De langverwachte opvolger van Spirit is eindelijk daar, al heeft er wellicht maar een klein clubje lang op zitten wachten. Apse is hier en daar weggezet als post-rock, maar voor zover dat bij het oudere werk opging, bij Climb Up past dat etiket écht niet meer.
De band opererert nog steeds in een schemergebied tussen Dead Can Dance, the God Machine en Arcade Fire maar behouden tot alle invloeden voldoende afstand.
Was Spirit een plaat die tergend langzaam in mijn systeem is opgenomen, bij deze opvolger zou het net zo kunnen gaan. Met andere woorden : ik ben nog niet overtuigd.
Spirit liet zich als een lange wurgende trip in een fantastisch ruimtelijk geluidsbeeld beluisteren. Climb Up manifesteert zich in eerste instantie vooral als een verzameling goed geconstrueerde songs die in de CD shuffelaar prima tot hun recht zullen komen. Gebleven zijn de tribal ritmes en de bezwerende zang, maar de songs zijn veel puntiger en vaak voorzien van catchy elementen. Op de site las ik dat de heren op Climb Up het claustrofobisch karakter van voorgaand werk achter zich wilden laten en in dat (dag)licht kan ik alleen maar zeggen : missie geslaagd. Maar het is nu wel bijna popmuziek. Wellicht zit er met 3.1 zelfs een undergroundhit in, hij stampt in ieder geval lekker

.