MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Todd Rundgren - Nearly Human (1989)

mijn stem
3,23 (26)
26 stemmen

Verenigde Staten
Rock
Label: Warner Bros.

  1. The Want of a Nail (5:17)

    met Bobby Womack

  2. The Waiting Game (4:18)
  3. Parallel Lines (4:25)
  4. Two Little Hitlers (3:59)
  5. Can't Stop Running (5:06)
  6. Unloved Children (4:06)
  7. Fidelity (4:41)
  8. Feel It (5:43)
  9. Hawking (7:02)
  10. I Love My Life (8:56)
totale tijdsduur: 53:33
zoeken in:
avatar van titan
3,0
titan (crew)
Todd had duidelijk zijn hoogtepunt in de jaren '70, maar ook op zijn latere albums stonden altijd wel een paar geweldige nummers zoals The want of a nail met Bobby Womack, ooit nog eens parkeerschijf bij de Vara.

avatar van Marty
3,5
Naar eigen zeggen gebaseerd op Terence Trent d'Arby's Introducing the hardline according to TTD. Veel soul, veel overproductie, en duidelijk een rijpe Todd Rundgren.

avatar
beaster1256
terug de weg op maar een ferm stuk minder dan zijn beste werk van de jaren 70, nee de grote comeback was het zeker niet

avatar
Fedde
Ook hier weer te veel van het goede. In dit geval teveel soul en achtergrondkoortjes. Op het randje van hysterie soms. Mooie, maar ook intens droevige nummers zijn: Parallel Lines, Can't Stop Running en Unloved Children. Hier valt weinig meer te lachen. Opnamekwaliteit is slecht voor de CD-kwaliteit die je in 1989 mag verwachten. Schelle middentonen, geen diepe bas, vlak en gecomprimeerd. Dat kan Rundgren toch wel beter.

avatar
Fedde
Fedde schreef:
Opnamekwaliteit is slecht voor de CD-kwaliteit die je in 1989 mag verwachten. Schelle middentonen, geen diepe bas, vlak en gecomprimeerd. Dat kan Rundgren toch wel beter.

Inmiddels heb ik de Edsel-remaster in huis (2011) en die klinkt toch wel een stukje beter. Een heel aardig album. Zoals gezegd: veel vette soul. zoals in The Waiting Game en Fidelity en vooral uitsmijter I Love My Life. Rundgren is hier ver verwijderd van zijn (prog)rockalbums uit de jaren '70. De overgave is er nog wel. Hij gaat nergens op de automatische piloot.

avatar van spinout
2,5
Live in de studio opgenomen, valt er geen spontaniteit te horen. Slechts zielloze blanke soul. Ik heb deze plaat ooit gehad, maar vrij snel weer weggegeven.

avatar
Stijn_Slayer
Het mag dan live in de studio zijn, toch klinkt dit bijzonder klinisch en overgeproduceerd. Todd bewees in de seventies, zelfs tussen zijn meest progressieve werk, toch ook een echte soulman te zijn. Dat komt hier nogal geforceerd over. Dit album markeert de neerwaartse vlucht die Todds carrière zou gaan nemen.

avatar van Wandelaar
4,0
"If our love could not withstand this jealousy, we'd remember the day we threw away our eternity"

Tweede album (na A Cappella,1985) van Todd Rundgren op het Warner label. Rundgren's fascinatie voor het live inspelen van een album wordt hier beproefd. Rundgren was inmiddels een nieuwe fase ingegaan. Zijn band Utopia had hij opgeheven en muzikaal liet hij zich hier verleiden tot een flinke scheut 'blue eyed soul'. Productioneel is dit album het omgekeerde van Hermit of Mink Hollow (1978) waarop hij ieder instrument spoor na spoor inspeelt en de zang laag voor laag overdubt. Een waar soloproject waarvoor hij de deur niet uit hoefde.

Totaal anders is de benadering hier. De tracks zijn live ingezongen en gespeeld zonder overdubs. En dat betekent ook hier volledige concentratie, maar zonder herkansing. In plaats van alles zelf te doen heeft Rundgren hier de beschikking over een duizelingwekkende rij artiesten in de studio. Om er maar een paar van de ruim 75 (!) medewerkenden te noemen: Brent Bourgeois, Clarence Clemons, Roger Powell, Prairie Prince, Kasim Sulton, Larry Tagg, Narada Michael Walden, Vince Welnick, John Wilcox en Bobby Womack.
In het koor zong een zekere Michele Gray, die later Rundgren's vrouw zou worden.

Maar bij al dit imposante moet allereerst gezegd worden dat het geluidstechnisch een matige beleving is. Wat zo vol en warm had kunnen klinken werd door een fout in de mix&mastering voor een belangrijk deel om zeep geholpen. En dat is een drama zoals we wel vaker hebben meegemaakt op Rundgren's albums.

Tekstueel staan er prachtige dingen op dit album. The Waiting Game, Parallel Lines en Fidelity zijn buitengewoon diep rakend van inhoud. Bijtend scherp is Unloved Children, heel aardig de Costello-cover Two Little Hitlers. Opener The Want of a Nail met Bobby Womack is best goed als binnenkomer maar afsluiter I Love My Life heeft van alles teveel, ontspoort en zorgt ervoor dat je het album liefst voor het einde al afzet.

Er zijn dus best wel gemengde gevoelens waar te nemen bij dit album. In zekere zin een comeback van de multi-getalenteerde artiest. Veel emotie en diepte maar ook veel geschreeuw en druktemakerij. En dan die belabberde geluidsregistratie terwijl zowat half Hollywood in je dure studio staat te zingen.

Zucht. Waarom toch? De opvolger Second Wind (1991) werd volgens hetzelfde live-concept opgenomen maar met meer discipline. Integraal interessante albums heeft de man, in mijn ogen, vervolgens niet meer gemaakt. De tragiek van te veel talent en te weinig richting.

avatar van Red Rooster
3,0
Als je de songs ontdoet van hun metalige en gecomprimeerde productie is het best een aardig album en zou dan zo maar 4 sterren kunnen krijgen met als hoogtepunt Fidelity dat mooie herinneringen ophaalt aan zijn beste werk met Utopia ('Oops').

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 21:48 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 21:48 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.