‘Alas My Love’ was enkele jaren geleden een op z’n minst verrassend debuut voor deze Bram Vanparys, AKA The Bony King Of Nowhere. Een plaat die ik de laatste tijd weer wat meer placht te draaien, omdat hij recentelijk met een opvolger op de proppen is gekomen. ‘Eleonore’ heet die plaat, en ze gaat een beetje voort op het elan van het debuut, maar ergens ook weer niet. Waar ‘Alas My Love’ mistiger klonk, als gemaakt op de top van een besneeuwde berg, klinkt ‘Eleonore’ meer down to earth.
Een naam die met de stem van Vanparys geassocieerd wordt, is Thom Yorke. Nou, het lijkt er soms wel gevaarlijk op, maar qua sfeer maakt deze man toch geheel andere muziek. Meer in de trant van een Nick Drake, of (om het in België te zoeken) Isbells. Of Fleet Foxes, de naam die mij op sommige songs toch wel erg voor de geest springt. Zoals op opener ‘Sleeping Miners’. Die samenzang vraagt er natuurlijk wel om, en dat folky gitaarspel al helemaal. Mooie opener, zeker wel. ‘Girl From The Play’ zet het zangtalent van Vanparys in de verf, bijgestaan door spaarzaam getokkel op zowel gitaar als piano als drums. De zang is meeslepend en doet wat nostalgisch aan.
‘The Garden’ begint erg klein en lieflijk, met ingehouden zang. Tekstueel is het allemaal erg fraai, maar mis ik af en toe toch een randje, wat het nog interessanter zou kunnen maken. Wanneer Vanparys dan “Today I leave it all behind” zingt, rijzen de haren op mijn armen wel ten berge. ‘Going Home’ begint herkenbaar, ik heb de indruk dat ik al eerder een nummer heb beluisterd dat ongeveer zo begint, maar ik kan er niet meteen opkomen. Alles blijft spaarzaam, en dat komt ’s mans muziek misschien ook wel ten goede. Af en toe kan het wat saai worden, en dreig je de draad kwijt te spelen, maar dan is er toch weer zo’n flits die je doet ontwaken.
‘Hear Them Calling’ is ietwat zwieriger, zorgt voor wat leven in de brouwerij. Zowaar een bescheiden gitaarsolo (als ik het al zo mag noemen). Voor de rest vind ik het geen hoogvlieger, maar wel degelijk, zoals het merendeel op deze plaat. ‘The Poet’ vind ik wel erg mooi, niet alleen qua songstructuur, maar ook (en vooral) qua tekst. Het nummer heeft zijn titel niet gestolen, Vanparys toont zich bij vlagen een poëet. Zijn zang is ook enorm meeslepend op dit nummer, en ja, een beetje Thom Yorke-achtig, maar wat geeft het. Hij heeft voor mij genoeg eigen geluid, om het hem te vergeven.
De titelsong dan. De stem van Vanparys wordt prachtig bijgestaan door de backing vocals, erg lieflijk allemaal. Het meisje waarover hij het heeft, zal erg opgetogen zijn als zij weet dat dit voor haar bestemd is (en ik ga ervan uit dat Eleonore een soort schuilnaam is, die ook nog eens erg poëtisch klinkt, de warme ziel). “But will you stay, if I tell you, Eleonore; what you see is what you get, Eleonore?”. Erg fraai allemaal. Dit nummer herbergt ook weer een stuk dat erg aan Fleet Foxes doet denken. Op het einde, in de laatste minuut, met die samenzang en meteen daarna dat halfverloren gitaartje. Prachtig, je waant je op een moeras, en de sfeer van het debuut komt ook weer eventjes piepen.
Die sfeer zet zich deels door in het spookachtige ‘Some Are Fearful’. Vooral het refrein is begeesterend, dit is toch weer één van zijn sterkste songs. De song doet me een beetje denken aan dichte bossen waar de huilende wind heerst. Terwijl het eigenlijk, zoals heel de plaat, vrij ingetogen is, is er toch duidelijk dat verontrustende element in zijn muziek terug te horen. Het laatste nummer, ‘Mother’, duurt me wat te lang. Bovendien klinkt dat gitaargetokkel me wat te bekend, en ook niet bijster origineel in de oren. Wat niet wegneemt dat het lekker wegluistert, natuurlijk. Tekstueel levert het ook weer een boeiend verhaal op, en dat zou in de toekomst wel eens een steeds grotere troef kunnen worden van The Bony King Of Nowhere.
Een dik halfuur rustige folkmuziek, met mooie verhalen, meer moet dat soms niet zijn. Bram Vanparys zorgt ervoor onder zijn trouwens spitsvondige alter ego The Bony King Of Nowhere, en als het van hem afhangt, dan komt er dit jaar nog een derde plaat. In een interview met HUMO heeft hij meegegeven dat hij in 2013 al aan zijn vijfde of zesde plaat zou willen zitten, en niet aan zijn derde. Laten we het hopen!
3,5 sterren