Op een digitaal medium werkt zoiets toch net even anders, maar bij de vinylrelease bestond dit album uit een "Rocking side" en een "Dreamy side". Die eerste plaatkant bevalt eigenlijk het beste, met de superbe opener (inclusief een heerlijk vol akoestisch gitaargeluid met stiekeme piano eronder) en het ruige Moon tears waarvan het couplet gekenmerkt wordt door een hakke-takke-drumpartij die tijdens het refrein opeens uitwaaiert in briljant bekkenwerk met daaronder ook weer zo'n slimme piano, en culminerend in het hektische End unkind waarop Lofgren en drummer Bob Berberich flink tegen elkaar in mogen schreeuwen.
Kant 2 begint eveneens veelbelovend in de vorm van Sometimes, een onwaarschijnlijk romantisch nummer ("Don't let girls get you down, they're just beautiful") en mijn persoonlijke favoriet in het gehele Grin-repertoire van de eerste drie albums. Helaas loopt het daaropvolgende Lost a number vast in een flauwe en te vaak herhaalde melodie en een drakerige tekst, en voor de begeleiding van Just a poem kan ik geen treffender omschrijving vinden dan de Disney-strijkers van Stijn hierboven. Gelukkig komt daartussendoor nog het vriendelijke Hi hello home met een tweede stem van Graham Nash, en het slotnummer Soft fun is weer een verhaal apart, een soort liefdessuite die zich te buiten gaat aan een kinderstem, een klavecimbel, een harp, ELO-strijkers en (drie jaar eerder!) de hamerpiano van het einde van Thunder Road, maar die er dankzij de prachtige melodie en Lofgrens pijnlijk-gepassioneerde zang toch in slaagt om dit album op een hoge noot te laten eindigen. (Op de verzamelelpee waarmee ik Grin leerde kennen was dit het eerste nummer dat je te horen kreeg, één van de meest bizarre openingszetten die ik ken.)
Samengevat een half lekkere en half lieve plaat die helaas compositorisch niet altijd even goed uitpakt. Het geluid is prachtig (zeker met de koptelefoon beluisterd wanneer al die "verborgen" instrumenten opeens aan de oppervlakte komen), de zang is altijd warm en intiem en de bedoelingen zijn goed en integer, maar doordat de plaat een paar maal inkakt ontstijgt het geheel helaas nergens de som der delen. De hoogtepunten (White lies, Moon tears, Sometimes, Soft fun) zijn echter ijzersterk en blijven ontroeren, dus ik heb mijn waardering toch maar naar boven afgerond.