Alexander McKenzie & the Underpaid, het klinkt misschien als een band van Amerikaanse of Britse bodem, maar het is Haags/Rotterdams gezelschap. Dit nieuwe album is de opvolger van het uit 2008 afkomstige Ribcage versus Unguided Missile. De groep bestaat uit de van origine Canadase zangeres Lori McKenzie en de Nederlanders Ingmar Spaaij en Evert Aarten. Dit nieuwe album werd op veel platforms al erg goed onthaald. Dat trok de aandacht van Opus de Soul, die het dus ook maar eens zijn gaan beluisteren.
Het album begint bij de titeltrack, een vrij saaie opener. Daarnaast werkt de vaak overslaande stem van de zangeres mij ietwat op de irritatie. Het zal wel haar stijl zijn, maar het niet mijn smaak. Houdt je hier wel van? Zeker luisteren dan dit nummer. Het daaropvolgende Lay Me Down is qua sfeer vast heel duister en intens bedoeld, maar dat is toch niet genoeg tot in de puntjes uitgewerkt om mij te pakken. Verder best een aardig nummer.
Sea Hunters is een prachtig, bijna lijzig gezongen nummer. Dat werkt erg goed. Het wordt alleen weer tegengewerkt door de irritante productie. Die zit mij teveel in de weg van de mooie zang. Laat de productie ondergeschikt zijn en laat de vocale kracht de hoofdrol nemen, maar dat is niet gedaan. Ook mooi is het rustige When Did I Turn. Behoord tot de besten van deze plaat. Iron Safe scharen we daar ook onder. De stem lijkt meer voor dit soort rustige nummers gemaakt te zijn.
Day Late Dollar Short is een aardig nummer, net als Dirty Feet, Bottomless Pit en afsluiter Alchemy Hier zitten nog een aantal nummers tussen (Slow Bird en Oxygen) die best wel saai zijn.
Het album hobbelt bergje op en bergje af. Zo is de kwaliteit goed, zo wordt het wat saai. Er zit in ieder geval weinig evenwicht in. Dat er iets in zit dat zeker te horen. Misschien op het volgende album dit er ook volledig en constant uit krijgen.