New wave in 1980. Op mijn afspeellijst staat onder meer mijn vorige halte
Machiavel met hun vierde album genaamd
New Lines dat wordt vertegenwoordigd met
Fly, waarna
Computerstaat van Abwärts komt en dan titelnummer
Precious Time van deze tweede van Jo Lemaire + Flouze.
Die klinkt anders dan hun
debuut. Gitaren zijn minder prominent, net als de saxofoon. In plaats daarvan een wat koelere sfeer, minder uitbundig, wat wordt benadrukt door een grotere invloed voor toetsen en synthesizers plus de vaak slappende bas van Ferdinand Philippot. Maar nog altijd hartstikke new wave.
Dat werkt goed in opener
Precious Time, alsof we hier al dat fijne bandje Altered Images horen. Maar die debuteerden het jaar erna.
The Happy Song is meer van de funk, het felle
The Code drijft op een bijtende gitaar. Het kalmere
Hands and Words pakt minder,
Till the Fall sluit echter sterk én onderkoeld af dankzij toetsen en cleane gitaar.
Bij de zang van Jo Lemaire en de muziek van Flouze in
Freudian Slips denk ik aan het vroege werk van The Pretenders,
Far Cry heeft weer een aangename koele sfeer om wat heftiger in Siouxsiesfeer te eindigen. Twee vergelijkingen in één zin, tegelijkertijd benadruk ik de eigen plek van Lemaire en haar Flouzemannen.
Punkachtig gitaarwerk en een stuiterende saxofoon in
Family Cell, pop in
No Tears Allowed met scheurende gitaar in het refrein. Dankzij het midtempo
Wake Up keert ten slotte funk terug met veel slappende basgitaar.
Alles bij elkaar is dit een album dat nog altijd fris en gevarieerd klinkt. Volgende halte in het land van new wave is van het eveneens Belgische
Scooter. Nee, níet de Duitse happy hardcore-act!