MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Thin Lizzy - Shades of a Blue Orphanage (1972)

mijn stem
2,79 (61)
61 stemmen

Ierland
Rock
Label: Decca

  1. The Rise and Dear Demise of the Funky Nomadic Tribes (7:09)
  2. Buffalo Gal (5:30)
  3. I Don't Want to Forget How to Jive (1:46)
  4. Sarah (2:59)
  5. Brought Down (4:19)
  6. Baby Face (3:27)
  7. Chatting Today (4:17)
  8. Call the Police (3:38)
  9. Shades Of A Blue Orphanage (7:08)
  10. Whiskey in the Jar * (5:45)
  11. Black Boys on the Corner * (3:24)
toon 2 bonustracks
totale tijdsduur: 40:13 (49:22)
zoeken in:
avatar van Lonesome Crow
2,0
Misschien wel de minst toegankelijke Thin Lizzy plaat, en de hoes nodigt ook al niet uit om te kopen.
Een klein jaar na hun redelijk debuut kwam de opvolger uit en het is een vreemd samenraapsel van nummers geworden.

"The Rise and Dear Demise of the Funky Nomadic Tribes" begint wel tof, alleen drums en percussie met een gitaar die invalt.
Phil Lynott die heel relaxt op een pratende toon zingt en een semi akoustische begeleiding.
Wat opvalt is hoe slordig Eric Bell eigenlijk zijn gitaarpartijen soms speelt, soms tegen het valse aan !
Met dit soort muziek en in die tijd kom je er nog mee weg maar gezegd moet worden dat de matige productie ook niet echt meehelpt.
"Buffalo Gal" klinkt erg vrijblijvend met rare intermezzo's en instrumenten die puur voor zichzelf spelen zonder erg veel op de rest te letten.
Desondanks klinkt het wel aardig, moeilijk om dit nummer te omschrijven.

De prijs voor het meest flauwste Thin Lizzy nummer gaat ongetwijfeld naar "I Don't Want to Forget How to Jive".
Phil die als Elvis zingt in wat klinkt als een parodie op een feesten,bruiloften,partijen,verjaardag en jubelea bandje.
"Sarah (Version 1)" is akoustisch en nogal saai, nogal slecht uitgewerkt zullen we maar zeggen.
Geldt ook voor het navolgende "Brought Down" wat in principe een goede song had kunnen zijn.
Nogmaals de sfeer en tijdsgeest (1972) redt dit nummer enigzins.

"Baby Face" hakt er op los, klinkt een beetje als garagerock en wat een slechte gitaarinvulling van Eric Bell (soms tenenkrommend vals).
Wel afwisselend om het in een soort spaanse gitaarbegeleiding achtige "Chatting Today" op te nemen, je denkt steeds wanneer het nummer echt begint.
Wel, "Call the Police" begint meteen stevig en lijkt een vrij normaal nummer als na 2 minuten weer een belachelijk intermezzo volgt.

Met behulp van ene Clodagh Simonds op harpsichord & mellotron is het titelnummer opgenomen.
Zo klinkt het dus als een gedicht wordt voorgedragen met vrijblijvende minimale begeleiding.

Thin Lizzy was achteraf ook niet te spreken over dit album, ze hadden voor de verkeerde studio gekozen en hadden ook te weinig tijd om goede nummers te schrijven.
Maar dan nog, dit album klinkt echt alsof de band met een 8 sporen recordertje in een kelder wat demo nummers voor zichzelf heeft opgenomen.
Omdat je weet dat ze later fantastische muziek gaan maken is dit wel leuk om te hebben uit curiositeit, dat wel.

avatar van RuudC
1,5
Oef! De gifbeker is nog niet leeg! Aangezien Thin Lizzy nog altijd een veelgeroemde band is, hoopte ik dat het wankele debuut een eenmalige misser was, maar het vervolg duikt dieper de stront in. De muzikanten werken nu wel samen. Dat is het enige echt positieve punt dat ik kan bedenken. Verder zijn de eerste twee songs niet vervelend, maar na het Elvis achtige I Don't Want to Forget How to Jive, wil ik deze plaat het liefst zo snel mogelijk vergeten. Was het debuut onsamenhangend doordat de bandleden hun eigen ding doen. Hier weten ze niet welk genre ze moeten spelen. Een paar songs zijn slechts suffe rock, maar ik hoop nog wel meer zooi voorbij komen. Call The Police is dramatisch gezongen en de afsluitende titeltrack laat horen dat psychedelische rock de band ook niet past.


Tussenstand:
1. Thin Lizzy
2. Shades Of A Blue Orphanage

avatar van lennert
1,5
Op basis van de eerste twee platen is het me echt een raadsel dat Thin Lizzy nog de kans op een derde plaat heeft gekregen. Net als het debuut is Shades Of A Blue Orphanage chaotisch, saai en bij vlagen echt verschrikkelijk slecht gespeeld. Minder blues, meer psychedelica, maar het is nergens interessant of zelfs maar redelijk te noemen. Waar het debuut twee aardige nummers had, is er hier echt niets dat me bij is gebleven. Tevens ook belabberd slecht artwork.

Voorlopige tussenstand:
1. Thin Lizzy
2. Shades Of A Blue Orphanage

avatar van Kondoro0614
1,5
Vrij saaie plaat van de heren. Ik ben ook niet overtuigd van deze Thin Lizzy plaat en ik had het allemaal toch wel wat harder verwacht. Ontzettend traag en rustig album wat mij toch wel een beetje deed vervelen. Vooral de eerste twee album zijn om te janken, dat 'Buffalo Gal' was echt een verschrikking om uit te zitten. Nee, echt niet overtuigd van dit album, het beste nummer vond ik het bonusnummer 'Whiskey in the Jar' die tenminste nog een beetje weg wist te rocken en goed klonk, de rest kan van mij part wel aan de kant geschoven worden en ben ik niet van plan nog snel op te gaan luisteren!

Voorlopige tussenstand:
1. Thin Lizzy
2. Shades Of A Blue Orphanage

avatar van RonaldjK
2,5
Zelfs degenen die de beginjaren van Thin Lizzy met Eric Bell waarderen, zijn het erover eens dat hun tweede werpsel Shades of a Blue Orphanage de minste van de drie is. Zoals Sir Spamalot het hierboven zo fraai verwoordt: “Laatavondplaat”.

Hun debuutplaat was eind 1971 tot beste album van dat jaar verklaard door dj Kid Jensen van Radio Luxembourg. In januari 1972 ging de band de studio in voor de opvolger, die van platenmaatschappij Decca bovendien een klaphoes kreeg. Producer was Martin Birch, bekend van zijn werk met Deep Purple. De gitarist van die groep, Ritchie Blackmore, probeerde tijdens de opnamen of hij zanger/bassist Phil Lynott kon wegkapen voor een nieuw project. Diens basspel was in die dagen echter nog te pover, waardoor het de beroemdheid uiteindelijk toch geen goed idee leek.

Op de opener na schreef Lynott alle nummers in zijn eentje. Deze hebben vaak een akoestische basis en in dit geval komt dat de bandversies niet ten goede. Het kabbelt teveel.
Met het tomsintro van opener The Rise and Dear Demise of the Funky Nomadic Tribes (de titel…) verwacht je een stevig rockende track, maar nergens komt het liedje los. Niet onaardig, evenmin pakkend. Buffalo Gal bezingt Lynotts lief, of is het een cowboylied? Met zijn aparte ritme een lekkere song.
Energie ontbreekt al helemaal op de andere songs op de A-kant. Vooral op de Elvisode I Don’t Want to Forget how to Jive en de ballade Sarah. Die laatste track is opnieuw een ode, nu aan Lynotts grootmoeder, degene die hem opvoedde tijdens zijn jeugdjaren in Dublin. Op zich een bescheiden pareltje, maar eentje die had moeten profiteren van luide tracks rondom.

Op de B-kant wordt dan eindelijk stevig gerockt: Baby Face mag er zijn. Maar dan volgt Chatting Today, een vrolijk akoestisch liedje dat thuishoort in een folkclub. Lekker met je kopje groen thee (of glas wijn met kaas) naar een singer-songwriter luisteren? Dat is niet waar deze Lizzyfan voor kwam, al begint het niet onaardig. Call the Police is dan weer steviger, maar de dikke zeven mellotronminuten van de trage, poëtische titelsong doen de plaat definitief doodbloeden.

De vurig gehoopte doorbraak bleef dan ook uit. Als de band in november 1972 op tournee gaat als voorprogramma van de dan immens populaire glamrockband Slade, laait de hoop echter op. Zeker als non-albumsingle Whisky in the Jar vanaf januari '73 een internationale hit wordt.
In de biografieën Philip Lynott the Rocker (1994) en Cowboy Song (2016) wordt de tournee het keerpunt genoemd. Na slechts drie nummers te hebben gespeeld druipt men af naar de kleedkamer, geschrokken van de afkeurende reacties van het publiek tijdens die eerste show in Newcastle. Tourmanager Chas Chandler, van Hendrixfaam, stormde de kleedkamer binnen en gaf een verbale aframmeling: ‘Jullie zijn hier om het publiek wakker te maken, niet om het in slaap te brengen!’
Deze alarmbel zou de aanzet zijn voor de steviger muzikale koers die de band prompt ging varen, waarbij Lynott stapsgewijs zou leren hoe te groeien als frontman.

In 2010 verscheen een cd-editie met maar liefst negen bonustracks. Hierop is single Black Boys on the Corner / Whisky in the Jar te vinden; de B-kant werd de A-zijde, een kortstondige populariteit van de groep brengend.
Van Buffalo Gal, Sarah en Brought Down vinden we de bijgewerkte versies uit 1978, van een vers laagje gitaren en/of toetsen voorzien door Gary Moore en Midge Ure; oorspronkelijk te vinden op deze boeiende meer-dan-slechts-een-compilatie. Daar profiteert vooral Brought Down van, dat in de remix met de nieuwe gitaarpartijen van Moore lekker knalt.
Tenslotte horen we de vier tracks die in november ‘72 bij BBC’s John Peel werden opgenomen. De titelsong van Saga duurt ruim drie minuten, wat geschikter is voor dit rustige liedje. Ook komen we een vroege versie van Suicide tegen, hier met gitarist Eric Bell op slidegitaar. Voor mij net zo lekker als de latere versie met de gitaristen Gorham en Robertson! Op Whisky in the Jar klinkt Lynott heser dan ik hem ooit hoorde.

De dromer-dichter Philip Lynott zou de daaropvolgende jaren ruimte moeten laten aan de rocker Phil. Dankzij de extra’s kom ik nog op 2,5 ster, maar ook in mijn visie de minste plaat die Lizzy maakte.

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 16:24 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 16:24 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.