar ik het nu dan niet als hard gestructureerd geschreeuw, maar als rustige en progressieve rock?
Het antwoord op deze vraag zal ongetwijfeld het tijdvak zijn waarin ik leef. Alles wat we tegenwoordig om ons heen horen is vaak harder. De metal is een op zichzelf staand genre geworden en heeft een enorme ontwikkeling doorgemaakt. Wat nu dus als stamvaders van de metal geld, is nu gewoon 'rock', niets geen metal, metal is veranderd.
Hetzelfde geld voor de ontwikkeling van Dance. Dance of liever gezegd trance is voortgekomen uit de soul, via de disco naar house, je zou zelfs nog verder terug kunnen gaan voor de soul. House splitste zich vervolgens in Dance, trance, techno, minimal techno, nurave, dubstep en wat al niet meer?!
Eigenlijk kan je zeggen dat dit beide progressieve muziekstromingen zijn. Beide stromingen, soul en rock ontwikkelen zich. In tegenstelling tot de eeuwige muziekstroming: klassiek. Klassiek blijft hetzelfde, de enige dingen waarin het verschild is het modern en klassiek klassiek.
Klassiek is conservatief als je het mij vraagt, desalniettemin is het af en toe natuurlijk leuk en goed om te luisteren.
En daar moet je toch weer een beetje progressief voor zijn, om al deze stromingen te leren luisteren.
0
geplaatst: 18 maart 2008, 14:35 uur
Verveling
Je hebt van die dagen (tenminste dat geldt voor mij) dat je je afvraagt wat je in godsnaam moet gaan doen. Vandaag is er weer zo eentje (anders zou ik geen nieuwe column schrijven
). Zit ik op school, harstikke blij dat er een uur wegvalt vanwege een vergadering, blijkt het uur sowieso weg te vallen en vervolgens zit je dan twee uur niks te doen.
Nu is onze school zover in de moderne wereld doorgedrongen dat ze een computerruimte hebben. Niet dat je daar iets aan hebt, aangezien alle fora en weet ik wat geblokeert zijn. Dus wat doe je dan. Inderdaad muziek luisteren. Meestal staan die dus op mijn mp3-speler en is het al bekende muziek. Toevallig heb ik vandaag weer eens de onbedwingbare behoefte om nieuwe dingen te gaan ontdekken. Hoe doe ik dat? Niet. Dus raken we hier in een cirkel van verveling die steeds dieper gaat.
Waar wil ik heen? Ik weet het niet. Het enige is dat de muziek gelukkig alles eenigzins opfleurt en ik net weer even heb kunnen lachen om het 'Memorabele Quote'-topic.
Maar zorgt muziek nu wel altijd voor dat beetje extra in je leven? Op dit moment is het echt een verademing, maar is het dat altijd? Ik kan me goed voorstellen dat mensen die liftmuziek verwensen naar alle plaatsen waar het niet goed is, op zijn zachtst gezegd.
Voor mij geld dit eigenlijk niet zo denk ik. Muziek is afleiding. Het 'creëert' een alternatieve leefwereld ín de echte wereld. Eigenlijk is dat wonderbaarlijk hé. Gewoon weg kunnen dromen in de echte wereld, en even helemaal met jezelf bezig zijn. Dat is waarom ik ook zo van muziek hou.
Maar wat is muziek eigenlijk? Dit heb ik mij verschillende keren afgevraagd en ik ben er eigenlijk nooit achter gekomen. Ja, de definitie is 'samenhangend geluid', of zoiets. Maar wat is geluid? Je kunt het niet zien, voelen, ruiken of zo. Alleen horen. En toch kan het een hele groet impact op je hebben. Het kan je troosten in moeilijke tijden, het kan je vrolijke buien versterken en noem maar op, alles wat jij wil. Mits je de muziek ervoor maar hebt. En toch heeft het dat mystieke, dat onverklaarbare. Het is net of dat je stemmen in je hoofd hoort en daar zelf een beeld bij schetst. Wij mensen, denken voornamlijk in beelden, en toch kan muziek ons zo betoveren. Dansen, bijvoorbeeld is een natuurlijke reactie op aanstekelijke muziek. Bij 'moeilijkere' muziek droom je weg en ga je er in op. Je vergeet even de buitenwereld en creëert die alternatieve wereld waar ik het al over heb gehad.
Toch mooi, die muziek. waarschijnlijk zal ik nooit voor mijzelf de muziek 'an sich' helemaal helder krijgen. Maar wil ik dat wel? Ik denk het niet. Ik wíl betovert worden, ik wíl meegevoerd worden naar andere werelden enzovoort. Daar komt ook die drang naar nieuwe muziek vanaf, om te zien of er niet nóg een, nog niet bezochte, wereld is die misschien nóg mooier is.
Mooi hoor, die muziek.
(En op de vraag of het altijd een verademing zou zijn, dat komt volgende keer
)
Je hebt van die dagen (tenminste dat geldt voor mij) dat je je afvraagt wat je in godsnaam moet gaan doen. Vandaag is er weer zo eentje (anders zou ik geen nieuwe column schrijven
). Zit ik op school, harstikke blij dat er een uur wegvalt vanwege een vergadering, blijkt het uur sowieso weg te vallen en vervolgens zit je dan twee uur niks te doen. Nu is onze school zover in de moderne wereld doorgedrongen dat ze een computerruimte hebben. Niet dat je daar iets aan hebt, aangezien alle fora en weet ik wat geblokeert zijn. Dus wat doe je dan. Inderdaad muziek luisteren. Meestal staan die dus op mijn mp3-speler en is het al bekende muziek. Toevallig heb ik vandaag weer eens de onbedwingbare behoefte om nieuwe dingen te gaan ontdekken. Hoe doe ik dat? Niet. Dus raken we hier in een cirkel van verveling die steeds dieper gaat.
Waar wil ik heen? Ik weet het niet. Het enige is dat de muziek gelukkig alles eenigzins opfleurt en ik net weer even heb kunnen lachen om het 'Memorabele Quote'-topic.
Maar zorgt muziek nu wel altijd voor dat beetje extra in je leven? Op dit moment is het echt een verademing, maar is het dat altijd? Ik kan me goed voorstellen dat mensen die liftmuziek verwensen naar alle plaatsen waar het niet goed is, op zijn zachtst gezegd.
Voor mij geld dit eigenlijk niet zo denk ik. Muziek is afleiding. Het 'creëert' een alternatieve leefwereld ín de echte wereld. Eigenlijk is dat wonderbaarlijk hé. Gewoon weg kunnen dromen in de echte wereld, en even helemaal met jezelf bezig zijn. Dat is waarom ik ook zo van muziek hou.
Maar wat is muziek eigenlijk? Dit heb ik mij verschillende keren afgevraagd en ik ben er eigenlijk nooit achter gekomen. Ja, de definitie is 'samenhangend geluid', of zoiets. Maar wat is geluid? Je kunt het niet zien, voelen, ruiken of zo. Alleen horen. En toch kan het een hele groet impact op je hebben. Het kan je troosten in moeilijke tijden, het kan je vrolijke buien versterken en noem maar op, alles wat jij wil. Mits je de muziek ervoor maar hebt. En toch heeft het dat mystieke, dat onverklaarbare. Het is net of dat je stemmen in je hoofd hoort en daar zelf een beeld bij schetst. Wij mensen, denken voornamlijk in beelden, en toch kan muziek ons zo betoveren. Dansen, bijvoorbeeld is een natuurlijke reactie op aanstekelijke muziek. Bij 'moeilijkere' muziek droom je weg en ga je er in op. Je vergeet even de buitenwereld en creëert die alternatieve wereld waar ik het al over heb gehad.
Toch mooi, die muziek. waarschijnlijk zal ik nooit voor mijzelf de muziek 'an sich' helemaal helder krijgen. Maar wil ik dat wel? Ik denk het niet. Ik wíl betovert worden, ik wíl meegevoerd worden naar andere werelden enzovoort. Daar komt ook die drang naar nieuwe muziek vanaf, om te zien of er niet nóg een, nog niet bezochte, wereld is die misschien nóg mooier is.
Mooi hoor, die muziek.
(En op de vraag of het altijd een verademing zou zijn, dat komt volgende keer
)
0
geplaatst: 19 maart 2008, 14:31 uur
Muziek en Wintersport.
Het was weer zover, het was er weer de tijd voor, tijd om op wintersport te gaan. Elk jaar is het een terugkomend feit. Eerst een groep zoeken die mee wil, dat was dit keer vrij makkelijk. Daarna deze, uiteindelijk zes, mensen ook nog verdelen over de 2 auto’s. Ja, waar ga je dan op verdelen? Juist! Op de muzieksmaak, want dat scheelt weer wat discussies op de heenrit. Dus auto één werd een hiphop georiënteerde auto, met wat uitstapjes naar jazz, soul en R&B mogelijk. De andere werd een rock georiënteerde auto, met uitstapjes naar metal, folk en wereld mogelijk. Vrij nette verdeling dus, al hebben we aardig gewisseld tussen de personen zodat iedereen ook een beetje met iedereen kon kletsen.
En ja, dan de muziek bij het skiën zelf. De zogeheten après-skimuziek. Veel gekker moet het niet worden, maar zelfs in de vele Nederlandse uitgaansgelegenheden hebben ze tegenwoordig voor dit genre een eigen zaal ingericht. Het regenachtige en winderige Nederland kan toch nooit dezelfde sfeer creëren en als dat is in het beschonken en witte Oostenrijk.
Après-skimuziek is voor mij precies zo’n genre waar ik alleen maar wat mee kan op daadwerkelijk de wintersport en inderdaad ná het skiën. Thuis zou ik het never nooit opzetten, maar daar ga ik er gerust op uit m’n dak. Dat heeft simpelweg te maken met de sfeer. Iedereen is daar beschonken, iedereen heeft een alcoholische versnapering of wat achter de kiezen, iedereen doet daar gek. Je wordt er als het ware gewoon in meegenomen. Dus laat ik maar zeggen; laat de après-skimuziek AUB in Oostenrijk!
Het was weer zover, het was er weer de tijd voor, tijd om op wintersport te gaan. Elk jaar is het een terugkomend feit. Eerst een groep zoeken die mee wil, dat was dit keer vrij makkelijk. Daarna deze, uiteindelijk zes, mensen ook nog verdelen over de 2 auto’s. Ja, waar ga je dan op verdelen? Juist! Op de muzieksmaak, want dat scheelt weer wat discussies op de heenrit. Dus auto één werd een hiphop georiënteerde auto, met wat uitstapjes naar jazz, soul en R&B mogelijk. De andere werd een rock georiënteerde auto, met uitstapjes naar metal, folk en wereld mogelijk. Vrij nette verdeling dus, al hebben we aardig gewisseld tussen de personen zodat iedereen ook een beetje met iedereen kon kletsen.
En ja, dan de muziek bij het skiën zelf. De zogeheten après-skimuziek. Veel gekker moet het niet worden, maar zelfs in de vele Nederlandse uitgaansgelegenheden hebben ze tegenwoordig voor dit genre een eigen zaal ingericht. Het regenachtige en winderige Nederland kan toch nooit dezelfde sfeer creëren en als dat is in het beschonken en witte Oostenrijk.
Après-skimuziek is voor mij precies zo’n genre waar ik alleen maar wat mee kan op daadwerkelijk de wintersport en inderdaad ná het skiën. Thuis zou ik het never nooit opzetten, maar daar ga ik er gerust op uit m’n dak. Dat heeft simpelweg te maken met de sfeer. Iedereen is daar beschonken, iedereen heeft een alcoholische versnapering of wat achter de kiezen, iedereen doet daar gek. Je wordt er als het ware gewoon in meegenomen. Dus laat ik maar zeggen; laat de après-skimuziek AUB in Oostenrijk!
0
geplaatst: 9 mei 2008, 17:35 uur
Om toch nog maar weer eens een column (of ja, column) te schrijven en om dit leuke topic weer eens uit de vergetelheid te halen plaats ik hierbij een soort hersenspinsel wat ik ooit heb gehad toen ik me zat te vervelen tijdens de filosofieles.
Het begin van alles (Deel 1)
Wanneer men op zoek gaat naar de waarheid zal men altijd stuiten op de mogelijke onwaarheid van deze waarheid. Echter, de enige absolute waarheid die we kunnen definiëren is: er is iets. Hiermee kunnen we dus ook concluderen dat er niets is, aangezien zonder het niets we het iets niet zouden kunnen definiëren. Maar nu is de vraag natuurlijk of we hier nog iets meer uit kunnen concluderen. Ja, want bijvoorbeeld dingen zijn iets, eigenlijk is alles wat is, iets. Anders zou het niets zijn. Maar leven wij dan in een wereld van alles? Wij leven immers in een wereld van iets, en in een wereld van niets zouden wij niet bestaan, sterker nog: dan zou de wereld 'an sich' niet bestaan.
Maar als er iets is, zijn er ook objecten (de dingen), ookal is het maar in de kleinste vorm. Deze objecten vormen een wereld. Maar wat is dan de wereld? Immers, er moet een ware wereld bestaan, anders is er niets en dat zou betekenen dat wij niet bestaan. Maar aangezien wij bestaan, in welke vorm dan ook, moet er een ware wereld zijn. Dit kan ver weg zijn in de vorm van dat wij met zijn allen zijn aagesloten op een supercomputer in een andere wereld die ook weer is aangesloten etc. (à la 'The Matrix'), tot heel dichtbij, namelijk dat dit de ware wereld is.
Uit voorgaande stuk is gebleken dat iets vanzelfsprekends dus ook daadwerkelijk bestaan. Namelijk deze wereld. Deze wereld is iets en bestaat uit dingen. Maar als er dingen bestaan, bestaan er ook niet dingen. Immers anders zouden wij dingen geen dingen noemen. Wat zijn deze niet-dingen?
Dingen zijn over het algemeen waarneembaarheden. Maar niet alles is in (in ieder geval) deze wereld waarneembaar. Logisch volgt hieruit dus dat de niet-dingen niet-waarneembaar zijn. Kortom, niet-dingen zijn fenomenen als gedachten. Maar wat zijn deze gedachten eigenlijk? Zijn het niet gewoon een soort dromen? In principe wel. Namelijk in zoverre, dat je hersenen informatie die je hebt opgedaan verwerkt en daar nieuwe informatie uithaalt. Nu, dromen spelen zich af in het onbewuste. Wij weten immers voor een heel groot deel niets meer van wat wij dromen. Dus als onze dromen zich in het onbewuste en gedachten als het ware dromen zijn; dan spelen gedachten zich ook af in het onbewuste. Maar wacht eens, is dit wel waar? Want we weten toch allemaal dat we weten wat we denken. We kunnen dus aannemen dat gedachten geen dromen zelf zijn, maar verwant aan dromen zijn.
Maar wat houdt het bewustzijn eigenlijk in? Het betekent dat je je ergens bewust van bent. Dit betekent dat je iets weet. Maar wat weet je dan? Dat er iets is? Zoals in het begin is bewezen? Nee, ja van iets bewustzijn houdt meer in. Eigenlijk houdt het in dat je je bewust bent van wat er gebeurt op deze wereld. Daar heb je je gedachten ook voor nodig. Immers je kunt wel iets zien, maar zonder daarover na te denken en die gegevens te verwerken is het evengoed niets. Maar, zou dan het niet-bewustzijn het niets zijn? Want je zult je nooit iets herinneren, je zult zelfs nooit iets meemaken. Maar als het niet-bewustzijn het niets is, dan is het het onbewuste. Zijn de dromen dan niets? Schijnbaar.
Tot zo ver
Deel 2 komt na mijn examens wel een keer (dan heb ik toch tijd genoeg
)
Het begin van alles (Deel 1)
Wanneer men op zoek gaat naar de waarheid zal men altijd stuiten op de mogelijke onwaarheid van deze waarheid. Echter, de enige absolute waarheid die we kunnen definiëren is: er is iets. Hiermee kunnen we dus ook concluderen dat er niets is, aangezien zonder het niets we het iets niet zouden kunnen definiëren. Maar nu is de vraag natuurlijk of we hier nog iets meer uit kunnen concluderen. Ja, want bijvoorbeeld dingen zijn iets, eigenlijk is alles wat is, iets. Anders zou het niets zijn. Maar leven wij dan in een wereld van alles? Wij leven immers in een wereld van iets, en in een wereld van niets zouden wij niet bestaan, sterker nog: dan zou de wereld 'an sich' niet bestaan.
Maar als er iets is, zijn er ook objecten (de dingen), ookal is het maar in de kleinste vorm. Deze objecten vormen een wereld. Maar wat is dan de wereld? Immers, er moet een ware wereld bestaan, anders is er niets en dat zou betekenen dat wij niet bestaan. Maar aangezien wij bestaan, in welke vorm dan ook, moet er een ware wereld zijn. Dit kan ver weg zijn in de vorm van dat wij met zijn allen zijn aagesloten op een supercomputer in een andere wereld die ook weer is aangesloten etc. (à la 'The Matrix'), tot heel dichtbij, namelijk dat dit de ware wereld is.
Uit voorgaande stuk is gebleken dat iets vanzelfsprekends dus ook daadwerkelijk bestaan. Namelijk deze wereld. Deze wereld is iets en bestaat uit dingen. Maar als er dingen bestaan, bestaan er ook niet dingen. Immers anders zouden wij dingen geen dingen noemen. Wat zijn deze niet-dingen?
Dingen zijn over het algemeen waarneembaarheden. Maar niet alles is in (in ieder geval) deze wereld waarneembaar. Logisch volgt hieruit dus dat de niet-dingen niet-waarneembaar zijn. Kortom, niet-dingen zijn fenomenen als gedachten. Maar wat zijn deze gedachten eigenlijk? Zijn het niet gewoon een soort dromen? In principe wel. Namelijk in zoverre, dat je hersenen informatie die je hebt opgedaan verwerkt en daar nieuwe informatie uithaalt. Nu, dromen spelen zich af in het onbewuste. Wij weten immers voor een heel groot deel niets meer van wat wij dromen. Dus als onze dromen zich in het onbewuste en gedachten als het ware dromen zijn; dan spelen gedachten zich ook af in het onbewuste. Maar wacht eens, is dit wel waar? Want we weten toch allemaal dat we weten wat we denken. We kunnen dus aannemen dat gedachten geen dromen zelf zijn, maar verwant aan dromen zijn.
Maar wat houdt het bewustzijn eigenlijk in? Het betekent dat je je ergens bewust van bent. Dit betekent dat je iets weet. Maar wat weet je dan? Dat er iets is? Zoals in het begin is bewezen? Nee, ja van iets bewustzijn houdt meer in. Eigenlijk houdt het in dat je je bewust bent van wat er gebeurt op deze wereld. Daar heb je je gedachten ook voor nodig. Immers je kunt wel iets zien, maar zonder daarover na te denken en die gegevens te verwerken is het evengoed niets. Maar, zou dan het niet-bewustzijn het niets zijn? Want je zult je nooit iets herinneren, je zult zelfs nooit iets meemaken. Maar als het niet-bewustzijn het niets is, dan is het het onbewuste. Zijn de dromen dan niets? Schijnbaar.
Tot zo ver
Deel 2 komt na mijn examens wel een keer (dan heb ik toch tijd genoeg
)
0
geplaatst: 18 mei 2008, 21:15 uur
Decorloos
Tijdens het luisteren van Fennesz's Before I Leave stelde ik me voor dat ik dit 4 minuten en 7 seconden durende stukje muziek aan een vriend zou laten horen. Saai, zou hij zeggen. Volkomen logisch natuurlijk. Hoewel?
Ik denk aan de film die ik een paar weken terug gezien heb, Dogville van Lars von Trier. Een uitgeklede film, in de zin van dat de film decorloos is. Het verhaal speelt zich af op een grijze ondergrond, waar witte lijnen de contouren van de gebouwen aangeven. Een concept waar ik nooit de mogelijkheid van beseft had, een decor had ik altijd als vanzelfsprekend beschouwd. Toch is het een geslaagd concept, door het ontbreken van een decor wordt je aandacht veel meer richting bijvoorbeeld de dialogen getrokken. Op dat moment besef ik me hoeveel inhoud ik dan eigenlijk altijd gemist heb tijdens het bekijken van een film, slechts doordat mijn aandacht getrokken werd door voorbijflitsende auto's of ander spektakel dat op zichzelf niet de moeite waard is. Gelijk schiet mij een nuancering van deze gedachte binnen, worden de films niet juist volgestouwd en aangekleed om het gebrek aan inhoud te verbloemen?
Terug naar Fennesz. Misschien is het minder vanzelfsprekend dan ik dacht om Before I Leave een soort van objectieve saaiheid toe te dichten. Is Before I Leave niet het decorloze stukje muziek? Een gevolg van een halve eeuw popmuziek is dat je op een muziekstuk dat bestaat uit constant herhalende tonen in hetzelfde ritme snel het stempel ‘saai’ zou plakken. Maar door het weglaten van elementen die door de popmuziek als vanzelfsprekend worden beschouwd komen wel andere delen bloot te liggen, en vallen de minieme klankveranderingen in het nummer gelijk een stuk meer op. Vallen die veranderingen bij een couplet/refrein-liedje minder op? Of wordt door het decor het gebrek aan inhoud verbloemd?
Tijdens het luisteren van Fennesz's Before I Leave stelde ik me voor dat ik dit 4 minuten en 7 seconden durende stukje muziek aan een vriend zou laten horen. Saai, zou hij zeggen. Volkomen logisch natuurlijk. Hoewel?
Ik denk aan de film die ik een paar weken terug gezien heb, Dogville van Lars von Trier. Een uitgeklede film, in de zin van dat de film decorloos is. Het verhaal speelt zich af op een grijze ondergrond, waar witte lijnen de contouren van de gebouwen aangeven. Een concept waar ik nooit de mogelijkheid van beseft had, een decor had ik altijd als vanzelfsprekend beschouwd. Toch is het een geslaagd concept, door het ontbreken van een decor wordt je aandacht veel meer richting bijvoorbeeld de dialogen getrokken. Op dat moment besef ik me hoeveel inhoud ik dan eigenlijk altijd gemist heb tijdens het bekijken van een film, slechts doordat mijn aandacht getrokken werd door voorbijflitsende auto's of ander spektakel dat op zichzelf niet de moeite waard is. Gelijk schiet mij een nuancering van deze gedachte binnen, worden de films niet juist volgestouwd en aangekleed om het gebrek aan inhoud te verbloemen?
Terug naar Fennesz. Misschien is het minder vanzelfsprekend dan ik dacht om Before I Leave een soort van objectieve saaiheid toe te dichten. Is Before I Leave niet het decorloze stukje muziek? Een gevolg van een halve eeuw popmuziek is dat je op een muziekstuk dat bestaat uit constant herhalende tonen in hetzelfde ritme snel het stempel ‘saai’ zou plakken. Maar door het weglaten van elementen die door de popmuziek als vanzelfsprekend worden beschouwd komen wel andere delen bloot te liggen, en vallen de minieme klankveranderingen in het nummer gelijk een stuk meer op. Vallen die veranderingen bij een couplet/refrein-liedje minder op? Of wordt door het decor het gebrek aan inhoud verbloemd?
0
geplaatst: 22 mei 2008, 22:56 uur
Soma
Soms kom je muziek tegen die even fascinerend is als het leven zelf. Uiteraard is muziek een onderdeel van ditzelfde leven, maar muziek vervult daarnaast een transcenderende functie: het geeft ons de mogelijkheid even de realiteit van alledag te ontvluchten en helemaal in onszelf op te gaan. Misschien herinner je je het moment dat je net intens van muziek aan het genieten bent, terwijl iemand je kamer binnen stapt. Een grotere kater is bijna niet mogelijk.
Maar waarom willen wij die realiteit van alledag dan zo graag ontvluchten? Immers, het leven is wat het is en wij moeten ons hoe dan ook de hele dag bezighouden met triviale zaken. In deze bewering ligt dan ook het antwoord op de vraag: wij hebben dit moment van introspectie, deze vlucht uit de werkelijkheid nodig om al die andere dingen ook goed te kunnen doen. Ik heb het dan uiteraard niet over het 'zomaar even een plaatje opzetten', maar over het serieus gaan zitten voor een plaat.
Het is ook niet verwonderlijk dat er zoveel filmliefhebbers en gamers onder ons zijn; iedereen heeft behoefte aan deze 'eigen' wereld, in welke vorm dan ook. Soms is het fijn om even niets te hoeven delen, iets helemaal voor jezelf te hebben. Iets persoonlijkers dan dit zul je niet vinden.
Soms kom je muziek tegen die even fascinerend is als het leven zelf. Uiteraard is muziek een onderdeel van ditzelfde leven, maar muziek vervult daarnaast een transcenderende functie: het geeft ons de mogelijkheid even de realiteit van alledag te ontvluchten en helemaal in onszelf op te gaan. Misschien herinner je je het moment dat je net intens van muziek aan het genieten bent, terwijl iemand je kamer binnen stapt. Een grotere kater is bijna niet mogelijk.
Maar waarom willen wij die realiteit van alledag dan zo graag ontvluchten? Immers, het leven is wat het is en wij moeten ons hoe dan ook de hele dag bezighouden met triviale zaken. In deze bewering ligt dan ook het antwoord op de vraag: wij hebben dit moment van introspectie, deze vlucht uit de werkelijkheid nodig om al die andere dingen ook goed te kunnen doen. Ik heb het dan uiteraard niet over het 'zomaar even een plaatje opzetten', maar over het serieus gaan zitten voor een plaat.
Het is ook niet verwonderlijk dat er zoveel filmliefhebbers en gamers onder ons zijn; iedereen heeft behoefte aan deze 'eigen' wereld, in welke vorm dan ook. Soms is het fijn om even niets te hoeven delen, iets helemaal voor jezelf te hebben. Iets persoonlijkers dan dit zul je niet vinden.
0
DutchViking
geplaatst: 28 september 2008, 23:08 uur
Muziek als medicijn
Melancholie, passie, bevlogenheid... Dat zijn de eerste woorden die in me op komen, als ik aan hem denk. Muziek heeft altijd al een helende werking gehad voor mij, maar hij is hierin de overtreffende trap. Als ik aan hem denk verdwijnen al mijn zorgen voor even. Zijn stem en muziek zijn in staat om de diepste emoties in mijn bewustzijn los te maken. Zijn tocht langs allerlei fascinerende muzikale landschappen maakt vaak gevoelens van nostalgie bij mij los, maar kan ook geluk, enthousiasme en vreugde bij me teweegbrengen.
Als ik aan hem denk, denk ik aan Ierland. Het eiland waar zo veel begenadigde en gewaardeerde muzikanten, schrijvers en dichters zijn geboren. Het land van in mist gehulde kastelen, van eindeloos groene landschappen en van haar overweldigende, oprechte gastvrijheid. Ierland en muziek, het is op voorhand een winnende combinatie. Geen enkel land won zo vaak het Eurovisie Songfestival, overwinningen die nog dateren uit een tijd dat het festival nog wél serieus genomen werd door de muziekpers. Geen enkel land ook heeft zo'n levendige, authentieke cultuur van folkmuziek. Waar die jeugd zich in veel andere landen zich liever waagt aan andere muziekstijlen, is die muziekcultuur op het groene eiland nog altijd springlevend. Wie de rol van Ierland - zowel het zuiden als het noorden - in de internationale muziekscène analyseert, kan dit onmogelijk weerleggen. Een cultuur die mede dankzij het weelderige leven in de Ierse pubs van generatie op generatie overgaat. Veelzeggend in dat opzicht zijn de woorden van de befaamde Ierse schrijver James Joyce: a good puzzle would be to cross Dublin without passing a pub.
George Ivan Morrison werd geboren in 1945 in een grauwe volksbuurt in Belfast, Noord-Ierland. Zijn muziek komt het beste tot uiting in een sfeervolle bruine kroeg, alwaar de geur van sigaren je tegemoet treedt en waar de bezoekers zich hun pinten Guinness goed laten smaken. Dat hoor je terug in zijn muziek, waarin het beste uit jazz, blues, soul, folk, gospel en rock samengesmolten is tot een indrukwekkend geheel. Toegankelijk, maar tegelijkertijd onmiskenbaar inventief en met een enorme gedrevenheid. Soms sterk religieus aandoend gezien Van's protestantse achtergrond, maar daar heb ik als niet-praktiserend katholiek geen moeite mee.
Door zijn muzikale ouders kwam Van al vroeg in aanraking met muziek. Zijn warme stemgeluid, in combinatie met zijn magnifieke dichterstalent en hart voor muziek schonk de wereld platen als Astral Weeks en Moondance, die 40 jaar na dato nog altijd te boek staan als klassiekers. Bij het grote, muziekminnende publiek zal hij vooral bekend zijn vanwege deze platen. Ondanks zijn grote successen heeft Van altijd een bepaalde eigenzinnigheid gehouden en heeft hij, ondanks de grote muzikale verscheidenheid in zijn albums, nooit concessies gedaan aan commercie of critici.
Volgende maand zou ik hem weer gaan zien, in een grote, sfeerloze ruimte die in de volksmond Heineken Music Hall heet. Het bombastische, groteske en tegelijkertijd kille van die hal strookt in geen enkel opzicht met de rasmuzikant Van Morrison en zijn eigenaardigheden. Dan heb ik nog niet eens over de in mijn ogen achterlijke, naar een slecht biermerk vernoemde, naam van het bouwwerk. Ach, het zal wel bij deze tijd horen waarin commercie in veel opzichten belangrijker lijkt te zijn dan de muziek zelf. Het optreden is geannuleerd en wordt verzet naar een nog onbekende datum.
Ik weet nu al dat het weer een gedenkwaardige dag zal worden, met duizenden enthousiaste bezoekers die zich niet hebben af laten schrikken door de hoge entreeprijzen. Stiekem mijmer ik over een optreden in een vervallen kroegje, waar Van voor een klein publiek de juiste, intieme sfeer weet te creëren. Tot die tijd vermaak ik me met Moondance, Avalon Sunset, Into the Music, Veedon Fleece en al die andere platen, die voor mij even de tijd doen stilstaan. Voor even waan ik me dan weer in Ierland...
Melancholie, passie, bevlogenheid... Dat zijn de eerste woorden die in me op komen, als ik aan hem denk. Muziek heeft altijd al een helende werking gehad voor mij, maar hij is hierin de overtreffende trap. Als ik aan hem denk verdwijnen al mijn zorgen voor even. Zijn stem en muziek zijn in staat om de diepste emoties in mijn bewustzijn los te maken. Zijn tocht langs allerlei fascinerende muzikale landschappen maakt vaak gevoelens van nostalgie bij mij los, maar kan ook geluk, enthousiasme en vreugde bij me teweegbrengen.
Als ik aan hem denk, denk ik aan Ierland. Het eiland waar zo veel begenadigde en gewaardeerde muzikanten, schrijvers en dichters zijn geboren. Het land van in mist gehulde kastelen, van eindeloos groene landschappen en van haar overweldigende, oprechte gastvrijheid. Ierland en muziek, het is op voorhand een winnende combinatie. Geen enkel land won zo vaak het Eurovisie Songfestival, overwinningen die nog dateren uit een tijd dat het festival nog wél serieus genomen werd door de muziekpers. Geen enkel land ook heeft zo'n levendige, authentieke cultuur van folkmuziek. Waar die jeugd zich in veel andere landen zich liever waagt aan andere muziekstijlen, is die muziekcultuur op het groene eiland nog altijd springlevend. Wie de rol van Ierland - zowel het zuiden als het noorden - in de internationale muziekscène analyseert, kan dit onmogelijk weerleggen. Een cultuur die mede dankzij het weelderige leven in de Ierse pubs van generatie op generatie overgaat. Veelzeggend in dat opzicht zijn de woorden van de befaamde Ierse schrijver James Joyce: a good puzzle would be to cross Dublin without passing a pub.
George Ivan Morrison werd geboren in 1945 in een grauwe volksbuurt in Belfast, Noord-Ierland. Zijn muziek komt het beste tot uiting in een sfeervolle bruine kroeg, alwaar de geur van sigaren je tegemoet treedt en waar de bezoekers zich hun pinten Guinness goed laten smaken. Dat hoor je terug in zijn muziek, waarin het beste uit jazz, blues, soul, folk, gospel en rock samengesmolten is tot een indrukwekkend geheel. Toegankelijk, maar tegelijkertijd onmiskenbaar inventief en met een enorme gedrevenheid. Soms sterk religieus aandoend gezien Van's protestantse achtergrond, maar daar heb ik als niet-praktiserend katholiek geen moeite mee.
Door zijn muzikale ouders kwam Van al vroeg in aanraking met muziek. Zijn warme stemgeluid, in combinatie met zijn magnifieke dichterstalent en hart voor muziek schonk de wereld platen als Astral Weeks en Moondance, die 40 jaar na dato nog altijd te boek staan als klassiekers. Bij het grote, muziekminnende publiek zal hij vooral bekend zijn vanwege deze platen. Ondanks zijn grote successen heeft Van altijd een bepaalde eigenzinnigheid gehouden en heeft hij, ondanks de grote muzikale verscheidenheid in zijn albums, nooit concessies gedaan aan commercie of critici.
Volgende maand zou ik hem weer gaan zien, in een grote, sfeerloze ruimte die in de volksmond Heineken Music Hall heet. Het bombastische, groteske en tegelijkertijd kille van die hal strookt in geen enkel opzicht met de rasmuzikant Van Morrison en zijn eigenaardigheden. Dan heb ik nog niet eens over de in mijn ogen achterlijke, naar een slecht biermerk vernoemde, naam van het bouwwerk. Ach, het zal wel bij deze tijd horen waarin commercie in veel opzichten belangrijker lijkt te zijn dan de muziek zelf. Het optreden is geannuleerd en wordt verzet naar een nog onbekende datum.
Ik weet nu al dat het weer een gedenkwaardige dag zal worden, met duizenden enthousiaste bezoekers die zich niet hebben af laten schrikken door de hoge entreeprijzen. Stiekem mijmer ik over een optreden in een vervallen kroegje, waar Van voor een klein publiek de juiste, intieme sfeer weet te creëren. Tot die tijd vermaak ik me met Moondance, Avalon Sunset, Into the Music, Veedon Fleece en al die andere platen, die voor mij even de tijd doen stilstaan. Voor even waan ik me dan weer in Ierland...
0
DutchViking
geplaatst: 30 september 2008, 20:33 uur
Muziekminnende profs
Voetbal en muziek, het zijn beide grote passies van mij. De combinatie is echter niet alledaags, zo is mij inmiddels wel duidelijk. Vraag de gemiddelde speler uit het betaald voetbal naar diens muziekvoorkeur en het antwoord blijkt vaak voorspelbaar: de een na de ander houdt het op Nederlandstalige schlagers, populaire r&b of overgeproduceerde trance. Hoewel ik niet graag in hokjes denk, kan ik met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijk stellen dat het overgrote deel van de spelers geen academische titel heeft, geen liefhebber van hoogstaande literatuur is en zich niet of nauwelijks in muziek verdiept. Wat dat alles betreft, is de voetballerij op de keper beschouwd een juiste afspiegeling van de Nederlandse maatschappij. Oppervlakkigheid viert hoogtij in de voetbalwereld. Vraag de gemiddelde prof naar zijn kijk op politieke of maatschappelijke zaken en er zal zelden een hoogstaande of bevlogen mening waar te nemen zijn.
Jarenlang heb ik het bijgehouden in de media. Het blad Voetbal International, dat ik sinds mijn jongste voetbalherinneringen met veel plezier lees, bevat sinds jaar en dag een stukje dat gewijd is aan individuele spelers en hun persoonlijke voorkeuren. Ik las de profielschets van de spelers altijd aandachtig en keek er iedere woensdag weer naar uit, naast de stukjes van mijn favoriete vaderlandse club Ajax. De woensdag was de dag dat de nieuwe Voetbal International in de brievenbus lag.
Gelukkig zijn er uitzonderingen op de regel. Ron Jans, de huidige trainer van FC Groningen, is zo´n uitzondering. Jans is iemand die ik als trainer én als mens – hoewel ik hem niet persoonlijk ken – hoog heb zitten. De voormalige docent Duits blijkt in zijn vrije tijd onder meer graag naar folk, psychedelica, indie rock, alt-country en progrock te luisteren. Ik heb zijn jaarlijstjes eens bekeken en achter de succesvolle trainer schuilt een zeer groot muziekliefhebber. Veel van zijn favorieten zijn toevalligerwijs ook favorieten van mij.
Soms levert de zoektocht naar muziekminnende voetballers verrassende resultaten op. Niet zelden zijn de voetballende muziekliefhebbers sympathieke persoonlijkheden. Paul Bosvelt, John de Wolf en Ronald Waterreus bijvoorbeeld blijken liefhebbers te zijn van rock, grunge en heavy metal en de immer met paardenstaart getooide René van Rijswijk mag in zijn vrije tijd naar The Smashing Pumpkins luisteren. De aan lager wal geraakte vedette Glenn Helder is een zeer begenadigd drummer, Bert Konterman verklaarde ooit een bewonderaar te zijn van de Simple Minds, Frank Rijkaard luisterde in zijn jonge jaren naar Sonic Youth en Pixies en Björn van der Doelen is naast voormalig profvoetballer ook verdienstelijk rockgitarist. Hij koos er voor om het voetballeven in te ruilen voor een loopbaan in de muziekbranche.
Johan Derksen is hoofdredacteur van Voetbal International en tevens oud-voetballer, maar bovenal een groot bewonderaar van Van Morrison, Tony Joe White en John Mayall en volgt de vaderlandse en internationale bluesscène al sinds zijn jeugdjaren. Derksen heeft een uitgebreide vinylcollectie waar menig rechtgeaard liefhebber trots op zou zijn. Hoewel ik het op voetbalgebied veel vaker oneens dan eens ben met Johan, zie ik in zijn muziekkeuze meer raakvlakken.
Regelmatig vraag ik me af of het bij buitenlandse profs verschilt. Zou de gemiddelde Zweedse, Engelse, Poolse of Franse voetballer er een andere muziekvoorkeur op nahouden dan de Nederlandse? Die vraag is moeilijk te beantwoorden, omdat er nooit een dusdanig grootschalig onderzoek heeft plaatsgevonden op dit gebied. Van de Spaanse spelmaker Gaizka Mendieta weet ik toevalligerwijs dat hij graag naar Velvet Underground, Neil Young en The Doors luistert en de voormalig Engels international Stuart Pearce bewonderde The Clash, Sex Pistols en The Pogues, maar verder verwacht ik dat ook in het buitenland slechts een klein deel van de profs zich actief in muziek verdiept.
Voetbal en muziek, een gelukkig huwelijk zal het nooit worden. Ik klamp me vast aan het gegeven dat er altijd een kleine minderheid zal blijven van muziekminnende profs, hoezeer deze wereld ook zal veranderen.
Voetbal en muziek, het zijn beide grote passies van mij. De combinatie is echter niet alledaags, zo is mij inmiddels wel duidelijk. Vraag de gemiddelde speler uit het betaald voetbal naar diens muziekvoorkeur en het antwoord blijkt vaak voorspelbaar: de een na de ander houdt het op Nederlandstalige schlagers, populaire r&b of overgeproduceerde trance. Hoewel ik niet graag in hokjes denk, kan ik met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijk stellen dat het overgrote deel van de spelers geen academische titel heeft, geen liefhebber van hoogstaande literatuur is en zich niet of nauwelijks in muziek verdiept. Wat dat alles betreft, is de voetballerij op de keper beschouwd een juiste afspiegeling van de Nederlandse maatschappij. Oppervlakkigheid viert hoogtij in de voetbalwereld. Vraag de gemiddelde prof naar zijn kijk op politieke of maatschappelijke zaken en er zal zelden een hoogstaande of bevlogen mening waar te nemen zijn.
Jarenlang heb ik het bijgehouden in de media. Het blad Voetbal International, dat ik sinds mijn jongste voetbalherinneringen met veel plezier lees, bevat sinds jaar en dag een stukje dat gewijd is aan individuele spelers en hun persoonlijke voorkeuren. Ik las de profielschets van de spelers altijd aandachtig en keek er iedere woensdag weer naar uit, naast de stukjes van mijn favoriete vaderlandse club Ajax. De woensdag was de dag dat de nieuwe Voetbal International in de brievenbus lag.
Gelukkig zijn er uitzonderingen op de regel. Ron Jans, de huidige trainer van FC Groningen, is zo´n uitzondering. Jans is iemand die ik als trainer én als mens – hoewel ik hem niet persoonlijk ken – hoog heb zitten. De voormalige docent Duits blijkt in zijn vrije tijd onder meer graag naar folk, psychedelica, indie rock, alt-country en progrock te luisteren. Ik heb zijn jaarlijstjes eens bekeken en achter de succesvolle trainer schuilt een zeer groot muziekliefhebber. Veel van zijn favorieten zijn toevalligerwijs ook favorieten van mij.
Soms levert de zoektocht naar muziekminnende voetballers verrassende resultaten op. Niet zelden zijn de voetballende muziekliefhebbers sympathieke persoonlijkheden. Paul Bosvelt, John de Wolf en Ronald Waterreus bijvoorbeeld blijken liefhebbers te zijn van rock, grunge en heavy metal en de immer met paardenstaart getooide René van Rijswijk mag in zijn vrije tijd naar The Smashing Pumpkins luisteren. De aan lager wal geraakte vedette Glenn Helder is een zeer begenadigd drummer, Bert Konterman verklaarde ooit een bewonderaar te zijn van de Simple Minds, Frank Rijkaard luisterde in zijn jonge jaren naar Sonic Youth en Pixies en Björn van der Doelen is naast voormalig profvoetballer ook verdienstelijk rockgitarist. Hij koos er voor om het voetballeven in te ruilen voor een loopbaan in de muziekbranche.
Johan Derksen is hoofdredacteur van Voetbal International en tevens oud-voetballer, maar bovenal een groot bewonderaar van Van Morrison, Tony Joe White en John Mayall en volgt de vaderlandse en internationale bluesscène al sinds zijn jeugdjaren. Derksen heeft een uitgebreide vinylcollectie waar menig rechtgeaard liefhebber trots op zou zijn. Hoewel ik het op voetbalgebied veel vaker oneens dan eens ben met Johan, zie ik in zijn muziekkeuze meer raakvlakken.
Regelmatig vraag ik me af of het bij buitenlandse profs verschilt. Zou de gemiddelde Zweedse, Engelse, Poolse of Franse voetballer er een andere muziekvoorkeur op nahouden dan de Nederlandse? Die vraag is moeilijk te beantwoorden, omdat er nooit een dusdanig grootschalig onderzoek heeft plaatsgevonden op dit gebied. Van de Spaanse spelmaker Gaizka Mendieta weet ik toevalligerwijs dat hij graag naar Velvet Underground, Neil Young en The Doors luistert en de voormalig Engels international Stuart Pearce bewonderde The Clash, Sex Pistols en The Pogues, maar verder verwacht ik dat ook in het buitenland slechts een klein deel van de profs zich actief in muziek verdiept.
Voetbal en muziek, een gelukkig huwelijk zal het nooit worden. Ik klamp me vast aan het gegeven dat er altijd een kleine minderheid zal blijven van muziekminnende profs, hoezeer deze wereld ook zal veranderen.
0
DutchViking
geplaatst: 1 november 2008, 19:39 uur
Hart voor muziek
Sinds het moment waarop ik wist wat muziek was, ben ik ervan gaan houden. Eigenlijk begon het voor mij al op de basisschool, toen ik van een vriendje een cassettebandje in handen kreeg met daarop alternatieve pop- en rockmuziek uit die tijd. We spreken dan over eind jaren '80/begin jaren '90, een periode waarin de top 40 in tegenstelling tot tegenwoordig nog aardig wat interessante muziek bevatte. Een tijd bovendien, die in belangrijke mate mijn muzieksmaak gedefinieerd heeft. Wars van alle heersende trends van toen - bijvoorbeeld de eurodance-rage - zocht ik mijn weg binnen de rocksector. Dat gebeurde mede ook dankzij mijn pa, wiens LP's en albums van met name Bruce Springsteen, The Beach Boys, U2, Eric Clapton en Fleetwood Mac mij destijds goed smaakten.
Net als vele andere ware muziekliefhebbers weet ik me nog exact het moment te herinneren waarop ik mijn eerste cd kocht. Het was een grauwe herfstdag in het najaar van 1996. Ik had nog geen minidisc, laat staan een stereoset. Toen ik echter op de radio bij toeval het nummer Learning to Fly van Tom Petty en zijn Heartbreakers hoorde, was ik definitief verkocht. Direct snelde ik naar de plaatselijke cd-boer en dolblij was ik met mijn eerste buit. Het vormde de basis voor mijn uitgebreide, jarenlange zoektocht naar interessant materiaal binnen pop, rock, punk, metal, folk, blues, psychedelica, wereldmuziek, country en funk.
Inmiddels zijn er twaalf jaar gepasseerd en ken ik vrijwel iedere belangrijke platenzaak van Zuid-Nederland van binnen en buiten. Vele honderden albums heb ik inmiddels in mijn bezit en nog altijd ben ik niet verzadigd. Met veel plezier reis ik stad en land af om in de verste uithoeken van het land in vervallen zaakjes mijn favoriete muziek te bemachtigen. Het is er de laatste jaren niet gemakkelijk op geworden. Waar mijn woonplaats Eindhoven in een nog niet zo grijs verleden twee uitstekende platenzaken kende, is er nu vrijwel niets meer voor de ware muziekliefhebber. Het populaire Jake's en het wat meer alternatieve Bullit trokken nog niet zo lang geleden veel muziekadepten. Hooguit komen deze nog aan hun trekken bij massaketens als Van Leest of MediaMarkt, maar qua sfeer en deskundigheid van personeel blijven deze zaken ver achter bij een zaak als Bullit.
De teloorgang in Eindhoven is kenmerkend voor de situatie in de rest van het land. Het aanbod aan alternatieve platenzaken is immers ook elders achteruitgegaan. Er lijkt geen einde aan te komen. De ene na de andere zaak sluit de deuren, ook degene waar ik het nooit van verwachtte. Als zelfs het ooit zo machtige Boudisque de deuren moet sluiten, is voor mij duidelijk dat er iets chronisch mis is. Het is als een lawine die om zich heen blaast en waar niet meer aan valt te ontsnappen. Alleen de stevige fundamenten kunnen nog overeind blijven, de rest wordt zonder pardon weggeblazen.
Nu vooral de kleine ondernemer op de hoek van de straat door het downloadtijdperk zijn omzet ziet afnemen, is dat voor mij een extra reden om juist daar mijn muziek te kopen. House of Sounds in Den Bosch is een prima voorbeeld van zo'n kleine muziekzaak, waar hart voor muziek belangrijker is dan elk ander aspect. Het moment dat ik er voor het eerst was, zal ik niet snel vergeten. Ik raakte aan de praat met eigenaar Hans en raakte niet uitgekeken in de dozen en bakken, waar veel undergroundmuziek te vinden was. Het oogde geenszins, maar het was wel een plek waar verstokte muziekliefhebbers prima aan hun trekken kwamen. Altijd als ik in de buurt was wipte ik even langs, om het aanbod van nieuwe releases en oude pareltjes te aanschouwen. Na een noodgedwongen sluiting heeft de zaak onder nieuwe impuls een herstart gemaakt, maar het is nog maar de vraag of de oude sfeer weer terugkeert. Eigenaar Hans heb ik er in ieder geval niet meer gesignaleerd.
In mijn omgeving zijn tegenwoordig hooguit Kroeze in Nijmegen en Sounds in Venlo nog interessant voor de muziekfanaat. Kroeze doet me qua aanbod en sfeer denken aan Jake's in haar glorietijd, zo druk is het er tegenwoordig. Sounds daarentegen is een wereld op zichzelf, met een aanbod waar iedere liefhebber zijn vingers bij zou aflikken. Regelmatig trek ik er op mijn vrije zaterdag op uit om het aanbod van Sounds te aanschouwen. Hier lijkt het downloaden geen vat te hebben op de drukte, want Sounds is een goedbezochte zaak. Internet in het algemeen en downloaden in het bijzonder, hebben de muziekindustrie echter de nek omgedraaid, zoveel is wel duidelijk voor mij.
Is het einde van de malaise in zicht? Komt er een tijd waarin nieuwe platenzaken het levenslicht zullen zien? Ik vrees dat die tijd er nooit meer zal komen. Muziek kopen via internet heeft de laatste jaren een enorme vlucht genomen. Op mij zal een internetaankoop nooit eenzelfde soort charme teweeg kunnen brengen als een koop in een of ander obscuur platenzaakje. Dat gegeven kunnen ze me in ieder geval niet meer afnemen...
Sinds het moment waarop ik wist wat muziek was, ben ik ervan gaan houden. Eigenlijk begon het voor mij al op de basisschool, toen ik van een vriendje een cassettebandje in handen kreeg met daarop alternatieve pop- en rockmuziek uit die tijd. We spreken dan over eind jaren '80/begin jaren '90, een periode waarin de top 40 in tegenstelling tot tegenwoordig nog aardig wat interessante muziek bevatte. Een tijd bovendien, die in belangrijke mate mijn muzieksmaak gedefinieerd heeft. Wars van alle heersende trends van toen - bijvoorbeeld de eurodance-rage - zocht ik mijn weg binnen de rocksector. Dat gebeurde mede ook dankzij mijn pa, wiens LP's en albums van met name Bruce Springsteen, The Beach Boys, U2, Eric Clapton en Fleetwood Mac mij destijds goed smaakten.
Net als vele andere ware muziekliefhebbers weet ik me nog exact het moment te herinneren waarop ik mijn eerste cd kocht. Het was een grauwe herfstdag in het najaar van 1996. Ik had nog geen minidisc, laat staan een stereoset. Toen ik echter op de radio bij toeval het nummer Learning to Fly van Tom Petty en zijn Heartbreakers hoorde, was ik definitief verkocht. Direct snelde ik naar de plaatselijke cd-boer en dolblij was ik met mijn eerste buit. Het vormde de basis voor mijn uitgebreide, jarenlange zoektocht naar interessant materiaal binnen pop, rock, punk, metal, folk, blues, psychedelica, wereldmuziek, country en funk.
Inmiddels zijn er twaalf jaar gepasseerd en ken ik vrijwel iedere belangrijke platenzaak van Zuid-Nederland van binnen en buiten. Vele honderden albums heb ik inmiddels in mijn bezit en nog altijd ben ik niet verzadigd. Met veel plezier reis ik stad en land af om in de verste uithoeken van het land in vervallen zaakjes mijn favoriete muziek te bemachtigen. Het is er de laatste jaren niet gemakkelijk op geworden. Waar mijn woonplaats Eindhoven in een nog niet zo grijs verleden twee uitstekende platenzaken kende, is er nu vrijwel niets meer voor de ware muziekliefhebber. Het populaire Jake's en het wat meer alternatieve Bullit trokken nog niet zo lang geleden veel muziekadepten. Hooguit komen deze nog aan hun trekken bij massaketens als Van Leest of MediaMarkt, maar qua sfeer en deskundigheid van personeel blijven deze zaken ver achter bij een zaak als Bullit.
De teloorgang in Eindhoven is kenmerkend voor de situatie in de rest van het land. Het aanbod aan alternatieve platenzaken is immers ook elders achteruitgegaan. Er lijkt geen einde aan te komen. De ene na de andere zaak sluit de deuren, ook degene waar ik het nooit van verwachtte. Als zelfs het ooit zo machtige Boudisque de deuren moet sluiten, is voor mij duidelijk dat er iets chronisch mis is. Het is als een lawine die om zich heen blaast en waar niet meer aan valt te ontsnappen. Alleen de stevige fundamenten kunnen nog overeind blijven, de rest wordt zonder pardon weggeblazen.
Nu vooral de kleine ondernemer op de hoek van de straat door het downloadtijdperk zijn omzet ziet afnemen, is dat voor mij een extra reden om juist daar mijn muziek te kopen. House of Sounds in Den Bosch is een prima voorbeeld van zo'n kleine muziekzaak, waar hart voor muziek belangrijker is dan elk ander aspect. Het moment dat ik er voor het eerst was, zal ik niet snel vergeten. Ik raakte aan de praat met eigenaar Hans en raakte niet uitgekeken in de dozen en bakken, waar veel undergroundmuziek te vinden was. Het oogde geenszins, maar het was wel een plek waar verstokte muziekliefhebbers prima aan hun trekken kwamen. Altijd als ik in de buurt was wipte ik even langs, om het aanbod van nieuwe releases en oude pareltjes te aanschouwen. Na een noodgedwongen sluiting heeft de zaak onder nieuwe impuls een herstart gemaakt, maar het is nog maar de vraag of de oude sfeer weer terugkeert. Eigenaar Hans heb ik er in ieder geval niet meer gesignaleerd.
In mijn omgeving zijn tegenwoordig hooguit Kroeze in Nijmegen en Sounds in Venlo nog interessant voor de muziekfanaat. Kroeze doet me qua aanbod en sfeer denken aan Jake's in haar glorietijd, zo druk is het er tegenwoordig. Sounds daarentegen is een wereld op zichzelf, met een aanbod waar iedere liefhebber zijn vingers bij zou aflikken. Regelmatig trek ik er op mijn vrije zaterdag op uit om het aanbod van Sounds te aanschouwen. Hier lijkt het downloaden geen vat te hebben op de drukte, want Sounds is een goedbezochte zaak. Internet in het algemeen en downloaden in het bijzonder, hebben de muziekindustrie echter de nek omgedraaid, zoveel is wel duidelijk voor mij.
Is het einde van de malaise in zicht? Komt er een tijd waarin nieuwe platenzaken het levenslicht zullen zien? Ik vrees dat die tijd er nooit meer zal komen. Muziek kopen via internet heeft de laatste jaren een enorme vlucht genomen. Op mij zal een internetaankoop nooit eenzelfde soort charme teweeg kunnen brengen als een koop in een of ander obscuur platenzaakje. Dat gegeven kunnen ze me in ieder geval niet meer afnemen...
0
DutchViking
geplaatst: 2 november 2008, 11:04 uur
Thuis in een vreemde wereld
Daar zaten we dan, nippend aan onze Corona met limoen, onder de stralende hoogtezon in downtown Los Angeles. Vanaf hier was het nog drie uur rijden naar Tijuana, de stad die Mexico met de Verenigde Staten verbindt. Toch leek het alsof ik me hier midden in Mexico bevond. Sinds jaar en dag maken Latino’s in dit deel van Los Angeles per slot van rekening de dienst uit. De sfeer in deze buurt deed in alle opzichten denken aan een sfeervol, maar chaotisch Mexicaans stadje. De mensen leefden, dansten, aten en dronken hier op straat en speelden salsamuziek in de openlucht.
Mexico, land van sombrero's, burritos, guacamole en tex-mex. Eigenlijk is tex-mex - en in mindere mate ook een stroming als americana - in hoofdzaak Californisch-Texaanse muziek, maar de invloed kwam ontegenzeggelijk van Mexicaanse immigranten als Freddy Fender, Alejandro Escovedo en Los Lobos. Net zoals de Mexicaanse gemeenschap een prominente rol inneemt in de Amerikaanse samenleving, neemt ook deze oervorm van blues gecombineerd met salsa en folk een belangrijke plaats in binnen de muziekcultuur van de zuidelijke Amerikaanse staten.
We liepen een bar binnen op Mariachi Plaza, een in cultureel opzicht zeer verantwoorde plek, waar de gehele dag door Mexicaanse muzikanten acte de presènce gaven. Temidden van feestelijk uitgedoste jongedames en op maat geklede heren stond daar een man op het podium die mij in eerste instantie nog het meest aan the man in black, Roy Orbison deed denken. Voor mij stond echter César Rosas, net als Orbison herkenbaar door een karakteristieke grote zwarte zonnebril en zwarte, achterovergekamde haardos.
Ineens stond ik oog in oog met de man die met zijn band Los Lobos twee decennia lang verantwoordelijk was voor de succesvolle synthese van authentieke Mexicaanse muziek met blues, cajun, folk en rock. In een tijd waarin americana, tex-mex en andere stijlen binnen rootsmuziek stevig op hun gat lagen, was daar ineens Los Lobos. Tegen wil en dank verwierven De Wolven groep wereldfaam met de carnavaleske dijenkletser La Bamba. Net op het moment dat een wereldwijde doorbraak in zicht was, legden Rosas en zijn medebandleden zich toe op het verder verkennen van muzikaal onontgonnen gebied. Nu was de stijl van Los Lobos altijd al uniek, maar met Kiko - waarop een kakofonie te horen is van allerlei met elkaar versmolten genres, maar dat tevens onmiskenbaar als Los Lobos klinkt - boorde de band stijlen aan die nog nimmer door andere artiesten verkend waren. De cultstatus van dat album is inmiddels legendarisch, een album dat iedere luisterbeurt weer nieuwe ontdekkingen prijsgeeft.
Toen Arizona Skies werd ingezet, werd het muisstil in de zaal. Hetzelfde gebeurde min of meer bij Saint Behind the Glass. Nooit eerder had Kiko – een album dat toch een onuitwisbare indruk op mij had achtergelaten – zo intens geklonken voor mij, en dat terwijl zanger David Hidalgo niet eens aanwezig was. Het voornamelijk uit Latino’s bestaande publiek genoot zichtbaar en voor even was ik één van hen. Ineens kon ik mij hier identificeren met de Mexicaanse soul, die hier op gepassioneerde wijze werd blootgelegd. Ik voelde me hier direct thuis, in een omgeving waar muziek werd gespeeld zoals muziek eigenlijk bedoeld is. Ik was hier dan wel in de Verenigde Staten, maar veel van deze mannen en vrouwen voelden zich onmiskenbaar Mexicaan. Ik raakte aan de praat met enkele aanwezigen en werd vriendelijk te woord gestaan. Aan hen bemerkte ik een gevoel van trots, maar in mijn herinneringen komen nu toch vooral de hartstocht en de levendige cultuur naar voren.
De avond viel over de metropool Los Angeles en eenmaal buiten, was het nog immer met artiesten gevulde Mariachi Plaza veranderd in een zee van kleurrijke lichtjes. Een oud Engels spreekwoord luidt: wolves lose their teeth but not their memory. En zo is het. De wolven zullen altijd trouw blijven aan hun achtergrond en de muziek spelen waar zijzelf en hun meest verstokte en gepassioneerde fans achter staan. Al was het maar voor hun geliefde vaderland.
Daar zaten we dan, nippend aan onze Corona met limoen, onder de stralende hoogtezon in downtown Los Angeles. Vanaf hier was het nog drie uur rijden naar Tijuana, de stad die Mexico met de Verenigde Staten verbindt. Toch leek het alsof ik me hier midden in Mexico bevond. Sinds jaar en dag maken Latino’s in dit deel van Los Angeles per slot van rekening de dienst uit. De sfeer in deze buurt deed in alle opzichten denken aan een sfeervol, maar chaotisch Mexicaans stadje. De mensen leefden, dansten, aten en dronken hier op straat en speelden salsamuziek in de openlucht.
Mexico, land van sombrero's, burritos, guacamole en tex-mex. Eigenlijk is tex-mex - en in mindere mate ook een stroming als americana - in hoofdzaak Californisch-Texaanse muziek, maar de invloed kwam ontegenzeggelijk van Mexicaanse immigranten als Freddy Fender, Alejandro Escovedo en Los Lobos. Net zoals de Mexicaanse gemeenschap een prominente rol inneemt in de Amerikaanse samenleving, neemt ook deze oervorm van blues gecombineerd met salsa en folk een belangrijke plaats in binnen de muziekcultuur van de zuidelijke Amerikaanse staten.
We liepen een bar binnen op Mariachi Plaza, een in cultureel opzicht zeer verantwoorde plek, waar de gehele dag door Mexicaanse muzikanten acte de presènce gaven. Temidden van feestelijk uitgedoste jongedames en op maat geklede heren stond daar een man op het podium die mij in eerste instantie nog het meest aan the man in black, Roy Orbison deed denken. Voor mij stond echter César Rosas, net als Orbison herkenbaar door een karakteristieke grote zwarte zonnebril en zwarte, achterovergekamde haardos.
Ineens stond ik oog in oog met de man die met zijn band Los Lobos twee decennia lang verantwoordelijk was voor de succesvolle synthese van authentieke Mexicaanse muziek met blues, cajun, folk en rock. In een tijd waarin americana, tex-mex en andere stijlen binnen rootsmuziek stevig op hun gat lagen, was daar ineens Los Lobos. Tegen wil en dank verwierven De Wolven groep wereldfaam met de carnavaleske dijenkletser La Bamba. Net op het moment dat een wereldwijde doorbraak in zicht was, legden Rosas en zijn medebandleden zich toe op het verder verkennen van muzikaal onontgonnen gebied. Nu was de stijl van Los Lobos altijd al uniek, maar met Kiko - waarop een kakofonie te horen is van allerlei met elkaar versmolten genres, maar dat tevens onmiskenbaar als Los Lobos klinkt - boorde de band stijlen aan die nog nimmer door andere artiesten verkend waren. De cultstatus van dat album is inmiddels legendarisch, een album dat iedere luisterbeurt weer nieuwe ontdekkingen prijsgeeft.
Toen Arizona Skies werd ingezet, werd het muisstil in de zaal. Hetzelfde gebeurde min of meer bij Saint Behind the Glass. Nooit eerder had Kiko – een album dat toch een onuitwisbare indruk op mij had achtergelaten – zo intens geklonken voor mij, en dat terwijl zanger David Hidalgo niet eens aanwezig was. Het voornamelijk uit Latino’s bestaande publiek genoot zichtbaar en voor even was ik één van hen. Ineens kon ik mij hier identificeren met de Mexicaanse soul, die hier op gepassioneerde wijze werd blootgelegd. Ik voelde me hier direct thuis, in een omgeving waar muziek werd gespeeld zoals muziek eigenlijk bedoeld is. Ik was hier dan wel in de Verenigde Staten, maar veel van deze mannen en vrouwen voelden zich onmiskenbaar Mexicaan. Ik raakte aan de praat met enkele aanwezigen en werd vriendelijk te woord gestaan. Aan hen bemerkte ik een gevoel van trots, maar in mijn herinneringen komen nu toch vooral de hartstocht en de levendige cultuur naar voren.
De avond viel over de metropool Los Angeles en eenmaal buiten, was het nog immer met artiesten gevulde Mariachi Plaza veranderd in een zee van kleurrijke lichtjes. Een oud Engels spreekwoord luidt: wolves lose their teeth but not their memory. En zo is het. De wolven zullen altijd trouw blijven aan hun achtergrond en de muziek spelen waar zijzelf en hun meest verstokte en gepassioneerde fans achter staan. Al was het maar voor hun geliefde vaderland.
0
DutchViking
geplaatst: 2 november 2008, 15:01 uur
Tussen gekte en genialiteit
Het was een plek die al een tijdje hoog op mijn verlanglijstje stond. Nu was ik er dan eindelijk, temidden van muzikanten en sfeerproevers. Het is 30 juli 2005 en een stralende zon schijnt boven Dublin. Temple Bar was nu nog indrukwekkender dan hoe ik het op foto's had gezien. Temple Bar is dé uitgaansbuurt van Dublin en bovendien een van de oudste kroegencomplexen ter wereld. Hier kwamen in lang vervlogen tijden al muzikanten, dichters en schilders bijeen om samen te zijn en het complex is feitelijk de blauwdruk geweest voor pubs die vervolgens overal ter wereld als paddestoelen uit de grond kwamen. Het is na 250 jaar nog altijd een plek waar jonge, gedreven muzikanten zich kunnen presenteren aan een groter publiek.
Muziek is onlosmakelijk verbonden met Ierland. Overal in Dublin zie je straatmuzikanten en vrijwel alle pubs kennen een levendige cultuur als het aankomt op optredende artiesten. Het onbekommerde leven in de pub zal ongetwijfeld een bron van inspiratie geweest zijn voor Shane MacGowan. Op jonge leeftijd verhuisde hij met zijn ouders naar Engeland en jaren later zou hij uitgroeien tot een van de grootste songwriters uit zijn tijd en de personificatie van de Londense folkpunkband The Pogues, die ontstond uit de as van Shane's punkband The Nipple Erectors. De leden van The Pogues leefden bij het ontstaan in 1983 al jarenlang in Engeland, maar hadden op een enkeling na allemaal een Ierse achtergrond. Die achtergrond liet hen nooit meer los, net zoals miljoenen Ierse immigranten in de Verenigde Staten zich tegenwoordig bovenal Ier voelen. Het is een weerspiegeling van hun historie, waarin de Ieren lange tijd onder de voet gelopen werden door de meedogenloze Engelse overheersers, die het eiland eeuwenlang kolonialiseerden en ieder tegengeluid op hardhandige wijze de kop indrukten. De vernietigende hongersnood in de jaren 1845 tot en met 1850 leidde uiteindelijk het onvrijwillige vertrek in naar met name de Verenigde Staten, waardoor steden als Boston en Chicago tegenwoordig een grote Ierse gemeenschap kennen. Veel vluchtelingen kwamen echter nooit aan en stierven onderweg tijdens de lange boottochten. Veel van de Ieren wereldwijd hebben hun roerige historie nooit vergeten en kijken met een gemengd gevoel van melancholie en trots terug op hun dappere voorouders. Shane MacGowan is er daar ook een van.
Folkmuziek was begin jaren '80 helemaal van de kaart geveegd door achtereenvolgens punk en new wave. Wie in die tijd aan folk dacht, kwam al snel uit op het stereotype beeld van geitenwollensokkendragers. Op het Pogues-debuut Red Roses for Me werd op onmiskenbare wijze korte metten gemaakt met deze denkwijze. Met een stevige scheut gin achter de kiezen creëerde de romanticus MacGowan een nieuw genre, dat het beste uit Ierse folk combineerde met pop en punk uit die tijd. Het leidde uiteindelijk tot klassiekers als Rum Sodomy & the Lash en If I Should Fall from Grace with God. Door de jaren heen behielden The Pogues hun volstrekt unieke sound, wat mede te danken was aan het nogal ongebruikelijke instrumentarium dat werd gehanteerd door de bandleden. Zo stonden de tin whistler en de banjospeler bijvoorbeeld samen op het podium met de bassist en drummer. Hoewel de muziek van The Pogues voor niet-ingewijden misschien doet denken aan feest in het algemeen en carnaval in het bijzonder, biedt het oeuvre van het zevenkoppig collectief oneindig veel meer dan dat. Veel van de teksten zijn poëtisch van aard en handelen over het groene Ierland, over de nostalgische tijden van vroeger en over de massale trek naar Amerika. Frontman MacGowan ontpopte zich daarbij tot een van de grootste dichters van deze tijd. Een geniale gek, zo werd hij ooit in een interview genoemd. Gek van de drank, maar gezegend met een uitzonderlijke geest.
Vanaf het moment dat ik kennis maakte met de band, was ik overtuigd van hun klasse. De band zelf bestond toen al jaren niet meer. In 1991 werd bekend dat The Pogues hun flamboyante frontman uit de band hadden gegooid. Shane was door zijn alcoholverslaving nauwelijks meer te handhaven en stond bij optredens regelmatig ladderzat op het podium. The Pogues werden vervolgens nooit meer zichzelf en gooiden vijf jaar later de handdoek in de ring. Ondanks diverse reünie-optredens de voorbije jaren kwam er nooit meer een studioplaat uit.
Mocht de legendarische formatie nog ooit willen optreden, dan zal Temple Bar ze met open armen ontvangen. Muziek gaat immers om gevoel, passie en gedrevenheid. Die ingrediënten vind je terug in Temple Bar, ongeacht of het nu 1900 is of 2008. Het zal altijd een centrale rol blijven vervullen in het drukke leven van menig muziekliefhebber.
Het was een plek die al een tijdje hoog op mijn verlanglijstje stond. Nu was ik er dan eindelijk, temidden van muzikanten en sfeerproevers. Het is 30 juli 2005 en een stralende zon schijnt boven Dublin. Temple Bar was nu nog indrukwekkender dan hoe ik het op foto's had gezien. Temple Bar is dé uitgaansbuurt van Dublin en bovendien een van de oudste kroegencomplexen ter wereld. Hier kwamen in lang vervlogen tijden al muzikanten, dichters en schilders bijeen om samen te zijn en het complex is feitelijk de blauwdruk geweest voor pubs die vervolgens overal ter wereld als paddestoelen uit de grond kwamen. Het is na 250 jaar nog altijd een plek waar jonge, gedreven muzikanten zich kunnen presenteren aan een groter publiek.
Muziek is onlosmakelijk verbonden met Ierland. Overal in Dublin zie je straatmuzikanten en vrijwel alle pubs kennen een levendige cultuur als het aankomt op optredende artiesten. Het onbekommerde leven in de pub zal ongetwijfeld een bron van inspiratie geweest zijn voor Shane MacGowan. Op jonge leeftijd verhuisde hij met zijn ouders naar Engeland en jaren later zou hij uitgroeien tot een van de grootste songwriters uit zijn tijd en de personificatie van de Londense folkpunkband The Pogues, die ontstond uit de as van Shane's punkband The Nipple Erectors. De leden van The Pogues leefden bij het ontstaan in 1983 al jarenlang in Engeland, maar hadden op een enkeling na allemaal een Ierse achtergrond. Die achtergrond liet hen nooit meer los, net zoals miljoenen Ierse immigranten in de Verenigde Staten zich tegenwoordig bovenal Ier voelen. Het is een weerspiegeling van hun historie, waarin de Ieren lange tijd onder de voet gelopen werden door de meedogenloze Engelse overheersers, die het eiland eeuwenlang kolonialiseerden en ieder tegengeluid op hardhandige wijze de kop indrukten. De vernietigende hongersnood in de jaren 1845 tot en met 1850 leidde uiteindelijk het onvrijwillige vertrek in naar met name de Verenigde Staten, waardoor steden als Boston en Chicago tegenwoordig een grote Ierse gemeenschap kennen. Veel vluchtelingen kwamen echter nooit aan en stierven onderweg tijdens de lange boottochten. Veel van de Ieren wereldwijd hebben hun roerige historie nooit vergeten en kijken met een gemengd gevoel van melancholie en trots terug op hun dappere voorouders. Shane MacGowan is er daar ook een van.
Folkmuziek was begin jaren '80 helemaal van de kaart geveegd door achtereenvolgens punk en new wave. Wie in die tijd aan folk dacht, kwam al snel uit op het stereotype beeld van geitenwollensokkendragers. Op het Pogues-debuut Red Roses for Me werd op onmiskenbare wijze korte metten gemaakt met deze denkwijze. Met een stevige scheut gin achter de kiezen creëerde de romanticus MacGowan een nieuw genre, dat het beste uit Ierse folk combineerde met pop en punk uit die tijd. Het leidde uiteindelijk tot klassiekers als Rum Sodomy & the Lash en If I Should Fall from Grace with God. Door de jaren heen behielden The Pogues hun volstrekt unieke sound, wat mede te danken was aan het nogal ongebruikelijke instrumentarium dat werd gehanteerd door de bandleden. Zo stonden de tin whistler en de banjospeler bijvoorbeeld samen op het podium met de bassist en drummer. Hoewel de muziek van The Pogues voor niet-ingewijden misschien doet denken aan feest in het algemeen en carnaval in het bijzonder, biedt het oeuvre van het zevenkoppig collectief oneindig veel meer dan dat. Veel van de teksten zijn poëtisch van aard en handelen over het groene Ierland, over de nostalgische tijden van vroeger en over de massale trek naar Amerika. Frontman MacGowan ontpopte zich daarbij tot een van de grootste dichters van deze tijd. Een geniale gek, zo werd hij ooit in een interview genoemd. Gek van de drank, maar gezegend met een uitzonderlijke geest.
Vanaf het moment dat ik kennis maakte met de band, was ik overtuigd van hun klasse. De band zelf bestond toen al jaren niet meer. In 1991 werd bekend dat The Pogues hun flamboyante frontman uit de band hadden gegooid. Shane was door zijn alcoholverslaving nauwelijks meer te handhaven en stond bij optredens regelmatig ladderzat op het podium. The Pogues werden vervolgens nooit meer zichzelf en gooiden vijf jaar later de handdoek in de ring. Ondanks diverse reünie-optredens de voorbije jaren kwam er nooit meer een studioplaat uit.
Mocht de legendarische formatie nog ooit willen optreden, dan zal Temple Bar ze met open armen ontvangen. Muziek gaat immers om gevoel, passie en gedrevenheid. Die ingrediënten vind je terug in Temple Bar, ongeacht of het nu 1900 is of 2008. Het zal altijd een centrale rol blijven vervullen in het drukke leven van menig muziekliefhebber.
0
DutchViking
geplaatst: 3 november 2008, 09:11 uur
Groter dan zichzelf
De ontwikkeling is niet meer te stoppen. Ik voel me voorgoed verloren en kans op verbetering is niet meer in zicht. Die gedachte spookte de voorbije maanden regelmatig door mijn hoofd. Lijdzaam zie ik toe hoe alles verandert. Wat me ooit zo dierbaar was, is nu uit mijn handen geglipt. De toekomst? Daar denk ik maar liever niet over na...
Toegegeven, het is een wat macabere opening, maar het geeft mijn gevoelens op een juiste wijze weer. Het zal een enkeling misschien opgevallen zijn dat ik de laatste tijd een stuk minder actief ben geweest op MusicMeter. Na ruim 6.000 toevoegingen en minstens zo veel correcties, vele recensies en discussies waar ik me in heb gemengd, heb ik er na drie jaar actief lidmaatschap even genoeg van. Ruim twee jaar lang speelde de site een voorname rol in mijn leven. Een permanent drukke agenda gooit roet in het eten, maar de hoofdreden van mijn absentie ligt toch vooral in het feit dat ik me steeds minder thuis ben gaan voelen. Ik voel me een vreemde in een omgeving die ooit vertrouwd was en die ik ooit als mijn thuis beschouwde.
Het begon allemaal zo mooi en hoopvol. MusicMeter werd een drug voor mij. Naast mijn nimmer aflatende zoektocht naar muziek, had ik nu eindelijk een podium gevonden om muziek met mensen buiten mijn vrienden- en kennissenkring te delen. Het lezen en schrijven van pakkende, lange recensies was voor mij een van de hoofdredenen om me aan te melden, net als het schrijven van verhalen over mijn muzikale helden en het lezen van andermans ervaringen. De kennismaking met gelijkgestemde muziekadepten tenslotte heb ik ook altijd als bijzonder prettig ervaren. Namen noemen doe ik niet, maar er zijn genoeg gebruikers die nog altijd erg serieus genomen worden door mij en wiens recensies ik altijd met veel plezier heb gelezen. Het zijn mensen die door hun albumtoevoegingen of hun aanstekelijke recensies een belangrijke rol hebben gespeeld in de ontwikkeling van MusicMeter.
De tijden zijn veranderd. In vergelijking met drie jaar geleden zijn er een aantal veranderingen doorgevoerd, met als belangrijkste verbetering de vernieuwde lay-out van de site. Door de overkill aan KO's echter, moeten deelnemers in muziekdiscussies steeds meer gaan zoeken naar de interessante topics. Daarnaast vraag ik me soms af waarom slap geouwehoer tot op zekere hoogte nog wordt getolereerd. Ik wil geen verwijtend gebaar maken naar de moderators, integendeel, maar in sommige gevallen zou een three strikes, you're out beter op zijn plaats zijn bij kleine overtredingen. Zorgwekkend is het dat het vrij regelmatig voorkomt dat topics verzanden in flauw geneuzel.
Als ik de site MusicMeter niet zou kennen en vandaag voor de eerste maal een blik zou werpen op de forumupdates, dan zou ik ernstig twijfelen over een eventuele aanmelding van mijn kant. Zet me maar neer als een ouwe zeur. Jarenlang heb ik mijn beste beentje voorgezet in mijn recensies, benaderingen, toevoegingen en correcties en daarom vind ik dat ik als actief en - al dan niet - gewaardeerd user daarmee recht van spreken heb om een kritische noot te plaatsen bij bepaalde zaken.
Is MusicMeter een betere site dan enkele jaren geleden? Voor veel gebruikers zal het antwoord hierop bevestigend zijn, voor mij is het dat helaas niet. Het is vooral een completere site geworden. En belangrijker nog... MusicMeter is groter geworden dan zichzelf.
De ontwikkeling is niet meer te stoppen. Ik voel me voorgoed verloren en kans op verbetering is niet meer in zicht. Die gedachte spookte de voorbije maanden regelmatig door mijn hoofd. Lijdzaam zie ik toe hoe alles verandert. Wat me ooit zo dierbaar was, is nu uit mijn handen geglipt. De toekomst? Daar denk ik maar liever niet over na...
Toegegeven, het is een wat macabere opening, maar het geeft mijn gevoelens op een juiste wijze weer. Het zal een enkeling misschien opgevallen zijn dat ik de laatste tijd een stuk minder actief ben geweest op MusicMeter. Na ruim 6.000 toevoegingen en minstens zo veel correcties, vele recensies en discussies waar ik me in heb gemengd, heb ik er na drie jaar actief lidmaatschap even genoeg van. Ruim twee jaar lang speelde de site een voorname rol in mijn leven. Een permanent drukke agenda gooit roet in het eten, maar de hoofdreden van mijn absentie ligt toch vooral in het feit dat ik me steeds minder thuis ben gaan voelen. Ik voel me een vreemde in een omgeving die ooit vertrouwd was en die ik ooit als mijn thuis beschouwde.
Het begon allemaal zo mooi en hoopvol. MusicMeter werd een drug voor mij. Naast mijn nimmer aflatende zoektocht naar muziek, had ik nu eindelijk een podium gevonden om muziek met mensen buiten mijn vrienden- en kennissenkring te delen. Het lezen en schrijven van pakkende, lange recensies was voor mij een van de hoofdredenen om me aan te melden, net als het schrijven van verhalen over mijn muzikale helden en het lezen van andermans ervaringen. De kennismaking met gelijkgestemde muziekadepten tenslotte heb ik ook altijd als bijzonder prettig ervaren. Namen noemen doe ik niet, maar er zijn genoeg gebruikers die nog altijd erg serieus genomen worden door mij en wiens recensies ik altijd met veel plezier heb gelezen. Het zijn mensen die door hun albumtoevoegingen of hun aanstekelijke recensies een belangrijke rol hebben gespeeld in de ontwikkeling van MusicMeter.
De tijden zijn veranderd. In vergelijking met drie jaar geleden zijn er een aantal veranderingen doorgevoerd, met als belangrijkste verbetering de vernieuwde lay-out van de site. Door de overkill aan KO's echter, moeten deelnemers in muziekdiscussies steeds meer gaan zoeken naar de interessante topics. Daarnaast vraag ik me soms af waarom slap geouwehoer tot op zekere hoogte nog wordt getolereerd. Ik wil geen verwijtend gebaar maken naar de moderators, integendeel, maar in sommige gevallen zou een three strikes, you're out beter op zijn plaats zijn bij kleine overtredingen. Zorgwekkend is het dat het vrij regelmatig voorkomt dat topics verzanden in flauw geneuzel.
Als ik de site MusicMeter niet zou kennen en vandaag voor de eerste maal een blik zou werpen op de forumupdates, dan zou ik ernstig twijfelen over een eventuele aanmelding van mijn kant. Zet me maar neer als een ouwe zeur. Jarenlang heb ik mijn beste beentje voorgezet in mijn recensies, benaderingen, toevoegingen en correcties en daarom vind ik dat ik als actief en - al dan niet - gewaardeerd user daarmee recht van spreken heb om een kritische noot te plaatsen bij bepaalde zaken.
Is MusicMeter een betere site dan enkele jaren geleden? Voor veel gebruikers zal het antwoord hierop bevestigend zijn, voor mij is het dat helaas niet. Het is vooral een completere site geworden. En belangrijker nog... MusicMeter is groter geworden dan zichzelf.
0
geplaatst: 2 januari 2009, 12:58 uur
De jaarwisseling.
De klok tikt 10 voor 12. Langzaam wordt er afgeteld naar het nieuwe jaar. De minuten slinken, de seconden staan al ongeduldig te trappelen. Maar ook de muziek telt af. Terwijl de immer opzwepende klanken van Hotel California door de kamer gieren staat Queen zich understage volop moed in te praten. Nog even en ze rukken zich weer even los uit hun doodskist om bulderend het oude jaar uit te wuiven.
Papa zit lichtjes onderuitgezakt in de bank. Iets teveel gegeten en gedronken maar nog niet geboerd en nog steeds geen schunnige moppen getapt. Vrouwlief kijkt trots van de klok naar papa en gebaart dat hij op goed schema zit, nog even volhouden. Oudejaar betekent een net pak aan en de haartjes mooi bijgeknipt, maar het roze hemd dat hij eigenlijk aanmoest hangt nog steeds thuis, één streep waar hij nog op kan staan. 2009 staat popelend voor de deur maar veel boeit het niet, want wat brengt 2009 dat de eerdere 45 jaar nog niet gebracht hebben. Ook 2009 wordt weer een jaar vol overwerk, gezeur en steeds slechter wordende popmuziek.
Op de klanken van immer beter wordende achtergrondmuziek zweeft papa zachtjes terug naar het verleden, geholpen door de stroom aan rebellerende klanken van weleer. Want papa was erbij toen de popmuziek een nieuw gezicht kreeg. In die tijd had je nog een echte oude garde, boemannen met grijze haren en zwarte oogkassen, die verdreven moest worden. Een mooie tijd, waar haar hip was en de prijs van een broek nog rechtevenredig liep aan de hoeveelheid stof die ermee gepaard ging. In die tijd was er nog ruimte voor rebellie en papa ging daar maar al te graag in mee. Hij zou de wereld veranderen, want verandering was goed. De oudjes waren boeven die de jeugd van hun jeugdigheid probeerden te beroven en hij zou er eigenhandig een einde aan maken.
Papa heeft erg hard gevochten voor de muziekale revolutie en is bovenal trots op wat hij gepresteerd heeft. Je zoekt het misschien niet maar achter de iets te volle buik en het kalende hoofd, maar als papa in de spiegel kijkt ziet hij het nog steeds, verborgen in de dof fonkelende oogjes. De gekte van weleer, toen hij compleet uitzinnig de muziekwereld stond te herschapen.
En hij herinnert zich z'n vrienden, de rekels met wie hij driest tegen het gareel inging. Hij en z'n vrienden hebben elkaar eeuwige trouw beloofd, bloedbroeder zijn ze. En ze zijn er nog steeds, zo getuige deze avond. Zij leidden toenertijd de revolutie en ze hebben allen hun sporen verdiend. En ook nu nog krijgen ze als revolutiesoldaten elk jaar hun royalties, daar wordt van hogerhand voor gezorgd, als het moet door middel van goddelijke interventie.
Hun plan was toenertijd duidelijk en tweeledig. Weg met het oude, omarm het nieuwe. En daar hebben ze zich met z'n allen voor ingezet. Toen papa twee zoons kreeg werd hij hun vriend, sloeg hij z'n arm om hen heen en zette hij broederlijk z'n platenkast open. "Neem maar wat je wil" was zijn advies. En ondertussen namen papa en z'n vrienden slinks de eindejaarsweek over, terwijl hun zorgzaam verzamelde plaatjes kapotgedraaid werden door hun woekerende kroost. Zo eist elke oorlog z'n tol.
Maar het resultaat is er. Terwijl de hele wereld zeven dagen lang terugkijkt op het afgelopen jaar sluit de muziekwereld hermitisch z'n deuren voor de voorbije periode en kruipt de revolutie van weleer opnieuw het podium op. Papa's strijd om rustig oud te kunnen worden heeft z'n vruchten afgeworpen. Hij heeft al z'n vijanden buiten spel ingezet, inclusief zichzelf en z'n beminde menselijke nalatenschap.
En in het hele land wordt in alle huiskamers goedkeurend meegeknikt door de rebellen van weleer. Allen in pak en zak, op hun hardbevochten lederen troon terwijl Mercury voor de laatste keer z'n keelgat rijkelijk openzet. Papa hoort enkel nog het vuurwerk in z'n eigen hoofd wanneer de laaste klank is uitgestorven en boert gemoedelijk. Het was weer mooi.
De week is voorbij, het koninkrijk lost weer op en de komende 51 weken worden weer in hermetische afzondering geleefd, achter een masker van gefakete interesse. Maar eens per jaar herleeft het verleden, dat is een zekerheid. En in dat verleden leeft papa, fier, trots en als een held op wit paard.
Zeven dagen per week poseert papa weer als die snelle rebel, maar meer dan een wolf in schaapskleren die bang is om zelf slachtoffer te worden van rebellie is hij niet. Alle papas weten dat, diep vanbinnen, maar zolang de oudelullendeuntjes uit de speakers blijven knallen om 10 voor 12 is er nog hoop, en heeft hun plannetje gewerkt.
Dat voor de rest van de wereld een leuk stukje muziekale terugblik op het afgelopen jaar gemassacreerd wordt is niet zo belangrijk. Want wat stelt de muziek van vandaag nu eigenlijk voor? Niks toch?
De klok tikt 10 voor 12. Langzaam wordt er afgeteld naar het nieuwe jaar. De minuten slinken, de seconden staan al ongeduldig te trappelen. Maar ook de muziek telt af. Terwijl de immer opzwepende klanken van Hotel California door de kamer gieren staat Queen zich understage volop moed in te praten. Nog even en ze rukken zich weer even los uit hun doodskist om bulderend het oude jaar uit te wuiven.
Papa zit lichtjes onderuitgezakt in de bank. Iets teveel gegeten en gedronken maar nog niet geboerd en nog steeds geen schunnige moppen getapt. Vrouwlief kijkt trots van de klok naar papa en gebaart dat hij op goed schema zit, nog even volhouden. Oudejaar betekent een net pak aan en de haartjes mooi bijgeknipt, maar het roze hemd dat hij eigenlijk aanmoest hangt nog steeds thuis, één streep waar hij nog op kan staan. 2009 staat popelend voor de deur maar veel boeit het niet, want wat brengt 2009 dat de eerdere 45 jaar nog niet gebracht hebben. Ook 2009 wordt weer een jaar vol overwerk, gezeur en steeds slechter wordende popmuziek.
Op de klanken van immer beter wordende achtergrondmuziek zweeft papa zachtjes terug naar het verleden, geholpen door de stroom aan rebellerende klanken van weleer. Want papa was erbij toen de popmuziek een nieuw gezicht kreeg. In die tijd had je nog een echte oude garde, boemannen met grijze haren en zwarte oogkassen, die verdreven moest worden. Een mooie tijd, waar haar hip was en de prijs van een broek nog rechtevenredig liep aan de hoeveelheid stof die ermee gepaard ging. In die tijd was er nog ruimte voor rebellie en papa ging daar maar al te graag in mee. Hij zou de wereld veranderen, want verandering was goed. De oudjes waren boeven die de jeugd van hun jeugdigheid probeerden te beroven en hij zou er eigenhandig een einde aan maken.
Papa heeft erg hard gevochten voor de muziekale revolutie en is bovenal trots op wat hij gepresteerd heeft. Je zoekt het misschien niet maar achter de iets te volle buik en het kalende hoofd, maar als papa in de spiegel kijkt ziet hij het nog steeds, verborgen in de dof fonkelende oogjes. De gekte van weleer, toen hij compleet uitzinnig de muziekwereld stond te herschapen.
En hij herinnert zich z'n vrienden, de rekels met wie hij driest tegen het gareel inging. Hij en z'n vrienden hebben elkaar eeuwige trouw beloofd, bloedbroeder zijn ze. En ze zijn er nog steeds, zo getuige deze avond. Zij leidden toenertijd de revolutie en ze hebben allen hun sporen verdiend. En ook nu nog krijgen ze als revolutiesoldaten elk jaar hun royalties, daar wordt van hogerhand voor gezorgd, als het moet door middel van goddelijke interventie.
Hun plan was toenertijd duidelijk en tweeledig. Weg met het oude, omarm het nieuwe. En daar hebben ze zich met z'n allen voor ingezet. Toen papa twee zoons kreeg werd hij hun vriend, sloeg hij z'n arm om hen heen en zette hij broederlijk z'n platenkast open. "Neem maar wat je wil" was zijn advies. En ondertussen namen papa en z'n vrienden slinks de eindejaarsweek over, terwijl hun zorgzaam verzamelde plaatjes kapotgedraaid werden door hun woekerende kroost. Zo eist elke oorlog z'n tol.
Maar het resultaat is er. Terwijl de hele wereld zeven dagen lang terugkijkt op het afgelopen jaar sluit de muziekwereld hermitisch z'n deuren voor de voorbije periode en kruipt de revolutie van weleer opnieuw het podium op. Papa's strijd om rustig oud te kunnen worden heeft z'n vruchten afgeworpen. Hij heeft al z'n vijanden buiten spel ingezet, inclusief zichzelf en z'n beminde menselijke nalatenschap.
En in het hele land wordt in alle huiskamers goedkeurend meegeknikt door de rebellen van weleer. Allen in pak en zak, op hun hardbevochten lederen troon terwijl Mercury voor de laatste keer z'n keelgat rijkelijk openzet. Papa hoort enkel nog het vuurwerk in z'n eigen hoofd wanneer de laaste klank is uitgestorven en boert gemoedelijk. Het was weer mooi.
De week is voorbij, het koninkrijk lost weer op en de komende 51 weken worden weer in hermetische afzondering geleefd, achter een masker van gefakete interesse. Maar eens per jaar herleeft het verleden, dat is een zekerheid. En in dat verleden leeft papa, fier, trots en als een held op wit paard.
Zeven dagen per week poseert papa weer als die snelle rebel, maar meer dan een wolf in schaapskleren die bang is om zelf slachtoffer te worden van rebellie is hij niet. Alle papas weten dat, diep vanbinnen, maar zolang de oudelullendeuntjes uit de speakers blijven knallen om 10 voor 12 is er nog hoop, en heeft hun plannetje gewerkt.
Dat voor de rest van de wereld een leuk stukje muziekale terugblik op het afgelopen jaar gemassacreerd wordt is niet zo belangrijk. Want wat stelt de muziek van vandaag nu eigenlijk voor? Niks toch?
0
geplaatst: 21 januari 2009, 14:52 uur
Soulloze muziek
Soul, een woord dat mij vaak over de lippen kwam in de tijd dat ik op dit forum te vinden ben. Soul, het een genre, maar het is ook een belangrijk facet van elke muziek. Want muziek zonder soul, oftewel ziel, is toch ietwat…tsja zielloos.
Soul, het is één van de allergrootste genres in de muziekwereld. Wie kent immers de namen Marvin Gaye, James Brown en Aretha Franklin niet?
En ook in de hedendaagse actualiteit is te zien hoe belangrijk het genre is. Kijk alleen maar naar het gebeurtenissen rond de verkiezingen van Barack Obama.
Zei hij niet dat er verandering met hem als president zou komen. Oftewel ‘A Change is Gonna Come’. En ja, dat kennen we natuurlijk van Sam Cooke, één van de grootste soulartiesten ooit. Misschien flauw, maar ‘Yes We Can’ werd al eens door Lee Dorsey bezongen.
Maar ook bij zijn inauguratie en het feestje dat daarvoor gehouden werd. Beyoncé, Aretha Franklin, Stevie Wonder, ze waren er allemaal. Artiesten die de hedendaagse soul in zekere mate laten herleven en artiesten die al heel lang in de soul meedoen.
Maar wat je ook persoonlijk van het genre vindt. Het is simpelweg altijd aanwezig.
Muziek met een ziel pakt, of het nou R&B, hiphop, metal of trance is. Maar ziel is ook een niet te duiden begrip. Want wat voor de één vol met soul zit is voor de ander maar platonisch. Maar voor een ieder is zijn of haar favoriete muziek, muziek met een ziel. Een ziel die zijn erin herkennen, die zijn voelen.
Soul, ziel, bezieling. Het zit overal in. Je werk, je studie, je liefde, je leven. En dat is misschien ook wel weer het mooie van muziek. Het is zo heerlijk mengbaar.
Soul, een woord dat mij vaak over de lippen kwam in de tijd dat ik op dit forum te vinden ben. Soul, het een genre, maar het is ook een belangrijk facet van elke muziek. Want muziek zonder soul, oftewel ziel, is toch ietwat…tsja zielloos.
Soul, het is één van de allergrootste genres in de muziekwereld. Wie kent immers de namen Marvin Gaye, James Brown en Aretha Franklin niet?
En ook in de hedendaagse actualiteit is te zien hoe belangrijk het genre is. Kijk alleen maar naar het gebeurtenissen rond de verkiezingen van Barack Obama.
Zei hij niet dat er verandering met hem als president zou komen. Oftewel ‘A Change is Gonna Come’. En ja, dat kennen we natuurlijk van Sam Cooke, één van de grootste soulartiesten ooit. Misschien flauw, maar ‘Yes We Can’ werd al eens door Lee Dorsey bezongen.
Maar ook bij zijn inauguratie en het feestje dat daarvoor gehouden werd. Beyoncé, Aretha Franklin, Stevie Wonder, ze waren er allemaal. Artiesten die de hedendaagse soul in zekere mate laten herleven en artiesten die al heel lang in de soul meedoen.
Maar wat je ook persoonlijk van het genre vindt. Het is simpelweg altijd aanwezig.
Muziek met een ziel pakt, of het nou R&B, hiphop, metal of trance is. Maar ziel is ook een niet te duiden begrip. Want wat voor de één vol met soul zit is voor de ander maar platonisch. Maar voor een ieder is zijn of haar favoriete muziek, muziek met een ziel. Een ziel die zijn erin herkennen, die zijn voelen.
Soul, ziel, bezieling. Het zit overal in. Je werk, je studie, je liefde, je leven. En dat is misschien ook wel weer het mooie van muziek. Het is zo heerlijk mengbaar.
0
DutchViking
geplaatst: 21 februari 2009, 14:40 uur
Leven in een muzikale dictatuur
Is muziek anno 2009 een gevoel of toch een product? Het is een vraag die al jaren in me opkomt en waarop ik geen eenduidig antwoord kan geven. Ja, voor mij is muziek een gevoel, zonder twijfel. Toch is het in deze maatschappij, waarin begrippen als haast en spoed maatgevend zijn geworden, bijna vanzelfsprekend geworden om muziek als product te zien. Nietszeggende zenders als TMF en MTV spannen de kroon. Terwijl de clips van de met goud behangen negers en talloze schaars geklede dames de hoofdmoot vormen op TMF, legt MTV zich hoofdzakelijk toe op realitysoaps en programma's die niets, maar dan ook echt niets met muziek te maken hebben. Als er dan al eens muziek te horen is, dan is dat vaak nietszeggende top 40-meuk. Zo erg als TMF is het voorlopig nog niet, maar een ruime onvoldoende krijgt MTV van mij wel met haar "muziekaanbod".
Nog niet zo lang geleden was MTV het vlaggenschip van een grote muziekscène. Alternatieve rockmuziek die in Europa niet cool genoeg was om een groot publiek aan te spreken, kwam in ruime mate aan bod. Het roemruchte MTV Headbanger's Ball was zo'n programma waar rockers voor thuis bleven en niet zo lang geleden was er nog Rockzone, een programma waar hoofdzakelijk hardrock- en metalclips te zien waren. Ook andere minder voor de hand liggende stromingen waren op de zender vertegenwoordigd. Tegenwoordig wordt alles gemeden wat ook maar onder de noemer niet-mainstream geschaard kan worden, of wordt het uitgezonden op tijdstippen na middernacht. Het is tekenend voor het huidige niveau van MTV en typerend voor grote groepen jongeren, die opgroeien met het idee dat muziek geen tastbare herinnering is, maar dat het iets is wat koopbaar is: een product dus.
Het is een tendens die niet meer te stoppen is. Platenzaken voor de ware liefhebber verdwijnen steeds meer en alleen de grote ketens blijven over. Free Record Shop kan beschouwd worden als surrogaat van de pulpzenders TMF en MTV, doordat zij een soortgelijk aanbod trachten te verkopen op cd. Vraag naar een wat minder bekende naam en de jonge verkoper kijkt je aan alsof hij/zij water ziet branden. Nee, Free Record Shop is verworden tot een nietszeggende shop waar games en dvd's het beeld bepalen en waar muziek er karig vanaf komt. Simpelweg omdat het niet verkoopt, aldus Free Record Shop zelf. Het is tekenend voor hun gebrek aan passie voor muziek, want ook voor Free Record Shop is muziek enkel en alleen een product.
Valt Free Record Shop iets te verwijten? Kunnen zij er iets aan doen dat de jeugd tegenwoordig nog amper muziek koopt? Ja en nee. Natuurlijk kunnen zij niet verantwoordelijk worden gesteld voor de teloorgang door de opkomst van internet, maar zij kunnen met hun aanbod wel een rol van betekenis spelen en inspelen op de jeugd die open staat voor muzikaal relevante artiesten. Dat gebeurt nu niet, want de avontuurlijke muziekliefhebber mijdt de zaak het liefst. Zelf heb ik in 2001 voor het laatst een album gekocht bij Free Record Shop. Als ik er nu kom, valt me vooral op dat het aanbod bestaat uit nietszeggende bands en soloartiesten die morgen alweer zijn vergeten. Leegte regeert, iets wat ook merkbaar is bij een concurrent als Van Leest. Hoewel de meerderheid van het cd-kopend publiek wellicht positief tegen Van Leest aankijkt, kan ik er maar weinig mee. Iets wat ook maar een beetje obscuur of minder bekend is, vind je er niet.
Wansmaak is door alle bovengenoemde redenen gemeengoed geworden met het Nederlandse publiek. Kijk alleen al eens naar de volle stadions die de b(r)allerige, studentikoze en muzikaal inhoudsloze Guus Meeuwis weet te trekken en je weet genoeg. Er lijkt een ban te heersen op niet-populaire muziek. Commercie en oppervlakkigheid, dat zijn anno 2009 de toverwoorden. Dan heb ik het nog niet eens gehad over de radiostations, die opvallen door neutrale en veilige muziek, omdat ook zij een groot publiek willen aantrekken. Wie toch graag nieuwe muziek wil ontdekken en beluisteren, is aangewezen op internetradio. Daarnaast zijn de platenzaken met een ruim alternatief aanbod op de vingers van één hand te tellen en wordt op welk willekeurige televisiezender zelden een concert of documentaire van een minder bekende artiest uitgezonden. Duidelijker kan ik het niet verwoorden: muziek is een product geworden.
Is muziek anno 2009 een gevoel of toch een product? Het is een vraag die al jaren in me opkomt en waarop ik geen eenduidig antwoord kan geven. Ja, voor mij is muziek een gevoel, zonder twijfel. Toch is het in deze maatschappij, waarin begrippen als haast en spoed maatgevend zijn geworden, bijna vanzelfsprekend geworden om muziek als product te zien. Nietszeggende zenders als TMF en MTV spannen de kroon. Terwijl de clips van de met goud behangen negers en talloze schaars geklede dames de hoofdmoot vormen op TMF, legt MTV zich hoofdzakelijk toe op realitysoaps en programma's die niets, maar dan ook echt niets met muziek te maken hebben. Als er dan al eens muziek te horen is, dan is dat vaak nietszeggende top 40-meuk. Zo erg als TMF is het voorlopig nog niet, maar een ruime onvoldoende krijgt MTV van mij wel met haar "muziekaanbod".
Nog niet zo lang geleden was MTV het vlaggenschip van een grote muziekscène. Alternatieve rockmuziek die in Europa niet cool genoeg was om een groot publiek aan te spreken, kwam in ruime mate aan bod. Het roemruchte MTV Headbanger's Ball was zo'n programma waar rockers voor thuis bleven en niet zo lang geleden was er nog Rockzone, een programma waar hoofdzakelijk hardrock- en metalclips te zien waren. Ook andere minder voor de hand liggende stromingen waren op de zender vertegenwoordigd. Tegenwoordig wordt alles gemeden wat ook maar onder de noemer niet-mainstream geschaard kan worden, of wordt het uitgezonden op tijdstippen na middernacht. Het is tekenend voor het huidige niveau van MTV en typerend voor grote groepen jongeren, die opgroeien met het idee dat muziek geen tastbare herinnering is, maar dat het iets is wat koopbaar is: een product dus.
Het is een tendens die niet meer te stoppen is. Platenzaken voor de ware liefhebber verdwijnen steeds meer en alleen de grote ketens blijven over. Free Record Shop kan beschouwd worden als surrogaat van de pulpzenders TMF en MTV, doordat zij een soortgelijk aanbod trachten te verkopen op cd. Vraag naar een wat minder bekende naam en de jonge verkoper kijkt je aan alsof hij/zij water ziet branden. Nee, Free Record Shop is verworden tot een nietszeggende shop waar games en dvd's het beeld bepalen en waar muziek er karig vanaf komt. Simpelweg omdat het niet verkoopt, aldus Free Record Shop zelf. Het is tekenend voor hun gebrek aan passie voor muziek, want ook voor Free Record Shop is muziek enkel en alleen een product.
Valt Free Record Shop iets te verwijten? Kunnen zij er iets aan doen dat de jeugd tegenwoordig nog amper muziek koopt? Ja en nee. Natuurlijk kunnen zij niet verantwoordelijk worden gesteld voor de teloorgang door de opkomst van internet, maar zij kunnen met hun aanbod wel een rol van betekenis spelen en inspelen op de jeugd die open staat voor muzikaal relevante artiesten. Dat gebeurt nu niet, want de avontuurlijke muziekliefhebber mijdt de zaak het liefst. Zelf heb ik in 2001 voor het laatst een album gekocht bij Free Record Shop. Als ik er nu kom, valt me vooral op dat het aanbod bestaat uit nietszeggende bands en soloartiesten die morgen alweer zijn vergeten. Leegte regeert, iets wat ook merkbaar is bij een concurrent als Van Leest. Hoewel de meerderheid van het cd-kopend publiek wellicht positief tegen Van Leest aankijkt, kan ik er maar weinig mee. Iets wat ook maar een beetje obscuur of minder bekend is, vind je er niet.
Wansmaak is door alle bovengenoemde redenen gemeengoed geworden met het Nederlandse publiek. Kijk alleen al eens naar de volle stadions die de b(r)allerige, studentikoze en muzikaal inhoudsloze Guus Meeuwis weet te trekken en je weet genoeg. Er lijkt een ban te heersen op niet-populaire muziek. Commercie en oppervlakkigheid, dat zijn anno 2009 de toverwoorden. Dan heb ik het nog niet eens gehad over de radiostations, die opvallen door neutrale en veilige muziek, omdat ook zij een groot publiek willen aantrekken. Wie toch graag nieuwe muziek wil ontdekken en beluisteren, is aangewezen op internetradio. Daarnaast zijn de platenzaken met een ruim alternatief aanbod op de vingers van één hand te tellen en wordt op welk willekeurige televisiezender zelden een concert of documentaire van een minder bekende artiest uitgezonden. Duidelijker kan ik het niet verwoorden: muziek is een product geworden.
0
geplaatst: 30 juni 2009, 12:33 uur
"God, wat ziet die man er uit" sprak mijn ega, toen Neil Young ons via de BBC vanuit het Glastonbury 2009 levensgroot toespeelde. "Hoe bedoel je?" grijns ik terug. "Hij moet nog 65 worden, je ziet het niet aan hem af".
Neil Young speelde Rockin' in the free world, en tot genoegen van fans en ondergetekende eindigde hij 5 x en startte hij vervolgens elke keer weer opnieuw op.
Young rostte er met een satanisch plezier flink op los. Hoewel enigszins kalend op het achterhoofd laat hij zijn manen aan de zijkant van zijn gezicht toch gewoon weer doorgroeien. Een kapper heeft hij de afgelopen 25 jaar inderdaad niet gezien.
De oorspronkelijk broodmagere gitaarrommelaar begint ook in gewicht behoorlijk toe te nemen viel mij op, hij mag wel uitkijken dat zijn omvang die van zijn oude vriend Stephen Stills niet achterna gaat.
"Ach, kan nog makkelijk tot zijn 85e mee. We zijn het gewoon nog niet gewend. Hij verricht baanbrekend werk. Nu zeg je, dat kan echt niet meer met 65. Maar toen ze 30 waren dacht ook iedereeen dat ze zouden stoppen met hun rockmuziek. Let maar eens op, Young gaat door tot 85. Of hij moet er eerder in blijven. En ik ook trouwens".
Een nieuw refrein "Keep on rocking in the free world!!!!!!!!!!!!!!!".
Neil Young weet zijn leeftijd heel goed. Hij trekt zich er alleen niets van aan. En dat niet alleen, hij drijft er zelfs de spot mee, op Chrome dreams II:
I'm a dirty old man
I do what I can
Tryin' to make a livin'
I'm a dirty old man
I like to get hammered
On Friday night
Sometimes I can't wait
So Monday's alright
It's a battle with the bottle
I'll win it alright
But I lost another round
In the bar last night
I'm a dirty old man
I do what I can
Tryin' to make a livin'
I'm a dirty old man
Yeah, I'm gonna get fired
For drinkin' on the job
Got caught with the boss's wife
In the parking lot
I'm gonna get killed
For doin' this again
But I just can't help it
It's under my skin
I'm a dirty old man
I do what I can
I'm gonna get hammered
And do it again
I'm a dirty old man
I do what I can
Tryin' to make a livin'
I'm a dirty old man
Got a bag of frozen peas
I use on my knees
I injured from beggin'
And tryin' to please
If you believe that
I'm losing my fat
Got a workout program
And a new rubber mat
I'm a dirty old man
I do what I can
Tryin' to make a livin'
I'm a dirty old man
I'm a dirty old man
Neil Young vervolgde het concert met de Beatles-cover A day in the life. Alle snaren van zijn electrische gitaar gingen er aan. Young wist er langdurig nog steeds geluid uit te krijgen, door zijn gitaar te schudden en de losse draden met groot genoegen tegen de klankkast te laten zwiepen.
De volgende dag, schitterde Tom Jones op Glastonbury. De chauvinistische Engelsen op leeftijd riepen alsof er een nieuw, wereldtalent was opgestaan. Maar ja, net 69 geworden. Op maat gemaakte spijkerbroek. Mooi jasje. Voornamelijk grijs haar keurig gekapt, daar is tijd en geld aan besteed. Een stem die nog steeds klinkt als een klok. Nog steeds aantrekkelijk bij de dames. Een aantal van hen zwaait met lingerie.
Jammer, dat hij het grotendeels nog steeds moet hebben van zijn jaren 60 hits. Maar goed, als het smaakvol wordt gedaan, worden het nummers van alle tijden, dat is ook weer waar.
"Kijk, zo kan het ook" begon mijn wederhelft uitdagend aan een nieuwe discussie.
Ik keerde mij er boos van af. Bah. "Die man heeft al 40 jaar niets nieuws gebracht, behalve dan dat Sexbomb gedoe. Zo kan ik ook mooi blijven. Rock moet je tekenen voor het leven, je moet het er aan kunnen afzien dat hij al vanaf halverwege de jaren '60 aan de weg timmert".
De eenzame weg van de Rock artiest op weg naar........ Ja, waar naar toe eigenlijk? Ik moest denken aan Neil's hoes van Old ways, waar Young op zijn rug gefotografeerd bezig is aan een Eenzaam Amerikaans Pad. Gitaar in zijn rechterhand. Cowboyhoed, voor zich uit starend richting de grond.
De hoes belooft veel, de inhoud was die keer beduidend minder maar ach. Wat geeft het eigenlijk. "Neil! Wil ik roepen. 'Kijk uit! Je moet nog zeker 20 jaar mee!" Hij draait zich voor het eerst om op het pad, richt zich op en steekt grijnzend zijn hand omhoog. "Waarom zou ik stoppen?"
Ach, je hebt gelijk ook. Het was bijna een nachtmerrie. Keep on rocking in the free world.
Neil Young speelde Rockin' in the free world, en tot genoegen van fans en ondergetekende eindigde hij 5 x en startte hij vervolgens elke keer weer opnieuw op.
Young rostte er met een satanisch plezier flink op los. Hoewel enigszins kalend op het achterhoofd laat hij zijn manen aan de zijkant van zijn gezicht toch gewoon weer doorgroeien. Een kapper heeft hij de afgelopen 25 jaar inderdaad niet gezien.
De oorspronkelijk broodmagere gitaarrommelaar begint ook in gewicht behoorlijk toe te nemen viel mij op, hij mag wel uitkijken dat zijn omvang die van zijn oude vriend Stephen Stills niet achterna gaat.
"Ach, kan nog makkelijk tot zijn 85e mee. We zijn het gewoon nog niet gewend. Hij verricht baanbrekend werk. Nu zeg je, dat kan echt niet meer met 65. Maar toen ze 30 waren dacht ook iedereeen dat ze zouden stoppen met hun rockmuziek. Let maar eens op, Young gaat door tot 85. Of hij moet er eerder in blijven. En ik ook trouwens".
Een nieuw refrein "Keep on rocking in the free world!!!!!!!!!!!!!!!".
Neil Young weet zijn leeftijd heel goed. Hij trekt zich er alleen niets van aan. En dat niet alleen, hij drijft er zelfs de spot mee, op Chrome dreams II:
I'm a dirty old man
I do what I can
Tryin' to make a livin'
I'm a dirty old man
I like to get hammered
On Friday night
Sometimes I can't wait
So Monday's alright
It's a battle with the bottle
I'll win it alright
But I lost another round
In the bar last night
I'm a dirty old man
I do what I can
Tryin' to make a livin'
I'm a dirty old man
Yeah, I'm gonna get fired
For drinkin' on the job
Got caught with the boss's wife
In the parking lot
I'm gonna get killed
For doin' this again
But I just can't help it
It's under my skin
I'm a dirty old man
I do what I can
I'm gonna get hammered
And do it again
I'm a dirty old man
I do what I can
Tryin' to make a livin'
I'm a dirty old man
Got a bag of frozen peas
I use on my knees
I injured from beggin'
And tryin' to please
If you believe that
I'm losing my fat
Got a workout program
And a new rubber mat
I'm a dirty old man
I do what I can
Tryin' to make a livin'
I'm a dirty old man
I'm a dirty old man
Neil Young vervolgde het concert met de Beatles-cover A day in the life. Alle snaren van zijn electrische gitaar gingen er aan. Young wist er langdurig nog steeds geluid uit te krijgen, door zijn gitaar te schudden en de losse draden met groot genoegen tegen de klankkast te laten zwiepen.
De volgende dag, schitterde Tom Jones op Glastonbury. De chauvinistische Engelsen op leeftijd riepen alsof er een nieuw, wereldtalent was opgestaan. Maar ja, net 69 geworden. Op maat gemaakte spijkerbroek. Mooi jasje. Voornamelijk grijs haar keurig gekapt, daar is tijd en geld aan besteed. Een stem die nog steeds klinkt als een klok. Nog steeds aantrekkelijk bij de dames. Een aantal van hen zwaait met lingerie.
Jammer, dat hij het grotendeels nog steeds moet hebben van zijn jaren 60 hits. Maar goed, als het smaakvol wordt gedaan, worden het nummers van alle tijden, dat is ook weer waar.
"Kijk, zo kan het ook" begon mijn wederhelft uitdagend aan een nieuwe discussie.
Ik keerde mij er boos van af. Bah. "Die man heeft al 40 jaar niets nieuws gebracht, behalve dan dat Sexbomb gedoe. Zo kan ik ook mooi blijven. Rock moet je tekenen voor het leven, je moet het er aan kunnen afzien dat hij al vanaf halverwege de jaren '60 aan de weg timmert".
De eenzame weg van de Rock artiest op weg naar........ Ja, waar naar toe eigenlijk? Ik moest denken aan Neil's hoes van Old ways, waar Young op zijn rug gefotografeerd bezig is aan een Eenzaam Amerikaans Pad. Gitaar in zijn rechterhand. Cowboyhoed, voor zich uit starend richting de grond.
De hoes belooft veel, de inhoud was die keer beduidend minder maar ach. Wat geeft het eigenlijk. "Neil! Wil ik roepen. 'Kijk uit! Je moet nog zeker 20 jaar mee!" Hij draait zich voor het eerst om op het pad, richt zich op en steekt grijnzend zijn hand omhoog. "Waarom zou ik stoppen?"
Ach, je hebt gelijk ook. Het was bijna een nachtmerrie. Keep on rocking in the free world.
0
geplaatst: 8 juli 2009, 08:02 uur
Het is niet eerlijk.
Op zo'n avond als op The Memorials bij Michael Jackson, worden er altijd dingen geroepen, talenten en eigenschappen toegedicht, waarbij ik dan altijd denk: nou nou, kan het even wat minder? Of: mag er iets zorgvuldiger met de waarheid worden omgegaan Of: mogen ook anderen enige credits worden gegeven?
Toegegeven, het was Michaels begrafenis. En Amerikanen kunnen dingen altijd zo hard roepen, vanaf de preekstoel en al, dat je gaat denken dat het nog waar is ook. Enige nuance ontbreekt volledig.
Gisteravond was hij er ook. Stevie Wonder. Hij speelde zelfs een nummer; niet het beste dat ik ooit van hem had gehoord, ook niet in uitvoering. Maar goed, dat is niet het punt.
Ik wilde het even hebben over talent en muziek.
Stevie.
Het lijkt op zo'n avond dat Michael Jackson het enige getalenteerde kindsterretje was, die er ooit is geweest. Dat is alvast niet waar.
Stevie Wonder was 12 toen zijn eerste single, I call it pretty music (but old people call it the blues) in 1962 werd uitgebracht. Een jaar later scoorde hij zijn eerste nummer 1 in de VS met Fingertips pt 1. Zijn LP The 12 year old genius werd ook nummer 1, in de LP-lijsten.
Vanaf die tijd, was Stevie Wonder niet meer weg te denken, vooral niet in de VS. Eigenlijk tot nu aan toe.
De blinde zanger had een niet te blussen talent. In het begin maakte hij van dat echte jaren '60 werk. Uptight, A place in the sun, I was made to love her of een cover van Bob Dylan, Blowin' in the wind.
De verkoopcijfers in de VS waren gigantisch. Een single deed er nog toe en Stevie had een enorme airplay. Door zijn handicap, besteedde hij nagenoeg al zijn tijd aan muziek, het onder de knie krijgen van het bespelen van instrumenten, het schrijven van songs.
En hij verbeterde zich, jaar na jaar. Hij hield zich gelukkig niet bezig met neusverkleiningen, het bleken van zijn huid of pretparken naast zijn huis. Ik wilde eigenlijk schrijven dat hij zijn privé leven goed wist te scheiden van zijn rol als pop-artiest.
Ik realiseer me nu, dat ik maar heel weinig daarvan weet. Had hij wel een privé leven of was alles muziek? Ik heb tenminste nooit gehoord dat zijn vader hem als een ware slavendrijver met zweep en al naar de studio heeft gejaagd.
Stevie ontwikkelde zich en de jaren '70 waren voor hem. Hij zette zijn talent om in muziek en heeft toen een rits aan cd's uitgebracht............. die eigenlijk hun gelijke niet kennen. Where I am coming from, Music of my mind, Talking book, Innervisions, Fulfillingness first finale, Songs in the key of life.
Stevie Wonder was een eenzaam man, als je hem muzikaal moet beoordelen. Hij schreef alles zelf, speelde alle muziekinstrumenten, produceerde en dat alles ondanks zijn handicap. Maar het was allemaal van een ongekende schoonheid.
Ook zijn concerten waren een sensatie om bij te wonen.
Video-clips waren eigenlijk niet van zijn tijd. Hij spéélde muziek, hij had geen tijd voor danspasjes of interactie met het publiek.
Michael schreef maar een deel van zijn nummers. Speelde geen instrument, produceerde niet, daarvoor had hij Quincy Jones. Hij had zijn super beweeglijke act, zijn gewaagde dansen inclusief grepen in zijn kruis. Van A tot Z geregisseerde concert-reeksen, waarbij iedereen in en tot zijn dienst stond.
Hij sprak oneindig tot de verbeelding, dat wel.
Maar als ik even mag nuanceren. Hij was zeker niet beter dan Stevie Wonder. Off the wall en Thriller komen in muzikaal opzicht in de buurt van het jaren '70 werk van Wonder, de rest zeker niet. Over smaak valt niet te twisten, maar in alle objectiviteit is deze conclusie toch wel te trekken.
Niet Michael Jackson, maar Stevie Wonder slaagde er voorgoed in grote groepen blanke luisteraars te trekken, te interesseren voor de soul en verder.
Hoe zullen ze Stevie Wonder gaan noemen na zijn dood? Bestaan er nog cumulatieven, na alles wat er is gezegd over Michael Jackson?
Trouwens, er komen wel meer mensen in aanmerking voor de titel 'beste entertainer aller tijden'. Het is ook een eerbetoon, daar volstaat misschien een eenzijdig uitgeroepen titel.
Maar we moeten niet gaan overdrijven.
Op zo'n avond als op The Memorials bij Michael Jackson, worden er altijd dingen geroepen, talenten en eigenschappen toegedicht, waarbij ik dan altijd denk: nou nou, kan het even wat minder? Of: mag er iets zorgvuldiger met de waarheid worden omgegaan Of: mogen ook anderen enige credits worden gegeven?
Toegegeven, het was Michaels begrafenis. En Amerikanen kunnen dingen altijd zo hard roepen, vanaf de preekstoel en al, dat je gaat denken dat het nog waar is ook. Enige nuance ontbreekt volledig.
Gisteravond was hij er ook. Stevie Wonder. Hij speelde zelfs een nummer; niet het beste dat ik ooit van hem had gehoord, ook niet in uitvoering. Maar goed, dat is niet het punt.
Ik wilde het even hebben over talent en muziek.
Stevie.
Het lijkt op zo'n avond dat Michael Jackson het enige getalenteerde kindsterretje was, die er ooit is geweest. Dat is alvast niet waar.
Stevie Wonder was 12 toen zijn eerste single, I call it pretty music (but old people call it the blues) in 1962 werd uitgebracht. Een jaar later scoorde hij zijn eerste nummer 1 in de VS met Fingertips pt 1. Zijn LP The 12 year old genius werd ook nummer 1, in de LP-lijsten.
Vanaf die tijd, was Stevie Wonder niet meer weg te denken, vooral niet in de VS. Eigenlijk tot nu aan toe.
De blinde zanger had een niet te blussen talent. In het begin maakte hij van dat echte jaren '60 werk. Uptight, A place in the sun, I was made to love her of een cover van Bob Dylan, Blowin' in the wind.
De verkoopcijfers in de VS waren gigantisch. Een single deed er nog toe en Stevie had een enorme airplay. Door zijn handicap, besteedde hij nagenoeg al zijn tijd aan muziek, het onder de knie krijgen van het bespelen van instrumenten, het schrijven van songs.
En hij verbeterde zich, jaar na jaar. Hij hield zich gelukkig niet bezig met neusverkleiningen, het bleken van zijn huid of pretparken naast zijn huis. Ik wilde eigenlijk schrijven dat hij zijn privé leven goed wist te scheiden van zijn rol als pop-artiest.
Ik realiseer me nu, dat ik maar heel weinig daarvan weet. Had hij wel een privé leven of was alles muziek? Ik heb tenminste nooit gehoord dat zijn vader hem als een ware slavendrijver met zweep en al naar de studio heeft gejaagd.
Stevie ontwikkelde zich en de jaren '70 waren voor hem. Hij zette zijn talent om in muziek en heeft toen een rits aan cd's uitgebracht............. die eigenlijk hun gelijke niet kennen. Where I am coming from, Music of my mind, Talking book, Innervisions, Fulfillingness first finale, Songs in the key of life.
Stevie Wonder was een eenzaam man, als je hem muzikaal moet beoordelen. Hij schreef alles zelf, speelde alle muziekinstrumenten, produceerde en dat alles ondanks zijn handicap. Maar het was allemaal van een ongekende schoonheid.
Ook zijn concerten waren een sensatie om bij te wonen.
Video-clips waren eigenlijk niet van zijn tijd. Hij spéélde muziek, hij had geen tijd voor danspasjes of interactie met het publiek.
Michael schreef maar een deel van zijn nummers. Speelde geen instrument, produceerde niet, daarvoor had hij Quincy Jones. Hij had zijn super beweeglijke act, zijn gewaagde dansen inclusief grepen in zijn kruis. Van A tot Z geregisseerde concert-reeksen, waarbij iedereen in en tot zijn dienst stond.
Hij sprak oneindig tot de verbeelding, dat wel.
Maar als ik even mag nuanceren. Hij was zeker niet beter dan Stevie Wonder. Off the wall en Thriller komen in muzikaal opzicht in de buurt van het jaren '70 werk van Wonder, de rest zeker niet. Over smaak valt niet te twisten, maar in alle objectiviteit is deze conclusie toch wel te trekken.
Niet Michael Jackson, maar Stevie Wonder slaagde er voorgoed in grote groepen blanke luisteraars te trekken, te interesseren voor de soul en verder.
Hoe zullen ze Stevie Wonder gaan noemen na zijn dood? Bestaan er nog cumulatieven, na alles wat er is gezegd over Michael Jackson?
Trouwens, er komen wel meer mensen in aanmerking voor de titel 'beste entertainer aller tijden'. Het is ook een eerbetoon, daar volstaat misschien een eenzijdig uitgeroepen titel.
Maar we moeten niet gaan overdrijven.
0
geplaatst: 9 augustus 2009, 22:32 uur
14 juni
Ooit kocht ik kaartjes voor een Pink floyd concert in De Kuip. Het was 1988, eigenlijk redelijk recent na het uitbrengen van A Momentary lapse of reason.
14 juni 1988. Ik zag het staan op de originele kaartjes, die ik thuis in een speciaal trommeltje bewaar en waar ik af en toe nog wel eens aan wil ruiken.
Ik moest voor iets anders in het trommeltje zijn, maar mijn ogen bleven rusten op de kaarten, er klopte iets niet. Ze waren te lang en helemaal niet afgescheurd...
Een sombere herinnering kwam bij mij boven. O ja. Weken had ik mij op het concert, dat voor het eerst Roger Waters-loos was, zitten te verheugen toen nog een wereldband naar Nederland kwam: Fleetwood mac.
In Ahoy en ................. op 14 juni 1988. Ik trok me destijds de haren uit het hoofd van ellende, waar moest ik naar toe? Ik kon geen beslissing nemen en besloot sowieso de kaarten voor Fleetwood mac te kopen. Dan kon ik later besluiten.
Die band was toen net zonder Lindsey Buckingham maar had een groot succes met Tango in the night.
Daar zat ik, met 4 kaarten op 14 juni.
Pink floyd 40 gulden per kaartje, Fleetwood mac 45....
De dag naderde. Mijn vriendin liet weten dat het háár niet kon schelen. Wat zou een beslissing kunnen forceren? Volgens mij had ik beide bands voor het laatst in 1980 gezien. Bij The Wall respectievelijk de Tusk tour.
Ik had er slapeloze nachten van. De gitaar van Gilmour, de wapperende rokken van Stevie Nicks?
Onder de blauwe kaarten van Pink floyd vind ik in het trommeltje de gele, kartonachtige kaarten van Fleetwood mac. Afgescheurd en al. Ja, gekozen voor deze band. Uiteindelijk. Maar pas op 13 juni.
Toen dacht ik, dat de overlevingskansen van Pink floyd groter waren dan van Fleetwood mac. Dat ik voor het laatst de man in spijkerbroek, wit overhemd en giletje zou kunnen aanschouwen.
Het verhaal ging, dat hij tijdens de concerten aan het zuurstof moest. Zijn suikerziekte zou betekenen dat hij niet oud zou worden.
Mick Fleetwood (67) staat op 15 oktober 2009 met zijn band gewoon weer in Ahoy. Inclusief Lindsey Buckingham en Stevie Nicks.
Mijn kaarten van Pink floyd heb ik uit piëiteit voor de band nooit overgedragen.
Ooit kocht ik kaartjes voor een Pink floyd concert in De Kuip. Het was 1988, eigenlijk redelijk recent na het uitbrengen van A Momentary lapse of reason.
14 juni 1988. Ik zag het staan op de originele kaartjes, die ik thuis in een speciaal trommeltje bewaar en waar ik af en toe nog wel eens aan wil ruiken.
Ik moest voor iets anders in het trommeltje zijn, maar mijn ogen bleven rusten op de kaarten, er klopte iets niet. Ze waren te lang en helemaal niet afgescheurd...
Een sombere herinnering kwam bij mij boven. O ja. Weken had ik mij op het concert, dat voor het eerst Roger Waters-loos was, zitten te verheugen toen nog een wereldband naar Nederland kwam: Fleetwood mac.
In Ahoy en ................. op 14 juni 1988. Ik trok me destijds de haren uit het hoofd van ellende, waar moest ik naar toe? Ik kon geen beslissing nemen en besloot sowieso de kaarten voor Fleetwood mac te kopen. Dan kon ik later besluiten.
Die band was toen net zonder Lindsey Buckingham maar had een groot succes met Tango in the night.
Daar zat ik, met 4 kaarten op 14 juni.
Pink floyd 40 gulden per kaartje, Fleetwood mac 45....
De dag naderde. Mijn vriendin liet weten dat het háár niet kon schelen. Wat zou een beslissing kunnen forceren? Volgens mij had ik beide bands voor het laatst in 1980 gezien. Bij The Wall respectievelijk de Tusk tour.
Ik had er slapeloze nachten van. De gitaar van Gilmour, de wapperende rokken van Stevie Nicks?
Onder de blauwe kaarten van Pink floyd vind ik in het trommeltje de gele, kartonachtige kaarten van Fleetwood mac. Afgescheurd en al. Ja, gekozen voor deze band. Uiteindelijk. Maar pas op 13 juni.
Toen dacht ik, dat de overlevingskansen van Pink floyd groter waren dan van Fleetwood mac. Dat ik voor het laatst de man in spijkerbroek, wit overhemd en giletje zou kunnen aanschouwen.
Het verhaal ging, dat hij tijdens de concerten aan het zuurstof moest. Zijn suikerziekte zou betekenen dat hij niet oud zou worden.
Mick Fleetwood (67) staat op 15 oktober 2009 met zijn band gewoon weer in Ahoy. Inclusief Lindsey Buckingham en Stevie Nicks.
Mijn kaarten van Pink floyd heb ik uit piëiteit voor de band nooit overgedragen.
0
geplaatst: 6 september 2009, 09:32 uur
POP TELESCOOP
Kayak prijkt op de voorpagina van mijn ditmaal geel gekleurde Pop telescoop van 15 september 1973.
Pop telescoop?
Ja, die haalde je wekelijks bij de platenzaak (1972-1974) om door de platen-industrie te worden bijgepraat over hits en aanverwante feitjes.
Je kon kiezen voor alléén het blaadje van de Veronica top 40, maar fanatici als ik wilden Pop-telescoop. Daar stonden, naast de top 40, ook de daverende 30 in (hilversum III) en de top 50 van Radio Noordzee.
Dat lijkt dan heel compleet, maar naast hun hitlijsten, stonden uiteraard ook hun tiplijsten gedrukt (tipparade, hilversum III tip 20, de Troef 20)
En je werd bijgepraat over alle hitsuccessen in andere landen, de top 20 van Radio Luxemburg, de BRT top 30, de Radio Atlantis top 40.
In deze lijst vind ik het niet terug, maar Pop-telescoop drukte (later) ook de Billboard hot 100, de Engelse top 30 en de Duitse computerhitparade.
Om alles te completeren, stonden er ook nog andere boeiende top 10's in, de Vlaamse, Eight-track, Musicasette, LP, Amsterdamse en Nederlandse(= nederlandstalige).
De Nederlandse hitlijsten waren het eens, de nieuwe nummer 1 voor die week werd Radar love van The Golden earring. In België stond Hurt van Bobby Vinton op 1, die positie heeft hij in Nederland niet weten te bereiken. Radio Luxemburg heeft One is one van Nick MacKenzie op 1.
De hitlijsten werden op 15 september 1973 bevolkt door o.a. Rolling stones (Angie), Uriah heep (Easy livin') Creedence clearwater revival (I heard it through the grapevine) en wat lager de entree van David Bowie (Let's spend the night together)
Van alles wat ik in de loop van de tijd heb vergaard (en weggegooid) heb ik mijn Pop-telescopen altijd trouw meegezeuld. Soms kijk je er jaren niet meer naar, soms sla je (inmiddels voorzichtig) zo'n gedrukt exemplaar weer eens open.
Reclame naast de top 40 voor nieuwe singles van Paul Simon (Loves me like a rock), Albert Hammond (The Peacemaker) en Andy Pratt (titel niet te lezen op de hoes).
Wij denken nu alles te weten en terug te kunnen vinden op internet. Maar als ik nu vraag, welke singles er deze week allemaal zijn uitgebracht, heeft iemand dan voor mij een overzicht?
In de 'Releases' bij Pop-telescoop konden alle platenmaatschappijen alle LP's en singles die die week waren uitgebracht mooi op een rijtje zetten. Een geheel compleet overzicht. Ze moesten daarvoor betalen, maar wat geeft dat?
Kayak, op de voorpagina, kon worden geboekt via Frits Hirschland, Postbus 5103, Scheveningen (postcodes hadden we nog niet) tel. 070-559046 of 832562.
Er vielen meer artiesten te boeken. Mouth and Macneal, Cardinal point en John Russel bij Han Meijer uit Beemster. Nick MacKenzie bij Joop Koekkoek.
In de Popagenda alle concerten, van hoofdzakelijk Nederlandse bands. Kayak op 21 september in het NV huis in Utrecht. The Cats op 22 september in de Groene Poorte in Brugge. The Tramps op 30 september in Het Gildehuis in Beugen. Freddie Breck en Cindy und Bert op 23 september in het Boudewijnpark in Brugge.
Verder nieuwtjes (van hun pluggers) over David Cassidy, Peter Henn en de Moody blues.
De Avro meldt: "Enige weken voor zijn dood verscheen in de etalages van de boekwinkels Willem Vogts laatste boek dat hijzelf de titel "een leven met radio" meegaf. Daarin haalt de omroeppionier en stichter van de Avro talrijke herinneringen op uit de bewogen geschiedenis van de omroep in het algemeen en de Avro in het bijzonder" (f 9,95).
De Stichting Nederlandse top 40 heeft recent weer een nieuw overzicht gegeven van alle singles in de top 40 tussen 1965 - 2009 in boekvorm, inclusief cd-rom, met de top 40's en andere interessante lijsten.
De oude lijsten van de Daverende 30/Nationale hitparade zijn terug te vinden via www.dutchcharts.nl.
Minder charme dan een Pop-telescoop, wel aardige informatieve vervangers.
Kayak prijkt op de voorpagina van mijn ditmaal geel gekleurde Pop telescoop van 15 september 1973.
Pop telescoop?
Ja, die haalde je wekelijks bij de platenzaak (1972-1974) om door de platen-industrie te worden bijgepraat over hits en aanverwante feitjes.
Je kon kiezen voor alléén het blaadje van de Veronica top 40, maar fanatici als ik wilden Pop-telescoop. Daar stonden, naast de top 40, ook de daverende 30 in (hilversum III) en de top 50 van Radio Noordzee.
Dat lijkt dan heel compleet, maar naast hun hitlijsten, stonden uiteraard ook hun tiplijsten gedrukt (tipparade, hilversum III tip 20, de Troef 20)
En je werd bijgepraat over alle hitsuccessen in andere landen, de top 20 van Radio Luxemburg, de BRT top 30, de Radio Atlantis top 40.
In deze lijst vind ik het niet terug, maar Pop-telescoop drukte (later) ook de Billboard hot 100, de Engelse top 30 en de Duitse computerhitparade.
Om alles te completeren, stonden er ook nog andere boeiende top 10's in, de Vlaamse, Eight-track, Musicasette, LP, Amsterdamse en Nederlandse(= nederlandstalige).
De Nederlandse hitlijsten waren het eens, de nieuwe nummer 1 voor die week werd Radar love van The Golden earring. In België stond Hurt van Bobby Vinton op 1, die positie heeft hij in Nederland niet weten te bereiken. Radio Luxemburg heeft One is one van Nick MacKenzie op 1.
De hitlijsten werden op 15 september 1973 bevolkt door o.a. Rolling stones (Angie), Uriah heep (Easy livin') Creedence clearwater revival (I heard it through the grapevine) en wat lager de entree van David Bowie (Let's spend the night together)
Van alles wat ik in de loop van de tijd heb vergaard (en weggegooid) heb ik mijn Pop-telescopen altijd trouw meegezeuld. Soms kijk je er jaren niet meer naar, soms sla je (inmiddels voorzichtig) zo'n gedrukt exemplaar weer eens open.
Reclame naast de top 40 voor nieuwe singles van Paul Simon (Loves me like a rock), Albert Hammond (The Peacemaker) en Andy Pratt (titel niet te lezen op de hoes).
Wij denken nu alles te weten en terug te kunnen vinden op internet. Maar als ik nu vraag, welke singles er deze week allemaal zijn uitgebracht, heeft iemand dan voor mij een overzicht?
In de 'Releases' bij Pop-telescoop konden alle platenmaatschappijen alle LP's en singles die die week waren uitgebracht mooi op een rijtje zetten. Een geheel compleet overzicht. Ze moesten daarvoor betalen, maar wat geeft dat?
Kayak, op de voorpagina, kon worden geboekt via Frits Hirschland, Postbus 5103, Scheveningen (postcodes hadden we nog niet) tel. 070-559046 of 832562.
Er vielen meer artiesten te boeken. Mouth and Macneal, Cardinal point en John Russel bij Han Meijer uit Beemster. Nick MacKenzie bij Joop Koekkoek.
In de Popagenda alle concerten, van hoofdzakelijk Nederlandse bands. Kayak op 21 september in het NV huis in Utrecht. The Cats op 22 september in de Groene Poorte in Brugge. The Tramps op 30 september in Het Gildehuis in Beugen. Freddie Breck en Cindy und Bert op 23 september in het Boudewijnpark in Brugge.
Verder nieuwtjes (van hun pluggers) over David Cassidy, Peter Henn en de Moody blues.
De Avro meldt: "Enige weken voor zijn dood verscheen in de etalages van de boekwinkels Willem Vogts laatste boek dat hijzelf de titel "een leven met radio" meegaf. Daarin haalt de omroeppionier en stichter van de Avro talrijke herinneringen op uit de bewogen geschiedenis van de omroep in het algemeen en de Avro in het bijzonder" (f 9,95).
De Stichting Nederlandse top 40 heeft recent weer een nieuw overzicht gegeven van alle singles in de top 40 tussen 1965 - 2009 in boekvorm, inclusief cd-rom, met de top 40's en andere interessante lijsten.
De oude lijsten van de Daverende 30/Nationale hitparade zijn terug te vinden via www.dutchcharts.nl.
Minder charme dan een Pop-telescoop, wel aardige informatieve vervangers.
0
geplaatst: 14 september 2009, 23:54 uur
Muziek als Illusie
Muziek is een van de illusies van het leven. Het is tegelijkertijd een van mijn persoonlijke favoriete illusies. Als je naar muziek luistert neem je de melodie, de afzonderlijke instrumenten, de vocalen, de teksten en het geheel in je op. Het brengt je op plaatsen. Het doet je denken aan het verleden of de toekomst. Het doet je denken aan vrienden of vijanden.
Toch ben ik nooit helemaal tevreden met muziek. Als ik naar muziek luister ontdek ik op een gegeven moment een muur. Deze muur is doorzichtig, oneindig hoog en ondoordringbaar. Het is hier waar je niet dichter bij muziek kunt komen. Soms zou ik nog dichter bij de muziek willen zijn. Soms zou ik zelf de muziek willen zijn. Maar het kan niet. Als ik luister naar mijn favoriete platen dan bemerk ik bij mezelf soms een ontevredenheid. Een soort jaloezie omdat die muziek iets is. Die muziek staat voor bepaalde concepten waar sommige mensen zich in kunnen vinden en andere mensen niet. Daardoor wordt deze muziek in je gedachten een levende entiteit. Albums komen tot leven met hun naam, eigenschappen, kleuren, alsof ze ergens echt bestaan. Je favoriete albums leven in je hoofd als je vrienden. Als mensen waar je jezelf naar keert als je een probleem hebt. Wanneer je verliefd bent zet je mooie akoestische indiepop liedjes op om je te laten adviseren, om je hoop te geven, of gewoon om je te laten dagdromen.
Het enige probleem zit hier: Het is niet volledig. Je krijgt voor een deel de ervaring van een goed advies, maar toch ligt er een gat, een onbereikbaarheid in de muziek. Muziek speelt zich af in een universum waar wij maar deels toegang tot hebben. Het is een universum waar alles een begin en een einde heeft. Problemen ontstaan en opgelost worden binnen een bepaald tijdsbestek. Je leeft mee, maar je weet al waar je naartoe gaat. Dit is wat muziek een illusie maakt.
Het is om deze reden dat muziek gelijk staat aan gedachten. Stel je een willekeurige mooie periode voor uit je leven. Een geweldige vakantie bijvoorbeeld. Iedere keer als je hier aan terugdenkt, kom je ergens anders in je gedachten. Je kunt als het ware al de gebeurtenissen herbeleven. Je kunt door de straten lopen waar je liep. De gesprekken voeren die je voerde en de dingen zien die je zag. Het probleem is: Je kunt niet verder dan dit. Probeer eens een zijstraat in te gaan in je gedachten. Het lukt misschien uiteindelijk wel. Maar na een tijdje kom je erachter dat deze straat een willekeurig samenraapsel is van elementen die je hebt opgeslagen in je geheugen en accepteert als gemiddeld. Er is een ondoordringbare muur waar je niet voorbij kunt in je gedachten. Je kunt naar je gedachten keren voor advies. Maar het is niet mogelijk een nieuw element te creëren. Alles wat er is, dat heb je er zelf ingestopt. Zo werkt het ook met muziek. Het leeft in je als een persoon, of een plaats, maar het is niet echt. Het geeft je hoop, maar het heeft geen enkele autoriteit om die hoop te geven.
Daar waar de onzichtbare muur zich bevindt, vind ik mijn frustratie. Het liefst zou ik willen dat ik muziek kon beetpakken. Dat ik met muziek kon afspreken zoals ik kan afspreken met vrienden. Sommige stukken muziek lijken me heel aardige lui. Maar uiteindelijk is het bedrog. Toch kan ik leven met deze illusie. Ik hou van muziek. Zoals ik van iedere illusie houd. Van verhalen uit boeken of films, of strips. Van anekdotes die mensen mij vertellen. Van computerspellen die ik speel. Al deze illusies zijn prachtig. Ze brengen me nergens maar ze geven me het idee dat ze me ergens brengen waar ik anders nooit zou komen. En aangezien ik toch niets beters te doen heb, kan ik altijd nog beter af en toe in een illusie stappen.
Muziek is wel de eerlijkste der illusies. Waarom? Omdat het je niet openlijk ergens heen stuurt. Muziek brengt je op plaatsen zonder naam, waarvan je in ieder geval kunt vaststellen dat het een niet bestaande plaats is. Het geeft je ideeën, maar altijd indirect. Het is niet de muziek die je op een idee brengt, maar meer de associatie die de muziek in jou naar boven brengt die vastgesteld werd op een gevoelig moment waarop je naar deze muziek luisterde.
Het is om deze reden dat ik muziek altijd nog eerlijker vind dan de film of het boek. Om maar niet te spreken van de videogame. Zij brengen je diep in duidelijk weergegeven werelden, met plaatsen met namen, met personages met namen, die werkelijk iets zeggen. Ze brengen je zo angstwekkend dichtbij dat je opgezogen wordt. En dan is het verhaal afgelopen. Dan wil je de weten wat er de volgende ochtend zal gebeuren met je favoriete protagonist. En je zult het nooit weten. In je gedachte ben je overtuigd dat na de slotscène van een film, of van een boek, het leven verder gaat. Dat de hoofdpersoon weer wakker wordt en zijn dagelijks levens hervat na zijn opgeloste probleem. Het sneue is, dat gebeurt niet. Zodra je de laatste zinnen van een boek hebt gelezen is er niets meer. Je staat met je gezicht tegen de doorzichtige muur aan en aan de andere kant vervaagd alles. Je blijft achter met vragen en ideeën die je niet kunt delen met je verloren vriend. Heb je weleens rondgelopen in die desolate staat van verwarring na het lezen van een geweldig boek? Dat idee dat je hoe dan ook met iemand moet praten over het verhaal? Dat is de eenzaamheid en verwarring die toeslaat in je gedachten omdat je te dicht ben toegegroeid naar een niet bestaande entiteit die toch zo levend leek te zijn in je gedachten. je kunt op dat moment nog niet accepteren dat het niet echt was en gaat dus op zoek naar nieuwe informatie.
Muziek houdt zichzelf wat dat betreft iets meer op een afstandje. Het is vaak ook geen echte persoon. Welke persoon heet nu Loveless? Of TNT? Of Yanqui UXO? Het zijn meer een soort mutanten van kleuren, vormen en enkele menselijke kenmerken die soms in staat zijn te spreken. Ze zuigen je deels wel op, maar laten genoeg kruipruimte voor je over om een bepaald probleem op je eigen manier op te lossen. Het is daarom dat muziek mijn favoriete illusie is. Ondanks de beperkingen geniet ik iedere dag van muziek. Soms doe ik niets liever dan al mijn sensaties uitschakelen en me slechts concentreren op de melodieën. Het zuigt me op. En dan kom ik weer in die wereld. Waar mijn problemen vlak voor me langs
lopen, waar ik enkele losse eindjes aan elkaar vast weet te knopen om vervolgens weer snel weg te gaan. Ik weet hoe het is om met tranen in je ogen op het bed te liggen omdat je te diep bent doorgedrongen. Omdat je die ondoordringbare muur probeerde te doorbreken en werkelijk hand in hand wilde lopen met je vrienden.
Muziek is een van de illusies van het leven. Het is tegelijkertijd een van mijn persoonlijke favoriete illusies. Als je naar muziek luistert neem je de melodie, de afzonderlijke instrumenten, de vocalen, de teksten en het geheel in je op. Het brengt je op plaatsen. Het doet je denken aan het verleden of de toekomst. Het doet je denken aan vrienden of vijanden.
Toch ben ik nooit helemaal tevreden met muziek. Als ik naar muziek luister ontdek ik op een gegeven moment een muur. Deze muur is doorzichtig, oneindig hoog en ondoordringbaar. Het is hier waar je niet dichter bij muziek kunt komen. Soms zou ik nog dichter bij de muziek willen zijn. Soms zou ik zelf de muziek willen zijn. Maar het kan niet. Als ik luister naar mijn favoriete platen dan bemerk ik bij mezelf soms een ontevredenheid. Een soort jaloezie omdat die muziek iets is. Die muziek staat voor bepaalde concepten waar sommige mensen zich in kunnen vinden en andere mensen niet. Daardoor wordt deze muziek in je gedachten een levende entiteit. Albums komen tot leven met hun naam, eigenschappen, kleuren, alsof ze ergens echt bestaan. Je favoriete albums leven in je hoofd als je vrienden. Als mensen waar je jezelf naar keert als je een probleem hebt. Wanneer je verliefd bent zet je mooie akoestische indiepop liedjes op om je te laten adviseren, om je hoop te geven, of gewoon om je te laten dagdromen.
Het enige probleem zit hier: Het is niet volledig. Je krijgt voor een deel de ervaring van een goed advies, maar toch ligt er een gat, een onbereikbaarheid in de muziek. Muziek speelt zich af in een universum waar wij maar deels toegang tot hebben. Het is een universum waar alles een begin en een einde heeft. Problemen ontstaan en opgelost worden binnen een bepaald tijdsbestek. Je leeft mee, maar je weet al waar je naartoe gaat. Dit is wat muziek een illusie maakt.
Het is om deze reden dat muziek gelijk staat aan gedachten. Stel je een willekeurige mooie periode voor uit je leven. Een geweldige vakantie bijvoorbeeld. Iedere keer als je hier aan terugdenkt, kom je ergens anders in je gedachten. Je kunt als het ware al de gebeurtenissen herbeleven. Je kunt door de straten lopen waar je liep. De gesprekken voeren die je voerde en de dingen zien die je zag. Het probleem is: Je kunt niet verder dan dit. Probeer eens een zijstraat in te gaan in je gedachten. Het lukt misschien uiteindelijk wel. Maar na een tijdje kom je erachter dat deze straat een willekeurig samenraapsel is van elementen die je hebt opgeslagen in je geheugen en accepteert als gemiddeld. Er is een ondoordringbare muur waar je niet voorbij kunt in je gedachten. Je kunt naar je gedachten keren voor advies. Maar het is niet mogelijk een nieuw element te creëren. Alles wat er is, dat heb je er zelf ingestopt. Zo werkt het ook met muziek. Het leeft in je als een persoon, of een plaats, maar het is niet echt. Het geeft je hoop, maar het heeft geen enkele autoriteit om die hoop te geven.
Daar waar de onzichtbare muur zich bevindt, vind ik mijn frustratie. Het liefst zou ik willen dat ik muziek kon beetpakken. Dat ik met muziek kon afspreken zoals ik kan afspreken met vrienden. Sommige stukken muziek lijken me heel aardige lui. Maar uiteindelijk is het bedrog. Toch kan ik leven met deze illusie. Ik hou van muziek. Zoals ik van iedere illusie houd. Van verhalen uit boeken of films, of strips. Van anekdotes die mensen mij vertellen. Van computerspellen die ik speel. Al deze illusies zijn prachtig. Ze brengen me nergens maar ze geven me het idee dat ze me ergens brengen waar ik anders nooit zou komen. En aangezien ik toch niets beters te doen heb, kan ik altijd nog beter af en toe in een illusie stappen.
Muziek is wel de eerlijkste der illusies. Waarom? Omdat het je niet openlijk ergens heen stuurt. Muziek brengt je op plaatsen zonder naam, waarvan je in ieder geval kunt vaststellen dat het een niet bestaande plaats is. Het geeft je ideeën, maar altijd indirect. Het is niet de muziek die je op een idee brengt, maar meer de associatie die de muziek in jou naar boven brengt die vastgesteld werd op een gevoelig moment waarop je naar deze muziek luisterde.
Het is om deze reden dat ik muziek altijd nog eerlijker vind dan de film of het boek. Om maar niet te spreken van de videogame. Zij brengen je diep in duidelijk weergegeven werelden, met plaatsen met namen, met personages met namen, die werkelijk iets zeggen. Ze brengen je zo angstwekkend dichtbij dat je opgezogen wordt. En dan is het verhaal afgelopen. Dan wil je de weten wat er de volgende ochtend zal gebeuren met je favoriete protagonist. En je zult het nooit weten. In je gedachte ben je overtuigd dat na de slotscène van een film, of van een boek, het leven verder gaat. Dat de hoofdpersoon weer wakker wordt en zijn dagelijks levens hervat na zijn opgeloste probleem. Het sneue is, dat gebeurt niet. Zodra je de laatste zinnen van een boek hebt gelezen is er niets meer. Je staat met je gezicht tegen de doorzichtige muur aan en aan de andere kant vervaagd alles. Je blijft achter met vragen en ideeën die je niet kunt delen met je verloren vriend. Heb je weleens rondgelopen in die desolate staat van verwarring na het lezen van een geweldig boek? Dat idee dat je hoe dan ook met iemand moet praten over het verhaal? Dat is de eenzaamheid en verwarring die toeslaat in je gedachten omdat je te dicht ben toegegroeid naar een niet bestaande entiteit die toch zo levend leek te zijn in je gedachten. je kunt op dat moment nog niet accepteren dat het niet echt was en gaat dus op zoek naar nieuwe informatie.
Muziek houdt zichzelf wat dat betreft iets meer op een afstandje. Het is vaak ook geen echte persoon. Welke persoon heet nu Loveless? Of TNT? Of Yanqui UXO? Het zijn meer een soort mutanten van kleuren, vormen en enkele menselijke kenmerken die soms in staat zijn te spreken. Ze zuigen je deels wel op, maar laten genoeg kruipruimte voor je over om een bepaald probleem op je eigen manier op te lossen. Het is daarom dat muziek mijn favoriete illusie is. Ondanks de beperkingen geniet ik iedere dag van muziek. Soms doe ik niets liever dan al mijn sensaties uitschakelen en me slechts concentreren op de melodieën. Het zuigt me op. En dan kom ik weer in die wereld. Waar mijn problemen vlak voor me langs
lopen, waar ik enkele losse eindjes aan elkaar vast weet te knopen om vervolgens weer snel weg te gaan. Ik weet hoe het is om met tranen in je ogen op het bed te liggen omdat je te diep bent doorgedrongen. Omdat je die ondoordringbare muur probeerde te doorbreken en werkelijk hand in hand wilde lopen met je vrienden.
* denotes required fields.
