MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Trees - The Garden of Jane Delawney (1970)

mijn stem
3,91 (39)
39 stemmen

Verenigd Koninkrijk
Folk / Rock
Label: BGO

  1. Nothing Special (4:29)
  2. The Great Silkie (5:11)
  3. The Garden of Jane Delawney (4:05)
  4. Lady Margaret (7:09)
  5. Glasgerion (5:15)
  6. She Moved Thro' the Fair (8:04)
  7. Road (4:33)
  8. Epitaph (3:24)
  9. Snail's Lament (4:39)
totale tijdsduur: 46:49
zoeken in:
avatar van willemmusic
4,0
Ondanks afschuwlijk lelijke, psychedelisch bedoelde hoes, folk van aparte klasse, zoals ze alleen in Engeland in de jaren '60-'70 maken konden. Klinkt soms als Sandy Denny met de bluesgroep Steamhammer. Als dit geen aanbeveling is....

avatar van Protonos
willemmusic schreef:
Ondanks afschuwlijk lelijke, psychedelisch bedoelde hoes, folk van aparte klasse, zoals ze alleen in Engeland in de jaren '60-'70 maken konden. Klinkt soms als Sandy Denny met de bluesgroep Steamhammer. Als dit geen aanbeveling is....


Lelijk? Ik vind hem juist wel mooi.

avatar van willemmusic
4,0
Tja , smaken verschillen...
Echter... afgaand op je top 10 kan ik een eind meegaan in je muzieksmaak, m'n beste.

Elke elektrische folkgroup wordt vergeleken met de Fairport Convention...
Die was baanbrekend en maakte een stoffige muziekstijl opeens weer hip.
En wees zo menige gitaarvirtuoos (daar liepen er in Engeland nogal veel van rond) de weg naar andere richtingen dan bluesrock of progrock, iets nieuws, folk waar je je muzikale ei in kwijt kon.
Met een rits interessante folkgroepen als gevolg.
Virtuoos vind ik niet alleen de solo- en slag-, maar ook de basgitarist, ze spelen ..eh, p-u-i-k !
Alleen de drummer is wat zwak en fantasieloos.
En die Celia Humphris kan echt hemels zingen, vooral in duet met zichzelf.
Zo, dat vind ik van de muziek.

De hoes van 'On the Shore' (van het beroemde Hipgnosis) vind ik wel erg mooi passen bij de muziek, anders dan de tweedimensionale 'rebus' van de groep ree, die hierboven staat.

Meer over deze groep en de onwaarschijnlijke carreer move van Celia :
Trees | De Wissel - wissel.radio6.nl

avatar van Droombolus
3,0
Ik zit via mijn Trembling Bells manie van vorig jaar weer wat meer in de folk-rock sferen en heb deze maar eens in de herwaardering gegooid. Gelijk een halfje erbij en nu een voldoende.

Deze is niet zo veel minder als On The Shore, de plaat waar ik eigenlijk altijd automaties naar grijp als in aan Trees denk. Het enige wat er onvoldoende aan is, is de lead zang van Bias Boshell op ( gelukkig maar ) een van de nummers. Die gaat echt zo ongelofeloos vals dat de vullingen bijna uit m'n kiezen springen.

avatar van WoNa
Vandaag is een box set verschenen van Trees met de twee LPs en veel extra's dat ook op een schijfje had gepast. Voor mij de kennismaking met de band en de muziek. Tot nu toe had ik heel weinig met de Britse folk van circa 1970. Meestal haak ik na een paar nummers af. Dat had ik bij mijn kennismaking er mee, midden jaren 70 en nu nog steeds.

Ik had geen idee wat te verwachten en dacht bij het eerste nummer: dat gaat niet lang duren. Dat deed het wel. Moeiteloos. Dat heeft een paar redenen, merkte ik. Ten eerste maakt Trees echt folk rock. Lead gitarist Barry Clark durft echt op pad te gaan. Ten tweede, de invloed van Jorma Kaukonen/Jefferson Airplane. Die is onmiskenbaar hoorbaar in het geluid van Clark en in de stijl waarop songs van Trees soms veranderen. Ten derde heeft de stem van Celia Humpris een paar intonaties en vermijdt zo het vaak drammerige van andere Britse folkzangeressen. Ten vierde, gekoppeld aan de Airplane, psychedelia is Trees niet vreemd. Ten vijfde, verweven de twee gitaren zich prachtig en weet de bassist ook heel vaak prachtige duiten in het zakje te doen. Door dit alles zit er een variatie in de muziek die ik mis bij de Britse folk bands uit die tijd (die ik ken).

Bias Bushell schreef een paar jaar later 'I've Got The Music In Me' voor de Kiki Dee Band. Toch een van de meest opwindende nummers uit 1974. Hij is de toetsenist die zo stoned uit zijn ogen kijkt op het live filmpje op You Tube. Veel later trad hij toe tot The Moody Blues. Qua zang van Boshell sluit ik me volledig aan bij Droombolus.

Dat terzijde. Voor mij is Trees een prachtige ontdekking, ook 50 jaar na dato.

Het bovenstaande is een bewerking van een post op WoNoBloG.

avatar van clayhill
5,0
O, ik heb mijn opmerkingen tav het verschijnen van deze prachtige box bij On the Shore geplaatst omdat ik die net iets mooier vind.

avatar van potjandosie
4,0
prima debuut album van de obscure (Londense) Engelse folk rock band Trees. de band werd in 1969 opgericht door bassist Bias Boshell en had er slechts een half jaar aan optredens op zitten, waarbij zij o.a. in Engeland toerden met Fleetwood Mac toen zij door David Howells getekend werden voor het CBS label, waarna de opnamen van dit album in maart 1970 plaats vonden.

4 traditionals (2,4,5,6) en 5 sterke nummers van Bias (Tobias) Boshell. het album opent met de stevige folk rock van "Nothing Special" met gierende gitaarsolo's van lead gitarist Barry Clarke. het rustige, akoestisch beginnende "The Great Silkie" transformeert halverwege naar psychedelische folk rock.

de wonderschone, weemoedige ballad "The Garden of Jane Delawney" (B. Boshell) en de traditionals "Lady Margaret" met op het eind wederom een geweldig op gitaar solerende Barry Clarke en "She Moved Thro' the Fair" laten meer traditionele folk horen met prachtige zang van Celia Humphris.

het aanstekelijke met handgeklap ingeleide "Glasgerion", de stevige rocker "Road" en het folky met akoestisch fingerpicking gitaarspel uitgevoerde "Epitaph" behoren eveneens tot de sterkhouders, waarna het rustige, ingetogen "Snail's Lament" met gedeelde mannelijke en vrouwelijke lead vocalen dit album fraai afsluit.

de cd-reissue uit 2008 bevat 4 bonus tracks, 2 demo's "She Moved Thro' the Fair" (1968) en "Pretty Polly" (1969) en 2 nummers van Bias Boshell "Black Widow" en "Little Black Cloud Suite" die destijds niet voor dit album werden opgenomen en alsnog in 2008 door de groep werden opgenomen minus drummer wijlen Unwin Brown.

van de groep die slechts 2 jaar bestond en 2 albums maakte, werd de opvolger "On the Shore" opgenomen in oktober 1970 al snel na dit debuut uitgebracht.

gezien de status van folk klassiekers uit dezelfde periode, zoals "Liege and Lief" (Fairport Convention), "Hark! The Village Wait" (Steeleye Span) en "Basket of Light" (Pentangle) kun je dit album gerust een semi-klassieker noemen, net als een album als "St. Radigunds" (Spirogyra).

Album werd geproduceerd door David Howells & Tony Cox
Recorded March 1970 at Sound Techniques, Chelsea, London

Barry Clarke: lead and acoustic guitars
Celia Humphris: vocals
Unwin Brown: drums
Bias Boshell: bass guitar, acoustic guitar, vocals
David Costa: acoustic & 12-string guitars

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 05:48 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 05:48 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.