Van Nico heb ik altijd gedacht dat ze de factor was die John Cale en Lou Reed uit elkaar dreef.
Haar bijdrage bij Velvet Underground heb ik nooit als bijzonder beschouwd, en ik zag haar altijd als zwakke muzikale deelnemer gezien.
Lou Reed wist met Berlin de triestheid van het verval perfect te verwoorden, uiteraard gevoed door drugs.
Nico voegt hier het extra element wanhoop toe, waar het bij Lou Reed voornamelijk voor mij verdoving was.
Soms is het nodig om haar emoties meer kracht te geven door ze te performen in haar moederstaal, dan geeft ze Lou Reed nog een schop na.
Dan spreekt ze over haar eigen Berlin, en komt misschien zelfs wel sterker over.
Het duistere harmonium geluid wordt afgewisseld door het slaaplied achtige pianospel, om vervolgens weer genadeloos toe te slaan als in The Falconer.
Later zou haar stem steeds meer aftakelen, en zou ze niet meer zoals hier als een hogepriesteres klinken, maar als een oude teleurgestelde feeks.
Desertshore heeft nog een sprankje hoop, Le Petit Chevalier heeft het kinderlijke onschuld, een jonge stem die niet weet wat de wereld hem of haar zal brengen.
Het besef van goed en kwaad zit nog verstopt in de genen, maar is niet gerijpt tot ontplooiing.
Niet haar zwaarste werk, maar waarschijnlijk wel het meest waardige.